Wilt u een klacht indienen tegen een instelling of orgaan van de EU?
- NL Nederlands
Machinevertalingen kunnen fouten bevatten die de duidelijkheid en nauwkeurigheid van de informatie kunnen schaden; de Ombudsman kan niet aansprakelijk worden gehouden voor eventuele afwijkingen. Voor de grootste mate van betrouwbaarheid en rechtszekerheid wordt verwezen naar de bronversie in het Engels (klik op de link hierboven).
Meer informatie vindt u in ons taal- en vertaalbeleid.
Besluit van de Europese Ombudsman tot afsluiting van zijn onderzoek op eigen initiatief OI/11/2012/ANA betreffende het Europees Agentschap voor netwerk- en informatiebeveiliging (ENISA)
Besluiten
Zaak OI/11/2012/ANA - Geopend op Donderdag | 05 juli 2012 - Besluit over Donderdag | 20 juni 2013 - Betrokken instelling Agentschap van de Europese Unie voor cyberbeveiliging ( Opgelost door de instelling )
In het kader van zijn programma van bezoeken aan de EU-agentschappen bracht de Ombudsman op 19 juli 2012 een bezoek aan het Agentschap voor netwerk- en informatiebeveiliging (Enisa). Na het bezoek stuurde hij een verslag naar Enisa, waarin hij de volgende suggesties deed: a) Enisa zou zich kunnen inzetten voor de beginselen van de Europese code van goed administratief gedrag (ECGAB) door op zijn website een link naar de ECGAB te plaatsen; b) Enisa zou kunnen overwegen om i) een speciale pagina op zijn website te plaatsen met de regels die van toepassing zijn op verzoeken om toegang tot documenten en de verantwoordelijke contactpersoon, ii) jaarlijks een verslag op te stellen over de behandeling van verzoeken om toegang van het publiek tot documenten, en iii) een openbaar register van zijn documenten op te zetten; c) Enisa zou kunnen overwegen om ten minste de homepage van zijn website beschikbaar te stellen in alle 23 talen van het Verdrag, evenals informatie over zijn functies en taalbeleid; d) Om de informatie die aan kandidaten in selectie- en aanwervingsprocedures wordt verstrekt, verder te verbeteren, zou Enisa kandidaten kunnen informeren over hun rechten om een ongunstig besluit aan te vechten; e) Enisa zou zijn standpunt met betrekking tot de bekendmaking van de namen van juryleden kunnen heroverwegen; f) Enisa zou ervoor kunnen zorgen dat al zijn personeelsleden op de hoogte zijn van de beginselen van openbare dienstverlening voor EU-ambtenaren en dat het zou kunnen overwegen de beginselen van openbare dienstverlening op zijn website beschikbaar te stellen; g) Enisa zou de in zijn oprichtingsverordening uiteengezette concrete maatregelen inzake belangenconflicten kunnen nemen om aan zijn wettelijke verplichtingen te voldoen; h) Enisa zou kunnen overwegen het personeel te informeren over de door het Statuut geboden mogelijkheid om het mogelijke bestaan van illegale activiteiten eerst intern te melden.
Op 31 januari 2013 heeft Enisa haar vervolgantwoord toegezonden. In zijn antwoord gaf Enisa een overzicht van de maatregelen die zijn genomen om de suggesties van de Ombudsman uit te voeren.
De Ombudsman concludeerde dat Enisa blijk gaf van een constructieve aanpak en bereidheid om zijn suggesties na zijn bezoek aan het Agentschap uit te voeren. In het licht van de positieve reactie van Enisa op zijn suggesties heeft de Ombudsman zijn onderzoek afgesloten.
De achtergrond van het onderzoek
1. Met het oog op het identificeren en verspreiden van beste praktijken die door EU-agentschappen worden gebruikt in hun betrekkingen met burgers, heeft de Ombudsman in mei 2011 een programma van bezoeken aan dergelijke agentschappen gelanceerd. Het bezoek in het kader van dit initiatiefonderzoek vond plaats op 19 juli 2012. Tijdens zijn ontmoeting met de uitvoerend directeur van Enisa en de betrokken personeelsleden van Enisa heeft de Ombudsman verduidelijkt dat dergelijke bezoeken formeel worden uitgevoerd op basis van zijn bevoegdheid om op eigen initiatief onderzoeken uit te voeren. Een onderzoek op eigen initiatief houdt onder meer in dat de gebruikelijke procedurele waarborgen met betrekking tot dergelijke onderzoeken van toepassing zijn. Deze omvatten het recht van het Agentschap, zoals bedoeld in de artikelen 5.1, 5.2 en 14.2 van de uitvoeringsbepalingen van de Ombudsman [1], om de Europese Ombudsman te verzoeken informatie en documenten vertrouwelijk te behandelen.
2. Enisa is opgericht bij Verordening (EG) nr. 460/2004 (hierna "de oprichtingsverordening van Enisa" genoemd)[2], laatstelijk gewijzigd bij Verordening (EU) nr. 580/2011 [3]. Op basis van zijn oprichtingsverordening heeft Enisa tot doel een hoog en doeltreffend niveau van netwerk- en informatiebeveiliging te waarborgen en een cultuur van netwerk- en informatiebeveiliging in de Europese Unie te ontwikkelen ten behoeve van EU-burgers, consumenten, ondernemingen en overheidsorganisaties, en aldus bij te dragen tot de goede werking van de interne markt. Enisa dient de volgende doelstellingen: i) het vermogen van de Unie, de lidstaten en, als gevolg daarvan, het bedrijfsleven om problemen op het gebied van netwerk- en informatiebeveiliging te voorkomen, aan te pakken en erop te reageren, ii) bijstand te verlenen en advies te verstrekken aan de Commissie en de lidstaten over kwesties in verband met netwerk- en informatiebeveiliging die onder haar bevoegdheden vallen, iii) een hoog niveau van deskundigheid te ontwikkelen en deze deskundigheid te gebruiken om brede samenwerking tussen actoren uit de publieke en private sector te stimuleren, en iv) de Commissie bij te staan, waar nodig, bij de technische voorbereidende werkzaamheden voor de actualisering en ontwikkeling van de wetgeving van de Unie op het gebied van netwerk- en informatiebeveiliging. Enisa is gevestigd in Heraklion, Griekenland.
3. De Ombudsman toonde zich bijzonder geïnteresseerd in de voorbeelden van beste praktijken van Enisa die mogelijk door de verschillende EU-agentschappen kunnen worden gedeeld. Tijdens het bezoek van de Ombudsman hebben de uitvoerend directeur van Enisa en de betrokken personeelsleden van Enisa de Ombudsman gedetailleerde informatie verstrekt over Enisa, zijn missie en organisatie, en presentaties gegeven om de vragen te beantwoorden die de Ombudsman had gesteld in zijn brief tot inleiding van zijn onderzoek op eigen initiatief. Elke presentatie werd gevolgd door een discussie en een vraag- en antwoordsessie. Een kopie van de presentatie en ondersteunende documenten werd ook aan de Ombudsman verstrekt.
Onderwerp van het onderzoek
4. De bijeenkomst met de uitvoerend directeur van Enisa en de betrokken personeelsleden van Enisa was gericht op de volgende onderwerpen:
- de eerste contacten van Enisa met het publiek;
- transparantie, dialoog en verantwoordingsplicht;
- Selectie en werving;
- Inschrijvingen en contracten;
- Ethische kwesties.
Het onderzoek
5. Op basis van de informatie die hij ter gelegenheid van zijn bezoek van 19 juli 2012 heeft ontvangen, heeft de Ombudsman een verslag opgesteld waarin hij een aantal bevindingen heeft gedaan. Dit verslag is beschikbaar op de website van de Ombudsman [4].
6. In zijn verslag vatte de Ombudsman zijn suggesties als volgt samen:
a) Enisa zou zijn inzet voor de beginselen van de Europese code van goed administratief gedrag ("ECGAB") zichtbaarder kunnen maken voor de burgers van de Unie door op zijn website een link naar de ECGAB te plaatsen.
b) In afwachting van de vaststelling van bepalingen ter uitvoering van Verordening (EG) nr. 1049/2001 zou Enisa kunnen overwegen a) op zijn website een speciale pagina op te stellen met de regels die van toepassing zijn op verzoeken om toegang tot documenten en de verantwoordelijke contactpersoon, b) een jaarverslag op te stellen over de behandeling van verzoeken om toegang van het publiek tot documenten, en c) een openbaar register van zijn documenten op te zetten.
c) Enisa zou kunnen overwegen om ten minste de startpagina van zijn website en informatie over zijn functies en taalbeleid in alle 23 talen van het Verdrag beschikbaar te stellen.
d) Met het oog op een verdere verbetering van de informatie die bij selectie- en aanwervingsprocedures aan kandidaten wordt verstrekt, kan Enisa kandidaten informeren over hun rechten om een ongunstig besluit aan te vechten.
e) Enisa zou zijn standpunt met betrekking tot de bekendmaking van de namen van de juryleden [5] kunnen heroverwegen.
f) Enisa zou ervoor kunnen zorgen dat al zijn personeelsleden worden geïnformeerd over de beginselen van openbare dienstverlening voor EU-ambtenaren. Zij zou kunnen overwegen de beginselen van de openbare dienst op haar website beschikbaar te stellen. Op die manier zouden de burgers ervan in kennis worden gesteld dat zij deze beginselen onderschrijven.
g) Enisa zou de in zijn oprichtingsverordening uiteengezette concrete maatregelen inzake belangenconflicten kunnen vaststellen om aan zijn wettelijke verplichtingen te voldoen. In dit verband zou Enisa modellen kunnen ontwikkelen voor de belangenverklaringen van de uitvoerend directeur en gedetacheerde nationale deskundigen en ervoor kunnen zorgen dat deze belangenverklaringen op zijn website beschikbaar worden gesteld.
h) Enisa zou kunnen overwegen het personeel te informeren over de door het Statuut geboden mogelijkheid om het mogelijke bestaan van illegale activiteiten eerst intern te melden.
De follow-up door Enisa van de suggesties van de Ombudsman
7. Op 31 januari 2013 beantwoordde de uitvoerend directeur van Enisa de suggesties van de Ombudsman. Deze brief is ook beschikbaar op de website van de Ombudsman [6].
8. In het begin erkende de uitvoerend directeur van Enisa de behulpzaamheid van het bezoek en de discussies die hebben plaatsgevonden en die als leidraad hebben gediend om de werkpraktijken van Enisa te verbeteren. De uitvoerend directeur van Enisa onderstreepte zijn waardering voor de geest van het bezoek van de Ombudsman "die door Enisa niet werd gezien als een manier voor een derde instelling om eenvoudigweg haar bevoegdheden ten aanzien van het Agentschap uit te oefenen of te berispen, maar als een eerste stap in de richting van een vruchtbaar partnerschap met het oog op de toepassing van de beginselen van openbare diensten in het dagelijks leven van een nog jong agentschap". De uitvoerend directeur van Enisa erkende voorts dat het bezoek van de Ombudsman het personeel bewuster maakte van de taken van de ambtenaren van de Europese Unie en van de vele implicaties die uit hun status voortvloeien, en verklaarde dat hij vastbesloten was de onafhankelijkheid van het Agentschap en de naleving van de beginselen van openbare dienstverlening te waarborgen.
9. De uitvoerend directeur van Enisa merkte op dat deze verklaringen echter nietig zouden blijven als ze niet doeltreffend en zichtbaar zouden worden gehandhaafd. In dit verband gaf hij verder commentaar op de concrete maatregelen die zijn genomen om de suggesties van de Ombudsman uit te voeren in de volgende analyse.
Analyse en conclusies van de Ombudsman
Opmerking vooraf
10. In de volgende analyse zal de Ombudsman de antwoorden van Enisa op zijn suggesties één voor één onderzoeken.
A. Voorstellen dat Enisa zijn inzet voor de beginselen van de ECGAB zichtbaarder kan maken voor de burgers van de Unie door op zijn website een link naar de ECGAB te plaatsen
Antwoord van Enisa
11. Enisa heeft uitgelegd dat de Europese code van goed administratief gedrag nu beschikbaar is op zijn website [7].
Beoordeling door de Ombudsman
12. De Ombudsman merkt op dat het gedeelte "Procedures en beleid" op de website van Enisa begint met de volgende verklaring: "Enisa is vastbesloten om als een open en transparante organisatie op te treden. Om burgers en andere belanghebbenden te helpen begrijpen hoe het Agentschap wordt beheerd en ter verantwoording wordt geroepen, publiceert Enisa een reeks documenten en andere relevante informatie op zijn website." De website van Enisa bevat ook een korte verklaring over de rol van de ECGAB als "de basisbeginselen voor het personeel van het Agentschap om hun betrekkingen met het publiek te sturen", een samenvatting van deze beginselen en een link naar de ECGAB vanaf de website van de Europese Ombudsman [8]. In het licht hiervan is de Ombudsman van mening dat Enisa duidelijk zijn gehechtheid aan de beginselen van de ECGAB zichtbaarder heeft gemaakt voor EU-burgers en dus volledig aan zijn voorstel heeft voldaan.
B. Voorstel dat Enisa zou kunnen overwegen a) een speciale pagina op zijn website op te stellen met de regels die van toepassing zijn op verzoeken om toegang tot documenten en de verantwoordelijke contactpersoon, b) een jaarverslag op te stellen over de behandeling van verzoeken om toegang van het publiek tot documenten, en c) een openbaar register van zijn documenten op te zetten
Antwoord van Enisa
13. Om te beginnen deelde Enisa de Ombudsman mee dat de raad van bestuur van Enisa op 9 oktober 2012 de uitvoeringsvoorschriften van Verordening (EG) nr. 1049/2001 inzake de toegang van het publiek tot documenten (hierna "uitvoeringsvoorschriften inzake de toegang tot documenten"genoemd) [9] heeft vastgesteld. Wat deel a) van het voorstel van de Ombudsman betreft, wees Enisa op een speciale pagina op zijn website [10] en deelde het de Ombudsman mee dat artikel 7 van zijn uitvoeringsvoorschriften inzake toegang tot documenten voorziet in een e-mailadres waarnaar verzoeken om toegang tot documenten moeten worden verzonden. Wat deel b) van dit voorstel betreft, heeft Enisa de Ombudsman meegedeeld dat het zich ertoe zal verbinden in 2013 voor het eerst een dergelijk jaarverslag op te stellen. Wat deel c) van dit voorstel betreft, vestigde Enisa de aandacht van de Ombudsman op artikel 7 van de uitvoeringsvoorschriften van Enisa inzake toegang tot documenten en legde het uit dat het openbaar register nog moet worden ingevoerd en uiterlijk eind april 2013 toegankelijk moet zijn op de website van het Agentschap.
Beoordeling door de Ombudsman
14. De Ombudsman is ingenomen met het feit dat de raad van bestuur van Enisa uitvoeringsvoorschriften inzake de toegang tot documenten heeft vastgesteld en dat Enisa een deel van zijn website wijdt aan kwesties in verband met de toegang tot documenten. Wat deel a) van zijn suggestie betreft, stelt de Ombudsman met genoegen vast dat er een speciale pagina is gecreëerd met links naar zowel Verordening 1049/2001 als de uitvoeringsvoorschriften van Enisa inzake toegang tot documenten, en dat Enisa zich ertoe heeft verbonden burgers een functioneel e-mailadres te verstrekken om toegang te krijgen tot verzoeken om documenten. Wat deel b) van zijn suggestie betreft, is de Ombudsman ingenomen met de toezegging van Enisa om in 2013 een jaarverslag over de toegang tot documenten op te stellen. Wat deel c) van zijn suggestie betreft, stelt de Ombudsman met genoegen vast dat Enisa zich ertoe heeft verbonden een openbaar register op te zetten. Hoewel Enisa in april 2013 niet in staat was dit register beschikbaar te stellen, zoals gepland, heeft de Ombudsman geen reden om eraan te twijfelen dat het openbaar register in de nabije toekomst beschikbaar zal zijn. De Ombudsman verwacht dat Enisa hem op de hoogte zal brengen zodra het register is opgezet.
C. Voorstel dat Enisa zou kunnen overwegen om ten minste de homepage van zijn website beschikbaar te stellen in alle 23 talen van het Verdrag, evenals informatie over zijn functies en taalbeleid
Antwoord van Enisa
15. In zijn antwoord deelde Enisa de Ombudsman mee dat het, na de volledige vernieuwing van zijn website in 2012, van plan is de startpagina van de ingang in alle officiële talen te vertalen. Enisa heeft de Ombudsman meegedeeld dat deze taak in 2013 moet zijn voltooid.
Beoordeling door de Ombudsman
16. Zoals vermeld in punt 25 van zijn verslag [11] is de Ombudsman van mening dat het Enisa, door burgers die de website in hun eigen taal bezoeken te begroeten en hun de functies ervan uit te leggen, duidelijk zou aantonen dat het erkent dat alle burgers van de Europese Unie een rechtmatig belang hebben bij zijn werkzaamheden. De Ombudsman is derhalve ingenomen met de toezegging van Enisa om de startpagina van zijn website in alle talen van het Verdrag beschikbaar te stellen.
D. Voorstel dat Enisa kandidaten in selectie- en aanwervingsprocedures in kennis zou kunnen stellen van hun rechten om een ongunstig besluit aan te vechten
Antwoord van Enisa
17. In zijn antwoord verklaarde Enisa dat het model voor kennisgevingen van vacatures is gewijzigd zoals voorgesteld door de Ombudsman en nu verwijst naar alle mogelijke rechtsmiddelen, met inbegrip van de Europese Ombudsman. Enisa heeft het model bijgevoegd dat in de laatste kennisgeving van vacature is gebruikt.
Beoordeling door de Ombudsman
18. De Ombudsman juicht het toe dat Enisa zijn voorstel volledig heeft uitgevoerd door het model voor de kennisgeving van vacature te wijzigen.
E. Voorstellen dat Enisa zijn standpunt met betrekking tot de bekendmaking van de namen van juryleden zou kunnen heroverwegen
Antwoord van Enisa
19. In zijn antwoord wees Enisa erop dat het, naar aanleiding van de discussie met de Europese Ombudsman, voornemens is de namen van de juryleden bekend te maken in de brief waarin kandidaten worden uitgenodigd voor een gesprek. Deze brief zou een zin bevatten waarin duidelijk wordt gesteld dat elke poging om contact op te nemen met de juryleden zou leiden tot uitsluiting van de kandidaat van de procedure.
20. Daarnaast heeft Enisa de Ombudsman om advies gevraagd over de praktische modaliteiten voor de uitvoering van deze praktijk. Meer in het algemeen stelde Enisa voor dat de Ombudsman een debat tussen de instellingen op gang zou brengen in een passend forum om deze delicate kwestie aan te pakken. Enisa was van mening dat een gemeenschappelijke aanpak van deze kwestie moet worden gevolgd en op uniforme wijze moet worden toegepast op de EU-instellingen.
Beoordeling door de Ombudsman
21. De Ombudsman acht het passend te herhalen dat, zoals vermeld in punt 33 van zijn verslag [12], de bekendmaking van de namen van juryleden aan kandidaten in aanwervingsprocedures in overeenstemming is met de jurisprudentie van het Hof van Justitie ter zake. In dit verband prijst hij de bereidheid van Enisa om positief en constructief op zijn suggestie te reageren en zijn voornemen om de modaliteiten voor de uitvoering van zijn suggestie zodanig aan te passen dat de kandidaten in kennis kunnen worden gesteld van de namen van de juryleden en van de gevolgen die elke poging om contact met hen op te nemen met zich mee zal brengen.
22. De Ombudsman waardeert ook zowel het verzoek van Enisa om richtsnoeren over de beste aanpak die moet worden gevolgd als zijn voorstel voor een breder debat over de openbaarmaking van de namen van juryleden. De Ombudsman merkt op dat deze kwestie een aantal vragen heeft opgeroepen in het kader van zijn bezoeken aan verschillende agentschappen en dat sommige agentschappen hem om advies hebben gevraagd. In overeenstemming met zijn doel om goede praktijken in kaart te brengen en te verspreiden, zal de Ombudsman daarom op eigen initiatief een onderzoek instellen naar de openbaarmaking van de namen van juryleden door EU-agentschappen. De Ombudsman verwacht dat dit onderzoek op eigen initiatief zal dienen als het meest geschikte forum voor de vaststelling en uitwisseling van beste praktijken tussen de EU-agentschappen.
F. Voorstel dat Enisa ervoor zou kunnen zorgen dat al zijn personeelsleden op de hoogte worden gebracht van de beginselen van de openbare dienst voor EU-ambtenaren en dat het zou kunnen overwegen de beginselen van de openbare dienst op zijn website beschikbaar te stellen
Antwoord van Enisa
23. Enisa heeft de Ombudsman ervan in kennis gesteld dat de beginselen van de openbare dienst beschikbaar zijn in een specifiek deel dat voor dat doel is opgezet op zijn website [13].
Beoordeling door de Ombudsman
24. Het verheugt de Ombudsman dat ENISA in het desbetreffende deel van zijn website een korte beschrijving geeft van de beginselen van de openbare dienst en een link naar de website van de Ombudsman. De Ombudsman is van mening dat het Enisa, door op deze manier op zijn suggestie te reageren, de burgers ervan in kennis stelt dat het de beginselen van de openbare dienst onderschrijft. De Ombudsman is derhalve van mening dat Enisa dit voorstel ten uitvoer heeft gelegd.
G. Voorstel dat Enisa de in zijn oprichtingsverordening uiteengezette concrete maatregelen inzake belangenconflicten zou kunnen vaststellen om aan zijn wettelijke verplichtingen te voldoen
Antwoord van Enisa
25. In het kader van het bezoek had Enisa zich al bereid verklaard om modellen voor de belangenverklaringen van de uitvoerend directeur en gedetacheerde nationale deskundigen te ontwikkelen en ervoor te zorgen dat deze belangenverklaringen op zijn website beschikbaar worden gesteld. Enisa heeft deze kwestie in haar repliek niet uitdrukkelijk nader behandeld. Toen de diensten van de Ombudsman hierover contact opnamen met Enisa, werden zij ervan in kennis gesteld dat het weglaten van een specifieke opmerking over deze suggestie in het antwoord van Enisa te wijten was aan toezicht. Het Enisa wees in ieder geval op zijn website, die in de nasleep van het bezoek van de Ombudsman is vernieuwd en een afdeling bevat met als titel "Verklaring van belangen"[14]. Het DoI van de uitvoerend directeur van Enisa is daar beschikbaar.
Beoordeling door de Ombudsman
26. De Ombudsman merkt op dat het desbetreffende gedeelte op de website van Enisa een inleidende verklaring bevat waarin het belang wordt onderstreept dat Enisa hecht aan onafhankelijkheid als kernwaarde van het Agentschap. Voorts bevat het een overzicht van het beleid van Enisa inzake belangenconflicten en een link naar de belangenverklaring van zijn uitvoerend directeur. De Ombudsman is van mening dat de informatie die Enisa op zijn website verstrekt, in de goede richting gaat om te voldoen aan zijn verplichtingen uit hoofde van zijn oprichtingsverordening [15]. De Ombudsman merkt op dat de taakomschrijvingen van gedetacheerde nationale deskundigen nog niet beschikbaar zijn op dat deel van de website. Hij vertrouwt er echter op dat Enisa deze informatie in de nabije toekomst aan de burgers zal kunnen verstrekken. De Ombudsman verwacht dat Enisa hem op de hoogte zal brengen zodra deze verdere stap is gezet. In deze omstandigheden is de Ombudsman van mening dat Enisa stappen heeft ondernomen om dit voorstel uit te voeren.
H. Voorstel dat Enisa zou kunnen overwegen het personeel te informeren over de door het Statuut geboden mogelijkheid om het mogelijke bestaan van illegale activiteiten eerst intern te melden
Antwoord van Enisa
27. In zijn antwoord deelde Enisa de Ombudsman mee dat het intern overleg pleegde met de betrokken actoren over de uitvoering van de richtsnoeren van de Commissie inzake klokkenluiders. Enisa merkte ook op dat het van plan was het personeelscomité over deze kwestie te raadplegen. Aangezien de Ombudsman verwachtte dat deze actie eind april 2013 zou zijn afgerond, hebben de diensten van de Ombudsman contact opgenomen met Enisa voor een update. Enisa deelde de diensten van de Ombudsman mee dat het raadplegingsproces was afgerond en dat het bezig was met de uitvoering van een intern beleid inzake klokkenluiders op basis van de richtsnoeren van de Commissie inzake klokkenluiders [16]. Dit beleid, dat naar verwachting eind juli 2013 zal worden goedgekeurd, bepaalt dat het personeel het mogelijke bestaan van een illegale activiteit eerst intern moet melden.
Beoordeling door de Ombudsman
28. De Ombudsman is van mening dat de acties die Enisa heeft ondernomen, tot doel hebben het personeel te informeren over de beschikbare interne mogelijkheden om een illegale activiteit te melden. Bovendien lijkt Enisa brede raadplegingen te hebben gehouden met het oog op de uitvoering van de richtsnoeren van de Commissie inzake klokkenluiders. De Ombudsman is van mening dat Enisa daarmee positief heeft gereageerd op zijn suggestie.
I. Conclusie
Op basis van zijn onderzoek sluit de Ombudsman het af met de volgende conclusie:
De Ombudsman is ingenomen met de constructieve aanpak en bereidheid van Enisa om de suggesties die hij na zijn bezoek aan het Agentschap heeft gedaan, uit te voeren. In het licht van de positieve reactie van Enisa op zijn suggesties sluit de Ombudsman zijn onderzoek af.
Enisa zal van dit besluit in kennis worden gesteld.
P. Nikiforos Diamandouros
Gedaan te Straatsburg op 20 juni 2013
[1] http://www.ombudsman.europa.eu/resources/provisions.faces
[2] Verordening (EG) nr. 460/2004 van het Europees Parlement en de Raad van 10 maart 2004 tot oprichting van het Europees Agentschap voor netwerk- en informatiebeveiliging (PB L 77, blz. 1).
[3] PB L 165, blz. 3.
[4] http://www.ombudsman.europa.eu/en/activities/visitreport.faces/en/12106/html.bookmark
[5] Ontwerpaanbeveling van de Europese Ombudsman in zijn initiatiefonderzoek OII/4/2012/CK betreffende het Europees Centrum voor de ontwikkeling van de beroepsopleiding (Cedefop), beschikbaar op http://www.ombudsman.europa.eu/en/activities/visitreport.faces/en/12072/html.bookmark
[6] http://www.ombudsman.europa.eu/en/activities/visitreport.faces/en/49236/html.bookmark
[7] http://www.enisa.europa.eu/about-enisa/procedures-en-beleid/code-van-goedadministratief-gedrag
[8] http://www.ombudsman.europa.eu/resources/code.faces#/page/1
[9] http://www.enisa.europa.eu/about-enisa/structure-organisation/management-board/minutes-decisions-1/mb-decision_2-09-10-2012
[10] http://www.enisa.europa.eu/about-enisa/procedures-en-beleid/toegang tot documenten
[11] Zie voetnoot 4.
[12] Zie voetnoot 4.
[13] http://www.enisa.europa.eu/about-enisa/procedures-en-beleid/beginselen van openbare dienstverlening-voor-eu-civiel-dienaren
[14] http://www.enisa.europa.eu/about-enisa/procedures-en-beleid/belangenconflicten
[15] Zie het verslag van de Ombudsman na zijn bezoek, aangehaald in voetnoot 4, punten 46-48.
[16] Mededeling van vicevoorzitter Šefcovic aan de Commissie over richtsnoeren inzake klokkenluiders, SEC(2012) 679 final, Brussel, 6.12.2012.