Wilt u een klacht indienen tegen een instelling of orgaan van de EU?
Onderzoeken doorzoeken
1 - 20 van 321 resultaten weergeven
Besluit van EPSO om klager uit te sluiten van een vergelijkend onderzoek omdat het zijn diploma niet relevant achtte
Vrijdag | 25 mei 2018
Besluit in zaak 1333/2015/MDC betreffende het besluit van het Europees Bureau voor personeelsselectie (EPSO) om klager uit te sluiten van een vergelijkend onderzoek op grond van het feit dat zijn diploma niet relevant was
Woensdag | 23 mei 2018
Klager werd in 2013 uitgesloten van een vergelijkend onderzoek voor de aanwerving van administrateurs op het gebied van audit door het Europees Bureau voor personeelsselectie (EPSO). Hij werd uitgesloten op grond van het feit dat zijn academische kwalificaties niet voldoende relevant waren voor de geadverteerde functie. Klager wees er in zijn klacht bij de Europese Ombudsman op dat verschillende kandidaten die in 2010 tot hetzelfde vergelijkend onderzoek waren toegelaten, dezelfde of minder relevante diploma's hadden dan zijn diploma. Hij voerde aan dat indien de kwalificaties van de andere kandidaten in 2010 toereikend waren, zijn diploma ook in 2013 toereikend zou moeten zijn.
De Ombudsman onderzocht de kwestie en stelde vast dat het vergelijkend onderzoek voor 2013 hetzelfde vergelijkend onderzoek was als het vergelijkend onderzoek dat oorspronkelijk in 2010 werd gehouden en dat in 2013 dezelfde criteria inzake kwalificaties moesten gelden als in 2010. De Ombudsman constateerde wanbeheer door EPSO en beval EPSO aan de jury te verzoeken haar besluit over de kwalificaties van klager te herzien.
EPSO weigerde de aanbeveling van de Ombudsman te aanvaarden zonder
overtuigende redenen voor zijn standpunt. De Ombudsman sloot de zaak daarom af met een bevinding van wanbeheer.
Besluit in zaak 739/2016/JAP betreffende de weigering van het Bureau voor intellectuele eigendom van de Europese Unie om toegang te verlenen tot een downloadbare versie van zijn jurisprudentiedatabank
Woensdag | 11 januari 2017
De zaak betrof de behandeling van een verzoek om informatie over de wijze waarop een downloadbare versie van een jurisprudentiedatabank van het Bureau voor intellectuele eigendom van de Europese Unie (“EUIPO”) kon worden verkregen. De Ombudsman informeerde naar de kwestie en vroeg EUIPO beter uit te leggen waarom het niet aan het verzoek kon voldoen. De uitleg van het EUIPO was juist en redelijk. De zaak werd dus afgesloten met de vaststelling dat er geen sprake was van wanbeheer.
Ontbreken van een herzieningsprocedure binnen Easme voor afgewezen projecten
Donderdag | 14 april 2016
Besluit van de Europese Ombudsman tot afsluiting van het onderzoek naar klacht 1339/2014/DK tegen het Europees Parlement
Donderdag | 03 maart 2016
De zaak betrof de uitsluiting van klager door het Europees Parlement van een selectieprocedure voor onderzoeksadministrateurs.
De Ombudsman onderzocht de kwestie en inspecteerde het dossier van het Parlement.
Op basis van de tijdens de inspectie verkregen informatie constateerde de Ombudsman geen wanbeheer door het Parlement.
Besluit van de Commissie om geen tuchtprocedure tegen een van haar ambtenaren in te leiden
Dinsdag | 05 januari 2016
Besluit van de Europese Ombudsman tot afsluiting van het onderzoek naar klacht 362/2011/KM tegen de Europese Commissie
Dinsdag | 22 december 2015
De zaak betrof een verzoek aan de Commissie van een van haar voormalige ambtenaren om gedetailleerde informatie over mogelijke tuchtprocedures tegen een andere voormalige ambtenaar van de Commissie.
De Commissie antwoordde dat zij de gevraagde informatie niet kon verstrekken. Zij wilde klager ook geruststellen dat zij de kwestie van de voormalige ambtenaar behandelde door alle nodige maatregelen te nemen.
Het onderzoek van de Ombudsman naar deze kwestie omvatte inspecties van de dossiers van de Commissie met betrekking tot de voormalige ambtenaar. De Ombudsman heeft vastgesteld dat de instellingen weliswaar een hoog niveau van transparantie moeten handhaven, maar dat de Commissie zich in casu terecht op het standpunt mocht stellen dat zij de details van haar handelingen met betrekking tot de voormalige ambtenaar niet kon onthullen zonder het eerlijke verloop van de procedure in het algemeen en de persoonlijke levenssfeer van de betrokken ambtenaar te schaden.
De zaak werd dus afgesloten met de constatering dat er geen sprake was van wanbeheer.
De wijze waarop het EASA zijn wetenschappelijke en medische evaluatie van de EU-regels inzake vlieg- en diensttijdbeperkingen en rusttijden voor commercieel luchtvervoer heeft uitgevoerd
Maandag | 09 november 2015
Besluit in zaak 1171/2013/TN over de werkzaamheden van het Europees Agentschap voor de veiligheid van de luchtvaart (EASA) betreffende de EU-regels inzake vlieg- en diensttijdbeperkingen en rusttijden voor commercieel luchtvervoer
Donderdag | 05 november 2015
De klacht, die is ingediend door de British Air Line Pilots' Association, heeft betrekking op de EU-regels inzake vlieg- en diensttijdbeperkingen en rusttijden voor commerciële luchtvaartmaatschappijen. Meer in het bijzonder gaat het om de wijze waarop het EASA zijn proces om deze regels bij te werken, heeft uitgevoerd. De klager voerde aan i) dat wetenschappelijk advies een prominentere rol had moeten spelen in het regelgevingsproces; ii) dat het EASA de kwalificaties van de leden van de regelgevende groep niet heeft aangetoond; en iii) dat het EASA kwesties in verband met belangenconflicten niet adequaat heeft aangepakt.
De Ombudsman constateerde geen wanbeheer door het EASA met betrekking tot de rol van wetenschappelijk advies in het regelgevingsproces. Wat betreft de vraag hoe het EASA omgaat met mogelijke belangenconflicten in de regelgevingsgroepen, constateerde de Ombudsman dat zijn beleid om dergelijke conflicten in het geval van zijn eigen personeel te beperken, was gewijzigd en dat deze herziene aanpak nu ook wordt toegepast op deskundigen in de regelgevingsgroepen. Op basis hiervan concludeerde de Ombudsman dat zij deze kwestie niet verder hoefde te onderzoeken. Tot slot aanvaardde het EASA de aanbeveling van de Ombudsman om klager geanonimiseerde informatie te verstrekken over de leden van de regelgevende groep. De Ombudsman sloot de zaak daarom af en moedigde het EASA aan om proactiever te werk te gaan bij de openbaarmaking van de informatie waarover het beschikt over de kwalificaties en deskundigheid van de leden van de regelgevingsgroep. Zij wees er ook op dat zij overweegt kwesties in verband met het werk van externe deskundigen voor bepaalde EU-agentschappen te onderzoeken.
Besluit van EPSO om klager uit te sluiten van een vergelijkend onderzoek omdat het zijn diploma niet relevant achtte
Woensdag | 07 oktober 2015
Onjuiste behandeling van een klacht van klager met betrekking tot de vermeende schending van het EU-recht door Oostenrijk en Italië
Maandag | 05 oktober 2015
Besluit van de Europese Ombudsman tot afsluiting van het onderzoek naar klacht 725/2014/FOR tegen de Europese Commissie
Donderdag | 01 oktober 2015
De zaak betrof een verzoek van een Noorse onderneming om toegang van het publiek tot documenten in verband met contacten tussen de Commissie en Italië om na te gaan of Italië de rechten van vrij verkeer van goederen naleefde, met name met betrekking tot beperkingen op het gebruik van "sneeuwsokken" (sneeuwsokken zijn ontworpen om hetzelfde doel te dienen als sneeuwkettingen).
Het verzoek werd door de Commissie afgewezen op grond van het feit dat de openbaarmaking van de documenten een lopend onderzoek zou kunnen ondermijnen. De Ombudsman onderzocht de kwestie. Vervolgens werd toegang verleend tot de gevraagde documenten, waarna de Ombudsman concludeerde dat de kwestie door de Commissie was opgelost.
Besluit van de Europese Ombudsman tot afsluiting van het onderzoek naar klacht 1385/2014/PL tegen het Instituut voor veiligheidsstudies van de Europese Unie
Dinsdag | 23 juni 2015
De zaak betrof het verzoek van een kandidaat om informatie over zijn prestaties tijdens een selectieprocedure en de mogelijkheden om een klacht in te dienen tegen het besluit van de jury. Het Instituut voor effectenstudies van de Europese Unie heeft klager de gevraagde informatie niet verstrekt en daarom wendde klager zich tot de Ombudsman wegens een gebrek aan transparantie in de selectieprocedure. De Ombudsman onderzocht de kwestie en concludeerde dat er, in het licht van de verdere uitleg die tijdens het onderzoek werd gegeven, geen wanbeheer door het Agentschap kon worden vastgesteld.
Besluit van de Europese Ombudsman tot afsluiting van het onderzoek naar klacht 328/2013/AN tegen de Europese Commissie
Woensdag | 17 juni 2015
De zaak betrof de uitsluiting van een Spaanse burger van een algemeen vergelijkend onderzoek op grond dat zij niet over voldoende kennis van het Spaans beschikte. Klager verwierp deze toelichting en verzocht om een kopie van het evaluatieformulier betreffende haar taalvaardigheden. Tijdens het onderzoek van de Ombudsman verstrekte de Commissie klager de vooraf vastgestelde criteria die werden gebruikt om de schriftelijke examens van alle kandidaten te markeren, waarmee dit deel van de klacht werd afgehandeld. Bovendien rechtvaardigde de recente rechtspraak van het Gerecht voor ambtenarenzaken over de geheimhouding van de beoordelingsformulieren de weigering van de Commissie om deze openbaar te maken. Er werd derhalve geen wanbeheer vastgesteld met betrekking tot dit aspect van de zaak.
Besluit van de Europese Ombudsman tot afsluiting van het onderzoek naar klacht 2527/2011/PMC tegen de Europese Commissie
Dinsdag | 05 mei 2015
Deze zaak betrof het vermeende onwettige en/of oneerlijke besluit van de EU-delegatie in Armenië om een subsidieovereenkomst in verband met een in Armenië en Jordanië uitgevoerd project te beëindigen, ten nadele van klager, een Italiaanse ngo die actief is op het gebied van ontwikkelingssamenwerking. Na een zorgvuldige beoordeling van alle feiten en argumenten concludeerde de Ombudsman dat de verklaring van de delegatie voor het beëindigingsbesluit onvolledig was. De Ombudsman stelde daarom voor dat de Commissie, in haar toezichthoudende rol ten aanzien van de EU-delegaties, klager een uitgebreidere uitleg zou geven over de redenen voor de beëindiging van het project.
In antwoord op het voorstel van de Ombudsman verklaarde de Commissie dat de delegatie bij haar besluit om het contract op te zeggen rekening had gehouden met alle relevante factoren. Zij erkende echter dat de verklaring voor de beëindiging van de subsidie mogelijk niet volledig genoeg was. Daarom zond zij de Ombudsman een brief die de delegatie aan klager had gestuurd met een toelichting op alle factoren waarmee zij bij haar beoordeling rekening had gehouden.
Ondanks het feit dat klager zijn ontevredenheid uitte over het antwoord van de Commissie op haar voorstel voor een minnelijke schikking, was de Ombudsman van mening dat de Commissie stappen had ondernomen om de kwestie op te lossen. Daarom besloot ze de zaak te sluiten.