Wilt u een klacht indienen tegen een instelling of orgaan van de EU?
Onderzoeken doorzoeken
1 - 20 van 62 resultaten weergeven
Besluit in zaak 386/2016/MDC over het vermeende onrechtmatige besluit van de Commissie om een inbreukklacht af te sluiten
Vrijdag | 15 december 2017
De zaak betrof het verzuim van de Europese Commissie om te antwoorden op correspondentie die was verzonden in het kader van een klacht wegens niet-nakoming tegen Italië en haar vermeende onrechtmatige besluit om de klacht wegens niet-nakoming af te sluiten.
De Ombudsman onderzocht de kwesties en constateerde dat de Commissie in haar antwoord aan klager in de loop van dit onderzoek een overtuigend en volledig antwoord had gegeven. De Commissie had derhalve het eerste probleem opgelost. De Ombudsman stelde met name vast dat de Commissie voldoende uitleg had gegeven voor haar besluit om de inbreukprocedure in deze zaak niet te heropenen. Met betrekking tot het tweede punt was zij derhalve van mening dat er geen sprake was van wanbeheer.
De Ombudsman sloot het onderzoek dus af.
Besluit in zaak 593/2016/MDC betreffende de beëindiging van een dienstencontract door de Europese Commissie en het uitblijven van een antwoord op een brief
Vrijdag | 07 juli 2017
De zaak betrof de beëindiging van een dienstencontract door de Europese Commissie. Klager voerde aan dat de Commissie zijn brieven niet had beantwoord, dat zij het dienstencontract zonder gegronde reden had opgezegd en dat zij de haar toegezonden facturen traag had betaald. Hij vorderde ook schadevergoeding wegens betalingsachterstand en schadevergoeding.
De Ombudsman onderzocht deze aantijgingen. Wat het eerste punt betreft, concludeerde zij dat, aangezien de Commissie uiteindelijk op de brieven van klager had gereageerd, de zaak was opgelost. Met betrekking tot de tweede grief, die betrekking heeft op de vermeende beëindiging van het contract zonder gegronde reden, concludeerde de Ombudsman dat er geen sprake was van wanbeheer van de Commissie, aangezien het contract de Commissie het recht gaf om het contract te allen tijde op te zeggen en dat de Commissie in elk geval wel degelijk een gegronde reden voor de beëindiging had gegeven. Wat de derde bewering betreft, concludeerde de Ombudsman dat een oplossing was gevonden voor het probleem van de te late betaling van facturen, aangezien de Commissie klager uiteindelijk de verschuldigde bedragen voor de verrichte werkzaamheden had betaald en ermee had ingestemd vertragingsrente te betalen. Wat ten slotte de vordering tot schadevergoeding betreft, concludeerde de Ombudsman dat er geen verder onderzoek naar de zaak nodig was, aangezien de Commissie klager een vergoeding voor de geleden schade betaalde en het contract niet voorzag in enige vergoeding voor andere soorten schade.
Besluit in zaak 1102/2016/JN over het verzuim van de Commissie om te antwoorden op correspondentie en om een document volledig openbaar te maken
Vrijdag | 13 januari 2017
De zaak betrof het verzuim van de Commissie om te antwoorden op de correspondentie van klager in het kader van een financiële controle op het niveau van de lidstaten. Na tussenkomst van de Ombudsman heeft de Commissie geantwoord. Zij heeft het door klager gevraagde document openbaar gemaakt, maar enkele persoonsgegevens (namen van natuurlijke personen) onleesbaar gemaakt. De Ombudsman constateerde dat de Commissie de redactie op grond van Verordening (EG) nr. 45/2001 correct had gerechtvaardigd.
Besluit in zaak 1242/2016/JN over het uitblijven van een antwoord van de Europese Commissie op de correspondentie van klager
Woensdag | 21 december 2016
De zaak betrof het verzuim van de Europese Commissie om te antwoorden op de correspondentie van klager waarin klager wees op een vermeende onjuiste verklaring van commissaris Bienkowska over vuurwapens. De Commissie heeft in de loop van het onderzoek geantwoord en de onjuistheid erkend. De Ombudsman heeft het onderzoek afgesloten omdat de Commissie stappen heeft ondernomen om de zaak te schikken. De Ombudsman stelde de Commissie echter voor te overwegen een correctie bekend te maken om ervoor te zorgen dat het publiek correct wordt geïnformeerd.
Besluit in zaak 92/2016/JN over het feit dat EPSO de bezwaren van klager met betrekking tot zijn plaatsing op een reservelijst en technische problemen met zijn EPSO-account niet naar behoren heeft aangepakt
Maandag | 19 december 2016
De zaak betrof de toereikendheid van de antwoorden van EPSO op de bezorgdheid van klager dat hij mogelijk aanwervingsmogelijkheden heeft gemist als gevolg van een technisch probleem met zijn EPSO-account. De Ombudsman onderzocht de kwestie en stelde vast dat het antwoord van EPSO in de loop van het onderzoek voldoende tegemoetkwam aan de bezwaren van klager. EPSO ging in op de technische kwestie en verzekerde dat klager geen kansen had gemist.
Besluit in zaak 714/2016/PD over het verzuim van het Uitvoerend Agentschap onderwijs, audiovisuele media en cultuur om correspondentie te beantwoorden
Maandag | 05 december 2016
Besluit in zaak 628/2016/EIS betreffende het besluit van het Europees Bureau voor personeelsselectie (EPSO) om de klager niet toe te staan een nieuwe aanvraag in te dienen nadat hij niet geslaagd is voor de eerste tests
Donderdag | 01 december 2016
De zaak betrof het besluit van het Europees Bureau voor personeelsselectie (EPSO) om klager niet toe te staan een tweede sollicitatie in te dienen in het kader van een oproep tot het indienen van blijken van belangstelling die geen specifieke termijn voor de indiening van sollicitaties bevatte. Klager probeerde een tweede sollicitatie in te dienen nadat hij niet was geslaagd voor het examen in verband met zijn eerste sollicitatie in het kader van dezelfde selectieprocedure. Klager voerde aan dat EPSO zijn brieven niet adequaat heeft beantwoord met betrekking tot i) de rechtsgrondslag om kandidaten niet toe te staan opnieuw te solliciteren in selectieprocedures zonder specifieke sluitingsdata; en ii) de omstandigheden, met inbegrip van het gedrag van het personeel, in het testcentrum in Spanje.
In zijn antwoord verwees EPSO naar de voorwaarden in de oproep tot het indienen van blijken van belangstelling als rechtsgrondslag voor zijn acties. Zij verklaarde ook dat zij de kwestie van het gedrag van het personeel in het testcentrum had onderzocht.
De Ombudsman achtte de uitleg van EPSO redelijk en toereikend, zodat de zaak werd afgesloten.
Besluit in zaak 1171/2016/EIS over de behandeling door de Commissie van correspondentie over vermeende onwettigheden door nationale rechtbanken in Estland
Donderdag | 24 november 2016
De zaak betrof het verzuim van de Commissie om te antwoorden op de brief van klager over vermeende onwettigheden door nationale rechtbanken in Estland. In die brief verwijt klager de Commissie ook dat zij geen actie heeft ondernomen. De Commissie heeft uitgelegd dat zij niet bevoegd is om in de zaak tussenbeide te komen. De Ombudsman onderzocht de kwestie en stelde vast dat de uitleg van de Commissie correct, nuttig en in overeenstemming met haar wettelijke bevoegdheden was. De zaak werd dus als afgehandeld afgesloten.
Besluit in zaak 911/2016/OV over het vermeende verzuim van EPSO om te antwoorden en een EPSO-account van een kandidaat te verwijderen
Vrijdag | 21 oktober 2016
Klager heeft EPSO meerdere malen schriftelijk verzocht zijn EPSO-account te verwijderen. EPSO antwoordde dat het zijn account niet kon verwijderen omdat twee selectieprocedures waaraan hij deelnam nog niet waren afgerond. Nadat klager nog twee keer contact had opgenomen met EPSO zonder een antwoord te ontvangen, wendde hij zich tot de Ombudsman met het argument dat EPSO had nagelaten te antwoorden en met het argument dat EPSO zijn account moest verwijderen.
Na het onderzoek van de Ombudsman heeft EPSO klager geantwoord. De Ombudsman concludeerde derhalve dat EPSO de bewering van klager had afgehandeld. In zijn antwoord deelde EPSO klager ook mee dat de termijn voor het bewaren van gegevens voor de twee selectieprocedures waaraan hij deelnam, nog niet was verstreken en dat het zijn EPSO-account daarom nog niet kon verwijderen. De Ombudsman constateerde in dit verband geen wanbeheer en sloot de zaak dus af.
Besluit in zaak 605/2016/MDC over het niet beantwoorden van correspondentie door de Raad van de Europese Unie
Dinsdag | 04 oktober 2016
Besluit in zaak 949/2016/PL over het verzuim van de Europese Commissie om correspondentie te beantwoorden en binnen een redelijke termijn een besluit te nemen over een klacht wegens inbreuk
Maandag | 03 oktober 2016
Besluit in zaak 926/2016/EMC over het uitblijven van een antwoord van de Europese Commissie op correspondentie
Maandag | 26 september 2016
Besluit van de Europese Ombudsman over klacht 844/2014/(PL)DR betreffende de behandeling door het Europees Bureau voor personeelsselectie (EPSO) van computerproblemen in het kader van een algemeen vergelijkend onderzoek
Dinsdag | 30 augustus 2016
De zaak betrof de acties van EPSO na een computer-servercrash tijdens een test en de behandeling door EPSO van de verzoeken van klager om herziening en om toegang tot documenten.
De Ombudsman onderzocht de kwestie en constateerde dat EPSO i) de situatie als gevolg van de computercrash niet naar behoren heeft behandeld, ii) het verzoek van klager om een nieuw onderzoek niet naar behoren heeft behandeld en iii) het verzoek van klager om toegang tot documenten niet naar behoren heeft behandeld. Daarom deed de Ombudsman drie aanbevelingen aan EPSO.
EPSO aanvaardde de eerste aanbeveling van de Ombudsman over de wijze waarop het technische problemen tijdens een computertest moet aanpakken. De tweede aanbeveling was dat EPSO klager een gedetailleerde toelichting zou geven over de wijze waarop het zijn verzoek om herziening had behandeld. De Ombudsman vond het antwoord van EPSO hierop niet overtuigend en dat de behandeling door EPSO van het verzoek om een herziening neerkwam op wanbeheer. Tot slot heeft EPSO de derde aanbeveling van de Ombudsman met betrekking tot het verlenen van toegang tot documenten niet aanvaard. De Ombudsman stelde vast dat het verzuim van EPSO om verdere documenten te verstrekken ook wanbeheer vormde. Naast twee bevindingen van wanbeheer deed de Ombudsman EPSO ook een suggestie over hoe het zijn contactdienst voor kandidaten zou kunnen verbeteren.
De nieuwe visuele identiteit en het nieuwe logo van de Commissie, die in 2012 zijn ingevoerd, en meertaligheid
Vrijdag | 08 april 2016
Besluit in zaak 478/2014/PMC betreffende de tweetalige visuele identiteit van de Europese Commissie die in haar persconferentiezaal wordt gebruikt
Donderdag | 31 maart 2016
De zaak betrof het visuele identiteitslogo van de Commissie, dat sinds 2012 in haar persconferentiezaal in Brussel wordt gebruikt. Volgens klager vormt het exclusieve gebruik van het Engels en het Frans in dit logo voor visuele identiteit discriminatie op grond van taal.
De huidige talenregeling van de EU omvat het recht van elke burger om in zijn eigen taal met de instellingen van de EU te communiceren en het overeenkomstige recht op een antwoord in die taal. De beginselen die aan deze taalregeling ten grondslag liggen, zijn ook van toepassing op andere vormen van communicatie, zoals communicatie via publicaties en websites. Elke differentiatie in het gebruik van talen in dergelijke omstandigheden moet objectief gerechtvaardigd zijn. Met betrekking tot de vraag of er in de onderhavige zaak een objectieve rechtvaardiging bestaat, is de Ombudsman het ermee eens dat het technisch niet mogelijk is om de term "Europese Commissie" in 24 talen op een televisiescherm te presenteren, hetzij onder, naast of achter een spreker.
Met betrekking tot de vraag of de Commissie meer dan twee talen had kunnen kiezen, is de Ombudsman van mening dat het redelijk was dat de Commissie slechts twee talen had gekozen. De keuze van het aantal te gebruiken talen komt neer op een oordeel over de vraag of meer dan twee talen het visuele beeld op een onaanvaardbare manier zouden vertroebelen. Het feit dat ook andere combinaties van talen redelijke keuzes kunnen zijn, betekent niet dat de keuze van het Engels en het Frans niet redelijk was.
De Ombudsman is van mening dat het door de Commissie gekozen beleid objectief gerechtvaardigd was. Zij concludeerde derhalve dat de invoering door de Commissie van een nieuw logo voor visuele identiteit in haar persconferentiezaal in Brussel geen wanbeheer vormde.
Besluit van de Europese Ombudsman tot afsluiting van klacht 933/2015/EIS tegen de Europese Autoriteit voor effecten en markten (ESMA)
Woensdag | 02 december 2015
Besluit van de Europese Ombudsman tot afsluiting van klacht 1043/2015/PMC tegen de Europese Rekenkamer
Woensdag | 01 juli 2015