Wilt u een klacht indienen tegen een instelling of orgaan van de EU?

Onderzoeken doorzoeken

Criteria voor het filteren van documenten
Zaak
Datum marge
Trefwoorden
Of probeer oude trefwoorden (voor 2016)

1 - 20 van 87 resultaten weergeven

Besluit in zaak 1688/2015/JAP betreffende het besluit van de Europese Commissie om middelen terug te vorderen van een deelnemer aan een EU-project inzake ouderen en ICT (SENIOR)

Vrijdag | 06 oktober 2017

Klager, een in België gevestigde non-profitorganisatie, nam deel aan een door de EU gefinancierd project dat gericht was op het aanpakken van problemen waarmee ouderen worden geconfronteerd bij het gebruik van ICT-oplossingen. Uit een financiële controle bleek dat het door klager gebruikte systeem voor de registratie van de arbeidstijd onbetrouwbaar was. Bijgevolg heeft de Commissie getracht meer dan 85 000 EUR van klager terug te vorderen.

De Ombudsman informeerde naar de kwestie en constateerde dat de controleurs hadden erkend dat het werk dat klager met betrekking tot twee specifieke “prestaties” had verricht, legitiem was, evenals de betrokken arbeidstijd. Zij was derhalve van mening dat de Commissie niet gerechtvaardigd was om de personeelskosten in verband met deze werkzaamheden af te wijzen. Om dit aan te pakken, deed zij een aanbeveling aan de Commissie om het bedrag dat zij wilde terugvorderen dienovereenkomstig te verlagen.

De Commissie aanvaardde de aanbeveling van de Ombudsman volledig en stemde ermee in het terug te vorderen bedrag met bijna 37 000 EUR te verlagen. Tegen deze achtergrond sloot de Ombudsman de zaak. De Ombudsman gaat echter verder met een afzonderlijk onderzoek naar de terugvordering van middelen met betrekking tot de andere “prestaties”.

Besluit van de Europese Ombudsman over klacht 2377/2013/(PMC)DR betreffende de regels van het Europees Hof van Justitie inzake een aanbestedingsprocedure op het gebied van vertalingen

Donderdag | 01 september 2016

De zaak betrof de beoordeling door het Europees Hof van Justitie van twee aanbestedingen voor juridische vertaaldiensten. Klager, een afgewezen inschrijver, voerde aan dat de aanbestedingsprocedure niet voldeed aan de normen van behoorlijk bestuur omdat i) de beoordeling van de inschrijvingen niet naar behoren was gedocumenteerd, ii) er geen gelegenheid was om een interne administratieve controle te vragen en iii) de anonimiteit niet werd gegarandeerd.

De Ombudsman onderzocht de kwestie en constateerde geen wanbeheer door de Rekenkamer. De Ombudsman deed de Rekenkamer echter drie suggesties voor verbetering, namelijk i) eisen dat interne beoordelaars de beoordelingsformulieren van de tests ondertekenen en dateren, ii) een intern toetsingsmechanisme opzetten voor de behandeling van klachten van afgewezen aanvragers en iii) de tests van inschrijvers anonimiseren met het oog op de beoordeling door de interne beoordelaars tijdens het beoordelingsproces.

Besluit in zaak 520/2014/PMC betreffende de weigering van de Europese Commissie om toegang te verlenen tot documenten in verband met haar besluit om geen standpunt in te nemen over de verenigbaarheid van de handelspraktijken van de klager met de mededingingsregels van de EU

Woensdag | 24 februari 2016

Klager, een certificeringsorganisatie voor eerlijke handel, verzocht de Commissie een besluit of een informele brief met richtsnoeren uit te vaardigen met betrekking tot de verenigbaarheid van haar handelspraktijken met de mededingingsregels van de EU. Nadat de Commissie het verzoek van klager had afgewezen, verzocht deze om toegang van het publiek tot het dossier van de Commissie. Klager betwistte het besluit van de Commissie om geen volledige toegang te verlenen tot haar interne correspondentie en een interne nota.

In de loop van haar onderzoek heeft de Ombudsman haar voorlopige standpunt uiteengezet dat de Commissie meer informatie had weggelaten dan strikt noodzakelijk was. De Ombudsman is verheugd dat de Commissie de betrokken documenten opnieuw heeft onderzocht en heeft besloten ruimere toegang te verlenen. Zij is derhalve van mening dat de zaak is opgelost.

Besluit van de Europese Ombudsman in klacht 915/2015/PMC betreffende de behandeling door het Europees Bureau voor personeelsselectie (EPSO) van een vermeende technische fout

Woensdag | 28 oktober 2015

Klager, die aan een aanwervingsprocedure van EPSO heeft deelgenomen, heeft niet binnen de gestelde termijn een datum voor zijn computertest geboekt en werd derhalve van de procedure uitgesloten. Klager voerde aan dat EPSO hem geen uitnodiging had gestuurd om de test te boeken. EPSO drong erop aan dat er een uitnodiging was verzonden. Het onderzoeksteam van de Ombudsman heeft het dossier van EPSO geïnspecteerd en geen aanwijzingen gevonden voor een technisch probleem dat ertoe had kunnen leiden dat klager de automatische uitnodiging om de computertest tijdig af te leggen, niet had ontvangen. De Ombudsman constateerde derhalve geen wanbeheer door EPSO.

Besluit van de Europese Ombudsman tot afsluiting van het onderzoek naar klacht 17/2012/PMC tegen de Europese Commissie

Maandag | 18 mei 2015

Deze zaak betrof het vermeende onwettige en/of oneerlijke besluit van de EU-delegatie in Armenië om een subsidieovereenkomst in verband met een in Armenië en Jordanië uitgevoerd project te beëindigen, ten nadele van klager, een Italiaanse ngo die actief is op het gebied van ontwikkelingssamenwerking. Na een zorgvuldige beoordeling van alle feiten en argumenten concludeerde de Ombudsman dat de verklaring van de delegatie voor het beëindigingsbesluit onvolledig was. De Ombudsman stelde daarom voor dat de Commissie, in haar toezichthoudende rol ten aanzien van de EU-delegaties, klager een uitgebreidere uitleg zou geven over de redenen voor de beëindiging van het project.

In antwoord op het voorstel van de Ombudsman verklaarde de Commissie dat de delegatie bij haar besluit om het contract op te zeggen rekening had gehouden met alle relevante factoren. Zij erkende echter dat de verklaring voor de beëindiging van de subsidie mogelijk niet volledig genoeg was. Daarom zond zij de Ombudsman een brief die de delegatie aan klager had gestuurd met een toelichting op alle factoren waarmee zij bij haar beoordeling rekening had gehouden.

De Ombudsman was van mening dat de Commissie stappen had ondernomen om de zaak op te lossen en besloot derhalve de zaak te sluiten.

Besluit van de Europese Ombudsman tot afsluiting van het onderzoek naar klacht 2527/2011/PMC tegen de Europese Commissie

Dinsdag | 05 mei 2015

Deze zaak betrof het vermeende onwettige en/of oneerlijke besluit van de EU-delegatie in Armenië om een subsidieovereenkomst in verband met een in Armenië en Jordanië uitgevoerd project te beëindigen, ten nadele van klager, een Italiaanse ngo die actief is op het gebied van ontwikkelingssamenwerking. Na een zorgvuldige beoordeling van alle feiten en argumenten concludeerde de Ombudsman dat de verklaring van de delegatie voor het beëindigingsbesluit onvolledig was. De Ombudsman stelde daarom voor dat de Commissie, in haar toezichthoudende rol ten aanzien van de EU-delegaties, klager een uitgebreidere uitleg zou geven over de redenen voor de beëindiging van het project.

In antwoord op het voorstel van de Ombudsman verklaarde de Commissie dat de delegatie bij haar besluit om het contract op te zeggen rekening had gehouden met alle relevante factoren. Zij erkende echter dat de verklaring voor de beëindiging van de subsidie mogelijk niet volledig genoeg was. Daarom zond zij de Ombudsman een brief die de delegatie aan klager had gestuurd met een toelichting op alle factoren waarmee zij bij haar beoordeling rekening had gehouden.

Ondanks het feit dat klager zijn ontevredenheid uitte over het antwoord van de Commissie op haar voorstel voor een minnelijke schikking, was de Ombudsman van mening dat de Commissie stappen had ondernomen om de kwestie op te lossen. Daarom besloot ze de zaak te sluiten.

Besluit van de Europese Ombudsman tot afsluiting van het onderzoek naar klacht 402/2014/PMC tegen de Europese Commissie

Dinsdag | 31 maart 2015

De klacht werd tegen de Commissie ingediend door een vertegenwoordiger van een groep burgers die een Europees burgerinitiatief ("EBI") had voorgesteld. Het betrof het systeem voor het online verzamelen van handtekeningen en de hosting van dergelijke systemen op de servers van de Commissie, alsook de mogelijkheden om een EBI te wijzigen nadat het ter registratie was ingediend. Op basis van de huidige wetgeving oordeelde de Ombudsman dat het standpunt van de Commissie redelijk was. Zij concludeerde derhalve dat er geen sprake was van wanbeheer door de Commissie. De Ombudsman merkte op dat zij erop vertrouwde dat de Commissie bij de herziening van de EBI-verordening in 2015 rekening zou houden met haar standpunten.

De Ombudsman stelde voor dat, zodra uit de voorlopige beoordeling van een voorgesteld initiatief blijkt dat het initiatief niet aan de registratiecriteria voldoet, de Commissie, indien de organisator haar heeft meegedeeld dat zij gebruik wenst te maken van haar eigen online verzamelsysteem, de organisator daarvan zo snel mogelijk in kennis zou kunnen stellen, om te voorkomen dat de organisator onnodige financiële en organisatorische inspanningen moet leveren.

Vermeende onbillijke terugvordering

Dinsdag | 27 januari 2015

Besluit van de Europese Ombudsman tot afsluiting van het onderzoek naar klacht 1962/2013/JN tegen de Europese Commissie

Dinsdag | 20 januari 2015

De zaak betrof de billijkheid van de terugvordering door de Europese Commissie van een deel van haar financiële bijdrage aan de klager, een onderneming, in het kader van een door de EU gefinancierd project. De Commissie gaf toe dat zij een aantal fouten had gemaakt bij de berekening van het terug te vorderen bedrag en bood haar excuses aan. Zij heeft ook afstand gedaan van een deel van haar vordering tot schadevergoeding, omdat zij van mening was dat deze onevenredig zou zijn. In deze omstandigheden was de Ombudsman van oordeel dat er geen sprake was van aan de gang zijnde wanbeheer en nam hij geen verdere maatregelen.

Besluit van de Europese Ombudsman tot afsluiting van het onderzoek naar klacht 1641/2012/(RA)OV tegen de Europese Commissie

Woensdag | 24 september 2014

De klager, een exploitant van een levensmiddelenbedrijf, wilde dat zijn product werd geëtiketteerd met een gezondheidsclaim betreffende matiging van de eetlust en gewichtsverlies. Daarom heeft zij haar gezondheidsclaim ingediend bij de bevoegde nationale autoriteiten, die deze vervolgens bij de Commissie hebben ingediend voor beoordeling door de Europese Autoriteit voor voedselveiligheid (EFSA), in het kader van de vergunningsprocedure van Verordening (EG) nr. 1924/2006. Door een fout van de nationale autoriteiten is de gezondheidsclaim echter van de aan de Commissie toegezonden lijst geschrapt. Het daaropvolgende verzoek van de nationale autoriteiten aan de Commissie om de gezondheidsclaim opnieuw in de bij de Europese Autoriteit voor voedselveiligheid (EFSA) ingediende lijst op te nemen, werd door de Commissie afgewezen. Klager wendde zich tot de Ombudsman en beweerde dat de Commissie dit verzoek ten onrechte had afgewezen. De Ombudsman onderzocht de kwestie en stelde vast dat de redenen van de Commissie voor haar weigering correct waren. Zij concludeerde dat er geen sprake was van wanbeheer door de Commissie en sloot de zaak.

Besluit van de Europese Ombudsman tot afsluiting van het onderzoek naar klacht 2099/2012/JN tegen de Europese Commissie

Dinsdag | 08 juli 2014

De klacht in deze zaak was dat de Europese Commissie zich oneerlijk had gedragen door een deel van de financiële steun voor een door de EU gefinancierd project terug te vorderen. Klager was een organisatie zonder winstoogmerk en zei dat hij niet kon voldoen aan de door de Commissie vastgestelde terugvorderingsvoorwaarden. Na bestudering van de klacht van oktober 2012 heeft de Ombudsman bij de Commissie een voorstel ingediend voor een minnelijke schikking van de kwestie. De Ombudsman stelde voor dat de Commissie de termijn voor de terugbetaling van het geld door klager zou verlengen en dat de Commissie zou overwegen af te zien van de eis dat klager een garantie zou stellen om het terug te betalen bedrag te dekken. De Commissie heeft dit voorstel aanvaard. Ter afsluiting van de zaak stelde de Ombudsman de partijen voor rechtstreeks contact op te nemen om deze schikkingsregelingen uit te werken.