FOR PREVIEWING & TESTING PURPOSES ONLY.
This notification will disappear once the page will be published.
This link is available for less than 30 minutes.
  • Makkelijk te lezen
  • Tekstgrootte

Wilt u een klacht indienen tegen een instelling of orgaan van de EU?

Huidige taal: 
  • Nederlands
Brontaal: 
beschikbare talen: 
De vertaling van deze pagina is automatisch geproduceerd met behulp van machinevertaling.
Machinevertalingen kunnen fouten bevatten die de duidelijkheid en nauwkeurigheid van de informatie kunnen schaden; de Ombudsman kan niet aansprakelijk worden gehouden voor eventuele afwijkingen. Voor de grootste mate van betrouwbaarheid en rechtszekerheid wordt verwezen naar de bronversie in het Engels (klik op de link hierboven).
Meer informatie vindt u in ons taal- en vertaalbeleid.

Besluit van de Europese Ombudsman inzake klacht 205/2003/IJH tegen de Europese Commissie


Straatsburg, 4 september 2003

Geachte heer T.,

Op 29 januari 2003 heeft u bij de Ombudsman een klacht ingediend tegen de Commissie. Uw klacht betreft een contract tussen de Commissie en World Wide Pictures Ltd, waarvan u algemeen directeur bent, voor de medefinanciering van een televisieverhaal over biologische landbouw.

Op 11 februari 2003 heb ik de klacht doorgestuurd naar de voorzitter van de Commissie. Op dezelfde datum heb ik de Britse autoriteiten verzocht alle informatie te verstrekken die nuttig zou kunnen zijn voor het onderzoek van de Ombudsman naar de klacht.

De Commissie heeft op 21 mei 2003 advies uitgebracht. Ik heb het advies aan u doorgestuurd met de uitnodiging om opmerkingen te maken. Op 7 juli 2003 heeft de Commissie nadere informatie verstrekt. Op 1 en 2 september 2003 sprak u telefonisch met de juridisch medewerker van mijn diensten die uw zaak behandelt. Op 2 september 2003 zond u per e-mail een kopie van een brief die u aan de Commissie had gestuurd.

Ik schrijf u nu om u de resultaten te laten weten van de onderzoeken die zijn gedaan.

Het KLACHT

De klager is algemeen directeur van World Wide Pictures Limited (WWP Ltd.). De klacht is gericht tegen de Commissie, DG Landbouw.

Samengevat zijn de relevante feiten volgens de klager als volgt:

Tussen januari 1998 en december 2001 produceerde WWP Ltd. een maandelijks televisieprogramma genaamd "CONTACT Europe". Elke editie had vier verhalen, die werden gesponsord door directoraten-generaal van de Commissie in het kader van specifieke contracten, betaald door de lidstaten of gecofinancierd. In april 2000 bracht WWP Ltd. een verhaal over biologische landbouw. De begroting bedroeg 25 036 EUR, voor de helft gefinancierd door DG Landbouw en voor de helft door het Britse ministerie van Buitenlandse Zaken. Het Britse ministerie van Buitenlandse Zaken betaalde de helft. Zoals vaak het geval was, was de Commissie echter zeer traag bij de uitvoering van het specifieke contract. In dit geval werd de overeenkomst pas in juni 2000 gesloten. De Commissie betaalde 60 % van haar helft van de financiering bij ondertekening. WWP Ltd. factureerde vervolgens de laatste 40% aan de Commissie en bleef gedurende 2001 en tot in 2002 aandringen op betaling. Op 8 februari 2002 deelde de Commissie WWP Ltd. mee dat een financieel reglement van de EU was geschonden omdat WWP Ltd. het programma had opgesteld voordat het contract werd gesloten, dat de laatste 40% niet zou worden betaald en dat WWP Ltd. de reeds betaalde 60% zou moeten terugbetalen.

WWP Ltd. had een ontmoeting met DG Landbouw en verzocht om een vergadering met de betrokken financiële en juridische diensten om de verordening in kwestie te bespreken. DG Landbouw heeft zich ertoe verbonden WWP Ltd. een kopie van de verordening te verstrekken en een vergadering te beleggen indien WWP Ltd. van mening was dat de kwestie nader moest worden verduidelijkt. Ondanks talrijke follow-upverzoeken is WWP Ltd. echter niet op de hoogte gebracht van de verordening en zijn de meest recente verzoeken niet beantwoord.

Vanaf de precontractuele fase was aan WWP Ltd. duidelijk gemaakt dat zij werk zou moeten produceren, terwijl de bureaucratie de realiteit van de termijnen inhaalde. Deze situatie hield drie jaar aan en werd door de verantwoordelijke ambtenaren van verschillende DG's van de Commissie aanvaard.

Op basis van het bovenstaande voert de klager aan dat ofwel een wijziging in de toepasselijke EU-verordening met terugwerkende kracht werd toegepast, ofwel dat de inbreuk op de verordening, indien van toepassing, door de verantwoordelijke ambtenaren van de Commissie werd gepleegd.

Klager stelt dat de Commissie haar standpunt moet herzien en de resterende 40 % met rente moet betalen, evenals een vergoeding voor de tijd die klager aan de zaak heeft besteed.

Het onderzoek

De Ombudsman heeft de klacht voor advies doorgestuurd naar de Commissie.

Gezien de verklaring van klager dat het ministerie van Buitenlandse Zaken en het Gemenebest van het Verenigd Koninkrijk zijn helft van de financiering voor het project naar behoren had betaald, verzocht de Ombudsman de autoriteiten van het Verenigd Koninkrijk ook om overeenkomstig artikel 3, lid 3, van het Statuut van de Ombudsman (1) alle informatie te verstrekken die nuttig zou kunnen zijn voor het onderzoek van de Ombudsman naar de klacht. Er werd geen antwoord ontvangen.

Advies van de Commissie

In mei 2003 verklaarde de Commissie dat de bevoegde diensten van de Commissie, na het dossier opnieuw te hebben onderzocht in het licht van de klacht bij de Ombudsman, hebben besloten het gevraagde bedrag te betalen en dat de nodige administratieve stappen zo spoedig mogelijk zullen worden ondernomen.

In juli 2003 zond de Commissie een kopie van een brief aan klager waarin zij de betaling van het betwiste bedrag op de bankrekening van klager bevestigde.

Opmerkingen van klager

Klager bevestigde telefonisch aan de diensten van de Ombudsman dat hij het verschuldigde bedrag, met rente, heeft ontvangen en dat hij tevreden is. Hij bedankte de Ombudsman voor zijn hulp. Klager zond ook een kopie van zijn brief van 2 september 2003 aan het hoofd van eenheid AII.1 van DG Landbouw van de Commissie, waarin hij hem bedankte voor de betaling van 5 008 EUR en de verschuldigde rente van 659,83 EUR en verklaarde dat de zaak was afgehandeld.

BESLUIT

1 Niet-betaling van het uit hoofde van een overeenkomst verschuldigde bedrag

1.1 Klager is directeur van een onderneming die een verhaal heeft geproduceerd dat door de Commissie is medegefinancierd. Volgens de klager heeft DG Landbouw van de Commissie de onderneming meegedeeld dat een financieel reglement van de EU was geschonden omdat de onderneming het verhaal had verteld voordat het desbetreffende contract werd gesloten, dat de laatste 40 % niet zou worden betaald en dat de onderneming de reeds betaalde 60 % zou moeten terugbetalen. Klager stelt dat de Commissie haar standpunt moet herzien en de resterende 40 % met rente moet betalen, evenals een vergoeding voor de tijd die klager aan de zaak heeft besteed.

1.2 In het advies van de Commissie wordt gesteld dat de bevoegde diensten van de Commissie, na het dossier opnieuw te hebben onderzocht in het licht van de klacht bij de Ombudsman, hebben besloten het gevraagde bedrag te betalen en dat de nodige administratieve stappen zo spoedig mogelijk zullen worden ondernomen. De Commissie zond vervolgens een kopie van een brief waarin de betaling van het litigieuze bedrag op de bankrekening van klager werd bevestigd.

1.3 Klager bevestigt dat hij tevreden is met de betaling van € 5 008 en rente van € 659,83 die hij van de Commissie heeft ontvangen en dat de zaak is afgehandeld.

1.4 Gezien het bovenstaande is de Ombudsman van mening dat de Commissie passende maatregelen heeft genomen om de klacht af te wikkelen en daarmee de klager tevreden heeft gesteld.

2 Conclusie

Uit de opmerkingen van de Commissie en de opmerkingen van klager blijkt dat de Commissie stappen heeft ondernomen om de zaak te schikken en klager daarmee tevreden heeft gesteld. De Ombudsman sluit daarom de zaak.

De voorzitter van de Commissie zal ook van dit besluit in kennis worden gesteld.

Met vriendelijke groet,

 

P. Nikiforos DIAMANDOUROS


(1) "De autoriteiten van de lidstaten zijn verplicht de Ombudsman, wanneer hij daarom verzoekt, via de permanente vertegenwoordigingen van de lidstaten bij de Europese Gemeenschappen alle informatie te verstrekken die kan bijdragen tot het ophelderen van gevallen van wanbeheer door communautaire instellingen of organen, tenzij deze informatie valt onder wettelijke of bestuursrechtelijke bepalingen inzake geheimhouding of onder bepalingen die de mededeling ervan verhinderen. In het laatste geval kan de betrokken lidstaat de Ombudsman evenwel toestaan over deze informatie te beschikken, op voorwaarde dat hij zich ertoe verbindt deze niet openbaar te maken."

Wat vond u van deze automatische vertaling? Deel uw mening!