FOR PREVIEWING & TESTING PURPOSES ONLY.
This notification will disappear once the page will be published.
This link is available for less than 30 minutes.
  • Makkelijk te lezen
  • Tekstgrootte

Wilt u een klacht indienen tegen een instelling of orgaan van de EU?

Huidige taal: 
  • Nederlands
Brontaal: 
beschikbare talen: 
De vertaling van deze pagina is automatisch geproduceerd met behulp van machinevertaling.
Machinevertalingen kunnen fouten bevatten die de duidelijkheid en nauwkeurigheid van de informatie kunnen schaden; de Ombudsman kan niet aansprakelijk worden gehouden voor eventuele afwijkingen. Voor de grootste mate van betrouwbaarheid en rechtszekerheid wordt verwezen naar de bronversie in het Engels (klik op de link hierboven).
Meer informatie vindt u in ons taal- en vertaalbeleid.

Besluit van de Europese Ombudsman inzake klacht 3936/2005/BM tegen de Europese Commissie


Straatsburg, 29 november 2006

Geachte mevrouw A.,

Op 29 december 2005 heeft u bij de Europese Ombudsman een klacht ingediend tegen de Europese Commissie. De klacht had betrekking op de weigering, door de kinderdagverblijven van het "Centrum voor jonge kinderen" ("CPE"(1)) in Luxemburg, van uw verzoek om toelating van uw kind.

Op 9 januari 2006 heeft u mij nadere informatie gestuurd.

Op 3 februari 2006 heb ik de voorzitter van de Commissie van uw klacht in kennis gesteld en hem verzocht uiterlijk op 31 mei 2006 advies uit te brengen.

Op 19 mei 2006 heeft de Commissie haar advies in het Frans uitgebracht. Op 2 juni 2006 heeft de Commissie u een vertaling van dit advies in het Spaans toegezonden, die u op 12 juni 2006 is toegezonden, met het verzoek desgewenst opmerkingen te maken. Er zijn geen schriftelijke opmerkingen van u ontvangen. Op 5 september 2006 hebben mijn diensten telefonisch contact met u opgenomen.

Ik schrijf u nu om u de resultaten te laten weten van de onderzoeken die zijn gedaan.


Het KLACHT

Volgens de klager zijn de feiten van de zaak, samengevat, als volgt:

Klager is de moeder van twee kinderen die in het schooljaar 2004-2005 waren ingeschreven bij het "Centrum voor jonge kinderen" ("CPE"(2)) in Luxemburg ("het CPE-kinderdagverblijf"). Aangezien klager werkloos werd, konden haar kinderen niet naar het centrum gaan aan het begin van het schooljaar 2005-2006, dat wil zeggen in september 2005, aangezien volgens het interne reglement van de CPE, wanneer een van de ouders werkloos is, hun kinderen geen prioriteit hebben om tot het centrum te worden toegelaten.

Klager kreeg een nieuw voltijds contract aangeboden dat op 15 januari 2006 inging. Gezien deze gewijzigde omstandigheden en aangezien een van de ouders een EU-ambtenaar was, diende klager medio december 2005 bij de CPE een aanvraag in om een van haar kinderen met ingang van 16 januari 2006 te laten opnemen in de crèche van de CPE. Klager werd vervolgens verzocht een volledig dossier in te dienen met een aantal aanvullende documenten, waaronder haar arbeidsovereenkomst.

Op 22 december 2005 heeft de CPE haar aanvraag afgewezen op grond dat er geen plaatsen beschikbaar waren wegens het grote aantal kinderen dat moest worden toegelaten na de recente toetreding van de nieuwe lidstaten tot de Europese Unie.

Klager wees erop dat zij een maand eerder de aanvraag voor haar kind had ingediend en dat haar was meegedeeld dat er nog plaatsen beschikbaar waren. Klager merkte op dat de crèche van de CPE de enige dienst was die tijdens de werkuren voor haar kinderen kon zorgen, aangezien de "moederschapsafdeling" van de Europese School elke werkdag om 12.00 uur sloot, behalve op maandag.

Klager merkte op dat het kind op een wachtlijst was geplaatst en dat het CPE-personeel een vergadering met de diensten van de Europese Commissie had gepland om een tussentijdse oplossing te vinden. Klager was ook van mening dat het beleid van de Commissie om kinderen uit de nieuwe EU-lidstaten voorrang te geven bij de toegang tot het kinderdagverblijf, discriminerend was.

De beweringen en beweringen waarover de Ombudsman de Commissie om advies heeft verzocht, waren de volgende:

De klager voerde samenvattend aan dat de Commissie, in haar rol als de instelling die verantwoordelijk is voor het beheer van de crèche CPE in Luxemburg, niet voldoende had voorzien in de behoeften van de crèche CPE met het oog op de toetreding van de tien nieuwe lidstaten. Als gevolg daarvan werd haar kind de toegang tot de kinderkamer geweigerd.

Zij voerde aan dat haar kind moet worden toegelaten tot de crèche van het CPE en dat de Commissie de nodige maatregelen moet nemen om ervoor te zorgen dat de crèche kan voorzien in de huidige behoeften van de gezinnen van EU-personeel.

Het onderzoek

Het advies van de Commissie

In haar advies beschreef de Commissie eerst de feiten van de zaak en de beweringen en argumenten van de klager.

De Commissie legde uit dat de crèche van de CPE werd beheerd door het Bureau voor infrastructuur en logistiek van de Commissie in Luxemburg. Zij merkte op dat klager op 22 december 2005 ervan in kennis was gesteld dat het verzoek om haar kind met ingang van 16 januari 2006 naar de crèche van de CPE te laten gaan, op een wachtlijst was geplaatst.

De Commissie legde uit dat de beherende dienst van de crèche van de CPE op 9 januari 2006 klager had gebeld om haar mee te delen dat de crèche van de CPE in staat was haar verzoek in te willigen en haar kind toe te laten tot een Spaanstalige groep. De Commissie bevestigde dat het kind van klager op 16 januari 2006 werd toegelaten tot de crèche van de CPE en dat hij daadwerkelijk naar de crèche ging.

De Commissie voerde daarom aan dat zij naar behoren had gehandeld, aangezien haar diensten de "Regels inzake toelating tot en exploitatie van de CPE-vestigingen" ("de CPE-regels") correct hadden toegepast, waarvan zij een kopie in haar advies had opgenomen (3).

Wat de prognose van de behoeften van de CPE betreft, heeft de Commissie uitgelegd dat een nieuw gebouw, dat jaren geleden was gepland en onlangs door de staat Luxemburg werd gebouwd, vanaf het schooljaar 2006-2007 beschikbaar zou zijn. Volgens de Commissie zou dit nieuwe gebouw bijdragen tot het oplossen van mogelijke problemen in verband met wachtlijsten voor het bijwonen van de CPE-faciliteiten.

De Commissie concludeerde dat zij de toepasselijke regels en procedures in dit geval volledig in acht had genomen. Voorts merkte de Commissie op dat het onderwerp van de klacht was opgelost, aangezien het kind van klager uiteindelijk was toegelaten tot de crèche van de CPE, overeenkomstig het verzoek van klager.

Opmerkingen van klager

De Ombudsman heeft geen schriftelijke opmerkingen van klager ontvangen.

Op 5 september 2006 hebben de diensten van de Ombudsman klager gebeld om na te gaan of zij tevreden was met de maatregelen die de Commissie naar aanleiding van haar klacht had genomen. Klager bevestigde dat haar kind met ingang van 16 januari 2006 was toegelaten tot de crèche van de CPE. Zij deelde de Ombudsman mee dat zij van mening was dat het probleem door de Commissie was opgelost.

BESLUIT

1 Capaciteit van de kinderdagverblijf in het "Early Childhood Centre" (CPE)(4)

1.1 Klager stelt, kort samengevat, dat de Europese Commissie, in haar rol als de instelling die verantwoordelijk is voor het beheer van de kinderdagverblijven in het "centrum voor jonge kinderen" in Luxemburg ("de kinderdagverblijven van het CPE"), niet voldoende heeft voorzien in de behoeften van de kinderdagverblijven van het CPE met het oog op de toetreding van de tien nieuwe lidstaten. In dit verband stelt zij dat de Commissie de nodige maatregelen moet nemen om ervoor te zorgen dat de crèche van het CPE kan voorzien in de huidige behoeften van de gezinnen van het EU-personeel.

Klager wijst erop dat haar aanvraag bij de crèche van de CPE is afgewezen op grond van het feit dat er vanwege het grote aantal kinderen dat moest worden toegelaten na de recente toetreding van de nieuwe lidstaten tot de Europese Unie, geen plaatsen meer beschikbaar waren. Klager is van mening dat de Commissie een beleid had om voorrang te geven aan kinderen uit de nieuwe EU-lidstaten voor toegang tot het kinderdagverblijf en dat dit discriminerend was.

1.2. In haar advies stelt de Commissie dat een nieuw gebouw, dat jaren geleden is gepland en onlangs door de staat Luxemburg is gebouwd, beschikbaar zal zijn voor het schooljaar 2006-2007. Volgens de Commissie moet dit nieuwe gebouw bijdragen tot het oplossen van mogelijke problemen in verband met wachtlijsten voor het bijwonen van de faciliteiten van het CPE.

1.3 De Ombudsman merkt op dat het CPE er volgens zijn eigen regels (5) naar streeft ouders uit de verschillende EU-lidstaten die hun land van herkomst verlaten en naar Luxemburg komen, gemakkelijk toegang te bieden tot kinderopvangfaciliteiten. Bovendien bestaat het CPE uit de crèche, de "Garderie" (kinderdagverblijf voor oudere baby's) en het Begeleid Studie- en Recreatiecentrum.

1.4 De Ombudsman merkt ook op dat de Commissie zich ertoe heeft verbonden het probleem van de capaciteit van het CPE in de nabije toekomst op te lossen door middel van de nieuwe CPE-faciliteiten die voor het schooljaar 2006-2007 zouden moeten worden ingevoerd. De Ombudsman is van mening dat de Commissie passende maatregelen lijkt te hebben genomen om ervoor te zorgen dat de CPE-capaciteitsproblemen in de nabije toekomst worden opgelost.

1.5 De Ombudsman is van mening dat de aan klager gegeven reden voor de afwijzing van haar aanvraag voor een plaats op de crèche van het CPE niet noodzakelijkerwijs impliceert dat prioriteit werd gegeven aan kinderen uit de nieuwe lidstaten. Volgens de Ombudsman zou de opgegeven reden een verklaring kunnen zijn voor de algemene toename van het aantal kinderen dat naar de kinderdagverblijf gaat en het daaruit voortvloeiende algemene tekort aan plaatsen. Bovendien heeft het onderzoek van de Ombudsman geen bewijs van discriminatie aan het licht gebracht.

1.6 In het licht van het bovenstaande stelt de Ombudsman vast dat er geen sprake is van wanbeheer met betrekking tot de bewering van klager.

Met betrekking tot het argument van klager dat de Commissie de nodige maatregelen moet nemen om ervoor te zorgen dat de crèche van de CPE kan voorzien in de huidige behoeften van de gezinnen van EU-personeel, is de Ombudsman van mening dat, in het licht van de bovenstaande bevindingen, met name rekening houdend met de toezegging van de Commissie, deze kwestie niet verder hoeft te worden behandeld.

2 De bewering dat het kind van de klager moet worden toegelaten tot de crèche van de CPE

2.1 Klager stelt dat haar kind moet worden toegelaten tot de crèche van het CPE.

Klager voert aan dat, aangezien beide ouders, van wie er één EU-ambtenaar is, voltijds zouden werken, zij voorrang hadden bij de toelating van hun kinderen, overeenkomstig de "Regels inzake de toelating tot en de werking van de CPE-vestigingen" ("de CPE-regels").

2.2 In haar advies zet de Commissie uiteen dat, hoewel klager aanvankelijk ervan in kennis was gesteld dat het verzoek van haar kind op een wachtlijst was geplaatst, de beherende dienst van de crèche van de CPE het kind vervolgens op 9 januari 2006 met ingang van 16 januari 2006 heeft toegelaten, zoals zij had gevraagd, en haar van dat besluit in kennis heeft gesteld. De Commissie betoogt derhalve dat zij de CPE-regels correct heeft toegepast en dat zij in casu naar behoren heeft gehandeld.

2.3 Na op 5 september 2006 informeel contact te hebben opgenomen met klager, merkt de Ombudsman op dat zij tevreden leek te zijn met de inspanningen van de Commissie. De Ombudsman concludeert derhalve dat de Commissie de nodige maatregelen heeft genomen om dit aspect van de zaak te regelen en daarmee aan de eis van klager heeft voldaan.

Conclusie

Op basis van zijn onderzoek naar de eerste bewering van klager stelt de Ombudsman vast dat er geen sprake is van wanbeheer. In het licht van deze vaststelling hoeft de desbetreffende vordering niet te worden voortgezet.

Wat het tweede argument van klager betreft, is de Ombudsman van mening dat de Commissie stappen heeft ondernomen om de zaak te schikken en daarmee klager tevreden heeft gesteld. De Ombudsman sluit daarom de zaak.

De Ombudsman stuurt een kopie van dit besluit naar de voorzitter van de Commissie.

Met vriendelijke groet,

 

P. Nikiforos DIAMANDOUROS


(1) Franse afkorting van "Centre Polyvalent de l'Enfance".

(2) Franse afkorting van "Centre Polyvalent de l'Enfance".

(3) De Commissie legde uit dat de CPE-regels waren vastgesteld door een comité dat was samengesteld uit zowel vertegenwoordigers van de administratie van de in Luxemburg gevestigde EU-instellingen als van de personeelsvertegenwoordigers van deze instellingen.

(4) Franse afkorting van "Centre Polyvalent de l'Enfance".

(5) CPE's regels voor toelating tot en exploitatie van de CPE-vestigingen ("CPE-regels").

Wat vond u van deze automatische vertaling? Deel uw mening!