FOR PREVIEWING & TESTING PURPOSES ONLY.
This notification will disappear once the page will be published.
This link is available for less than 30 minutes.
  • Makkelijk te lezen
  • Tekstgrootte

Wilt u een klacht indienen tegen een instelling of orgaan van de EU?

Huidige taal: 
  • Nederlands
Brontaal: 
beschikbare talen: 
De vertaling van deze pagina is automatisch geproduceerd met behulp van machinevertaling.
Machinevertalingen kunnen fouten bevatten die de duidelijkheid en nauwkeurigheid van de informatie kunnen schaden; de Ombudsman kan niet aansprakelijk worden gehouden voor eventuele afwijkingen. Voor de grootste mate van betrouwbaarheid en rechtszekerheid wordt verwezen naar de bronversie in het Engels (klik op de link hierboven).
Meer informatie vindt u in ons taal- en vertaalbeleid.

Besluit over de behandeling door de Europese Commissie van een verzoek om toegang van het publiek tot een brief betreffende een verslag over een onderzoek naar een dodelijk treinongeval in Spanje (zaken 710/2022/OAM en 716/2022/OAM)

De zaken betroffen de behandeling door de Europese Commissie van twee verzoeken om toegang van het publiek tot een brief van de Spaanse autoriteiten aan de Commissie over een verslag van het Spoorwegbureau van de EU over een treinongeval in Spanje waarbij 79 mensen om het leven kwamen. De Commissie heeft aanvankelijk de toegang tot de gevraagde brief geweigerd. De klagers verzochten de Commissie haar standpunt te heroverwegen, maar ontvingen geen definitief antwoord op hun verzoeken binnen de toepasselijke termijnen.

De Ombudsman verzocht de Commissie onverwijld te antwoorden op de verzoeken van de klagers. Het onderzoeksteam van de Ombudsman heeft de brief in kwestie ook geïnspecteerd. Op basis van het onderzoek van de brief was de Ombudsman niet overtuigd door de argumenten van de Commissie om de toegang van het publiek te weigeren en verzocht hij de Commissie te ontmoeten om meer informatie te verkrijgen.

De klagers deelden de Ombudsman mee dat de brief inmiddels door de Spaanse autoriteiten op nationaal niveau was bekendgemaakt. Aangezien beide klagers nu toegang hebben gekregen, is geen verder onderzoek naar deze zaken gerechtvaardigd en sluit de Ombudsman ze af.

Achtergrond van de klachten

1. Op 24 juli 2013 ontspoorde een hogesnelheidstrein in de buurt van Santiago de Compostela, in het noordwesten van Spanje. Van de 222 mensen aan boord kwamen er 79 om het leven en raakten er ongeveer 140 gewond. Het treinongeluk werd op nationaal niveau onderzocht. Op verzoek van de Europese Commissie heeft het Spoorwegbureau van de Europese Unie (ERA)[1] een verslag opgesteld met advies over de onafhankelijkheid van de onderzoeksinstantie in Spanje. Het EOR-verslag is in juli 2016 gepubliceerd naar aanleiding van een verzoek om toegang van het publiek tot documenten [2].

2. In januari 2022 hebben een journalist en de vereniging van slachtoffers bij de Commissie een verzoek ingediend om toegang van het publiek [3] tot een brief van 26 mei 2016 over het EOR-verslag. De brief werd door het toenmalige Spaanse ministerie van Ontwikkeling doorgestuurd naar de toenmalige Europese commissaris voor Vervoer.

3. De Commissie heeft vastgesteld dat de volgende documenten binnen het toepassingsgebied van het verzoek vallen: een brief van de Spaanse minister van Ontwikkeling, Pastor Julián, aan commissaris Bulc, 26 mei 2016, kenmerk Ares(2016)2471290, en de bijlage daarbij – een brief van de secretaris-generaal voor Infrastructuur aan de minister van Ontwikkeling (hierna “de documenten” genoemd). De Commissie heeft de Spaanse autoriteiten van wie de documenten afkomstig zijn, geraadpleegd [4]. De Spaanse autoriteiten verzetten zich tegen de openbaarmaking en voerden aan dat de documenten betrekking hadden op een kwestie die op dat moment het voorwerp vormde van een strafrechtelijke procedure voor een Spaanse rechtbank. De Commissie heeft de toegang tot de brief en de bijlage daarbij geweigerd met een beroep op de uitzondering ter bescherming van lopende gerechtelijke procedures [5].

4. Beide klagers verzochten de Commissie haar besluit te herzien (door een “bevestigend verzoek” in te dienen). De Commissie heeft niet binnen de bij Verordening (EG) nr. 1049/2001 vastgestelde termijnen op de confirmatieve verzoeken geantwoord.

5. Ontevreden wendden beide klagers zich tot de Ombudsman.

6. In de loop van het onderzoek heeft de Commissie op de confirmatieve verzoeken geantwoord en haar aanvankelijke standpunt om de toegang te weigeren bevestigd.

Het onderzoek

7. De Ombudsman opende twee onderzoeken naar de klachten en besloot deze gezamenlijk te behandelen.

8. Het onderzoeksteam van de Ombudsman heeft de betrokken documenten en de documentatie met betrekking tot de raadpleging van de Spaanse autoriteiten in de initiële en bevestigende fase geïnspecteerd.

Argumenten

9. Beide klagers betwijfelden of de documenten in kwestie betrekking konden hebben op de lopende gerechtelijke procedures in Spanje. De klagers vermoedden veeleer dat de documenten betrekking hadden op het besluit van het Bureau om zijn verslag in juli 2016 openbaar te maken. Volgens de klagers was er dus geen geldige reden om de toegang tot de documenten te weigeren, die dateren van vóór de openbaarmaking van het EOR-verslag.

10. De klagers deelden de Ombudsman mee dat zij ook op nationaal niveau om toegang tot dezelfde documenten hadden verzocht. In antwoord hierop hebben de Spaanse autoriteiten hun verzoeken afgewezen. Een van de klagers betwistte het besluit van de Spaanse autoriteiten voor de Spaanse Raad voor transparantie en goed bestuur [6].

11. De Commissie merkte op dat de Spaanse autoriteiten zich verzetten tegen de openbaarmaking, op grond van het feit dat de documenten betrekking hadden op het treinongeval, dat het voorwerp uitmaakte van een lopende strafrechtelijke procedure. In juli 2021 openden de Spaanse rechtbanken een mondeling proces in verband met het ongeval en de hoorzittingen zouden in september 2022 plaatsvinden.

12. In het licht hiervan heeft de Commissie in haar bevestigende besluiten verklaard dat de gevraagde documenten “niet duidelijk kunnen worden losgekoppeld van het onderzoek naar het ongeval dat het voorwerp uitmaakt van een gerechtelijke procedure”. Zelfs indien de documenten niet in het kader van de gerechtelijke procedure waren opgesteld, was het van mening dat “de openbaarmaking van correspondentie over het standpunt van de Spaanse nationale autoriteiten met betrekking tot de publicatie van het advies van het Spoorwegbureau van de Europese Unie van invloed kan zijn op het verloop van de gerechtelijke procedure, het standpunt van de partijen en het beginsel van wapengelijkheid”.

13. De Commissie verklaarde ook dat zij niet verplicht was het bezwaar van de lidstaat uitputtend te beoordelen. Veeleer moest worden nagegaan of de verstrekte toelichtingen gegrond leken.[7] De Commissie was van mening dat de door de Spaanse autoriteiten in deze zaak verstrekte rechtvaardigingen “op het eerste gezicht” de toepassing van de uitzondering van artikel 4, lid 2, tweede streepje, van Verordening (EG) nr. 1049/2001 rechtvaardigden.

Beoordeling door de Ombudsman

14. Hoewel de Commissie niet verplicht is een uitputtende beoordeling uit te voeren van het standpunt van een lidstaat om zich te verzetten tegen de openbaarmaking van documenten die van haar afkomstig zijn, moet zij niettemin onderzoeken of de gegeven toelichtingen gegrond lijken. Het is uiteindelijk de verantwoordelijkheid van de Commissie om te beslissen over verzoeken om toegang van het publiek tot documenten waarover zij beschikt [8].

15. Op basis van het onderzoek van de betrokken documenten was de Ombudsman niet overtuigd door het beroep van de Commissie op artikel 4, lid 2, tweede streepje, van Verordening 1049/2001, dat wil zeggen de bescherming van lopende gerechtelijke procedures. Op basis van de documentatie waarover de Ombudsman beschikte, was het met name niet duidelijk hoe de documenten in kwestie een “relevant verband” konden hebben met de lopende gerechtelijke procedures, zoals vereist door de jurisprudentie van de EU [9].

16. De Ombudsman verzocht haar onderzoeksteam derhalve om een ontmoeting met vertegenwoordigers van de Commissie om het “relevante verband” tussen de gevraagde documenten en de lopende gerechtelijke procedures in Spanje beter te begrijpen.

17. Voordat de vergadering kon plaatsvinden, deelde een van de klagers de Ombudsman mee dat de Spaanse Raad voor Transparantie en Goed Bestuur de Spaanse autoriteiten had verzocht de documenten vrij te geven, met het argument dat zij niet hadden aangetoond hoe openbaarmaking de lopende gerechtelijke procedures zou schaden. Als gevolg daarvan waren de documenten nu op nationaal niveau openbaar gemaakt. Klager zei dat de Ombudsman haar onderzoek naar zijn klacht dus niet hoefde voort te zetten. De tweede klager bevestigde vervolgens dat hij ook toegang had gekregen tot de documenten.

18. In het licht hiervan is verder onderzoek naar deze gevallen niet gerechtvaardigd.

Conclusie

Op basis van het onderzoek sluit de Ombudsman de zaken af met de volgende conclusie [10]:

Verder onderzoek is niet gerechtvaardigd.

Klager en de Europese Commissie zullen van dit besluit in kennis worden gesteld.

 

Rosita Hickey
Directeur Onderzoeken


Straatsburg, 9 november 2022

 

[1] Meer informatie over het Spoorwegbureau van de EU is te vinden op: https://www.era.europa.eu/.

[2] Krachtens Verordening (EG) nr. 1049/2001 inzake de toegang van het publiek tot documenten van het Europees Parlement, de Raad en de Commissie: https://eur-lex.europa.eu/legal-content/EN/TXT/?uri=celex:32001R1049.

[3] Idem 2.

[4] Overeenkomstig artikel 4, leden 4 en 5, van Verordening (EG) nr. 1049/2001.

[5] Artikel 4, lid 2, tweede streepje, van Verordening (EG) nr. 1049/2001.

[6] Meer informatie over de Raad voor transparantie en goed bestuur is te vinden op: https://www.consejodetransparencia.es/ct_Home/en/index.html.

[7] De Commissie verwees naar het arrest van het Gerecht van 6 februari 2020, Compañía de Trenes de la Coruña, S.A./Europese Commissie, T-485/18, punten 69 en 70: https://curia.europa.eu/juris/document/document.jsf?text=&docid=223086&pageIndex=0&doclang=EN&mode=lst&dir=&occ=first&part=1&cid=5205467.

[8] Arrest van het Gerecht van 14 februari 2012 in zaak T-59/09, Duitsland/Commissie, punten 51 en 54: https://curia.europa.eu/juris/document/document.jsf?text=&docid=119422&pageIndex=0&doclang=EN&mode=lst&dir=&occ=first&part=1&cid=517167.

[9] Arrest van het Gerecht van 6 februari 2020, Compañía de Tranvías de la Coruña, SA/Europese Commissie, T-485/18, punt 42: https://curia.europa.eu/juris/document/document.jsf?text=&docid=223086&pageIndex=0&doclang=EN&mode=lst&dir=&occ=first&part=1&cid=5205467.

[10] Deze klacht is behandeld in het kader van gedelegeerde behandeling van zaken, overeenkomstig het besluit van de Europese Ombudsman tot vaststelling van uitvoeringsbepalingen.

Wat vond u van deze automatische vertaling? Deel uw mening!