Wilt u een klacht indienen tegen een instelling of orgaan van de EU?
- NL Nederlands
Machinevertalingen kunnen fouten bevatten die de duidelijkheid en nauwkeurigheid van de informatie kunnen schaden; de Ombudsman kan niet aansprakelijk worden gehouden voor eventuele afwijkingen. Voor de grootste mate van betrouwbaarheid en rechtszekerheid wordt verwezen naar de bronversie in het Engels (klik op de link hierboven).
Meer informatie vindt u in ons taal- en vertaalbeleid.
Besluit van de Europese Ombudsman inzake klacht 1723/2000/BB tegen de Europese Commissie
Besluiten
Zaak 1723/2000/BB - Geopend op Woensdag | 21 maart 2001 - Besluit over Vrijdag | 07 december 2001
Geachte heer O.,
Op 21 december 2000 heeft u bij de Europese Ombudsman een klacht ingediend over de behandeling van uw op 15 december 1999 bij de Europese Commissie ingediende verzoek om een onderzoek.
Op 21 maart 2001 heb ik de klacht doorgestuurd naar de voorzitter van de Europese Commissie. De Commissie heeft haar advies op 19 juli 2001 toegezonden en ik heb u verzocht hierover opmerkingen te maken. Op 30 september 2001 verzocht u om een verlenging van de termijn voor uw opmerkingen, die werd toegekend tot en met 31 oktober 2001. Er lijken echter geen opmerkingen van u te zijn ontvangen.
Ik schrijf u nu om u de resultaten te laten weten van de onderzoeken die zijn gedaan.
Het KLACHT
In haar klacht beweert de klager dat de Europese Commissie geen antwoord heeft gestuurd op haar verzoek om een onderzoek in te stellen naar de overdracht van Kemijoki Oy-aandelen die eigendom zijn van de Finse overheid. Klager verzoekt de Europese Ombudsman de achtergrond van deze omissie te onderzoeken en na te gaan of deze praktijk als goed administratief gedrag kan worden beschouwd.
Het onderzoek
Advies van de CommissieIn haar advies heeft de Commissie de volgende opmerkingen gemaakt:
De brief van klager werd op 25 januari 2000 geregistreerd door DG Concurrentie. Het ging om een bijlage bij een andere brief van een andere persoon aan DG Milieu, betreffende een door de Commissie tegen de Finse regering ingeleide niet-nakomingsprocedure.
Helaas beseften de diensten van DG Concurrentie niet dat het verzoek om verduidelijking van klager een ander doel had en dat de brief geen passende follow-up kreeg. Dit is een betreurenswaardige fout, die zeker niet kwalificeert als goed administratief gedrag, maar een fout die noch opzettelijk noch doelgericht was.
De klager verzoekt de Commissie te verduidelijken of de overdracht van de aandelen van het staatsbedrijf Kemijoki Oy ten gunste van andere ondernemingen in strijd is met de artikelen 87 en 88 van het Verdrag van Rome, dan wel of de zaak andere verduidelijkingen of maatregelen rechtvaardigt.
De verkoop van en de activa die eigendom zijn van de staat, wanneer deze plaatsvindt zonder openbare aanbesteding of zonder beoordeling van een onafhankelijke deskundige die een verkoop tegen marktwaarde vaststelt, kan staatssteun inhouden, afhankelijk van de kenmerken van de sector en de specificiteit van de zaak.
Bij gebrek aan nadere informatie, onder meer over de aard van de verkochte activa en over de door de staat ontvangen compensatie, is het niet mogelijk te beoordelen of er sprake is van een schending van de staatssteunregels. DG Concurrentie heeft echter besloten de brief van de klager als klacht in te dienen en zal daarom de zaak onderzoeken.
Klager is bij brief van 25 juni 2001 meegedeeld dat de Commissie de nodige onderzoeken zal verrichten in verband met de verstrekte informatie.
Opmerkingen van klagerKlager lijkt haar opmerkingen niet te hebben ingediend.
BESLUIT
1 Gebrek aan antwoord van de Commissie1.1 In haar klacht beweert de klager dat de Europese Commissie geen antwoord heeft gestuurd op haar verzoek om een onderzoek in te stellen naar de overdracht van aandelen Kemijoki Oy die eigendom zijn van de Finse overheid. Klager verzoekt de Europese Ombudsman de achtergrond van deze omissie te onderzoeken en na te gaan of deze praktijk als goed administratief gedrag kan worden beschouwd.
1.2 Volgens de Commissie is de brief van klager op 25 januari 2000 door DG Concurrentie geregistreerd. Het ging om een bijlage bij een andere brief van een andere persoon aan DG Milieu, betreffende een door de Commissie tegen de Finse regering ingeleide niet-nakomingsprocedure. Volgens de Commissie beseften de diensten van DG Concurrentie helaas niet dat het verzoek om verduidelijking van klager een ander doel had en dat de brief geen passende follow-up kreeg. Dit is een betreurenswaardige fout, die zeker niet kwalificeert als goed administratief gedrag, maar een fout die noch opzettelijk noch doelgericht was.
1.3 De Commissie verklaart dat DG Concurrentie heeft besloten de brief van klager als klacht in te dienen en daarom de zaak zal onderzoeken. De Commissie verklaart dat klager bij brief van 25 juni 2001 ervan in kennis is gesteld dat de Commissie de nodige onderzoeken zal verrichten in verband met de verstrekte informatie.
1.4 De Ombudsman merkt op dat de Commissie klager nu heeft geantwoord dat zij de nodige onderzoeken zal uitvoeren. Voorts betreurt de Commissie de ongelukkige fout waardoor de brief van klager niet onmiddellijk na ontvangst een passende follow-up heeft gekregen. Op grond van het bovenstaande lijkt er geen sprake te zijn geweest van wanbeheer door de Commissie.
2 ConclusieOp basis van het onderzoek van de Ombudsman naar deze klacht lijkt er geen sprake te zijn geweest van wanbeheer door de Europese Commissie. De Ombudsman sluit daarom de zaak.
Met vriendelijke groet,
Jacob SÖDERMAN