FOR PREVIEWING & TESTING PURPOSES ONLY.
This notification will disappear once the page will be published.
This link is available for less than 30 minutes.
  • Makkelijk te lezen
  • Tekstgrootte

Wilt u een klacht indienen tegen een instelling of orgaan van de EU?

Huidige taal: 
  • Nederlands
Brontaal: 
beschikbare talen: 
De vertaling van deze pagina is automatisch geproduceerd met behulp van machinevertaling.
Machinevertalingen kunnen fouten bevatten die de duidelijkheid en nauwkeurigheid van de informatie kunnen schaden; de Ombudsman kan niet aansprakelijk worden gehouden voor eventuele afwijkingen. Voor de grootste mate van betrouwbaarheid en rechtszekerheid wordt verwezen naar de bronversie in het Engels (klik op de link hierboven).
Meer informatie vindt u in ons taal- en vertaalbeleid.

Besluit in zaak 1705/2016/DR over het vermeende verzuim van de Europese Commissie om de investering van de klager in een door de EU gefinancierd project voor de bouw van een gastenverblijf in een beschermd gebied te beschermen

De zaak betrof een project voor de bouw van een gastenverblijf in de Donaudelta in Roemenië. Het project, dat wordt medegefinancierd uit het Europees Landbouwfonds voor Plattelandsontwikkeling, werd negatief beïnvloed door nationale wetswijzigingen en andere maatregelen van de Roemeense autoriteiten. De begunstigde van het project, een particulier Roemeens bedrijf, ging uiteindelijk failliet.

Klager, die deze onderneming leidde, heeft bij de Europese Commissie verschillende klachten over inbreuken ingediend. Hij hield zowel de Roemeense autoriteiten als de Commissie verantwoordelijk voor zijn financiële verliezen. Hij betoogde dat de Commissie geen maatregelen had genomen om zijn investering te beschermen en behandelde zijn klachten verkeerd.

De Ombudsman heeft de dossiers over de klachten van klager over inbreuken geïnspecteerd, met inbegrip van zijn correspondentie met de Commissie. De Ombudsman constateerde geen wanbeheer en sloot het onderzoek af.

Achtergrond van de klacht

1. De klager is een Roemeens staatsburger wiens onderneming („de onderneming”) een subsidie uit het Europees Landbouwfonds voor Plattelandsontwikkeling (ELFPO)[1] heeft ontvangen om een toeristisch project te ontwikkelen. Het project betrof de bouw van een gastenverblijf in Mahmudia, Roemenië, een beschermd NATURA 2000-gebied in het biosfeerreservaat van de Donaudelta [2]. De financieringsovereenkomst werd gesloten tussen de onderneming en de Roemeense autoriteiten. Volgens de klager zou het pension voornamelijk worden gebruikt voor jacht- en visserijtoerisme.

2. Toen het pension werd gebouwd, veranderde de nationale wetgeving inzake jacht en visserij in het Donaudeltagebied en verhoogden de Roemeense autoriteiten de btw van 19 % naar 24 %. Volgens klager hebben de autoriteiten ook vertraging opgelopen bij de terugbetaling van het btw-overschot van zijn onderneming, wat de liquiditeit van de onderneming heeft aangetast.

3. In september 2012 werd het bedrijf insolvent en in oktober 2014 ging het failliet.

4. Klager heeft in Roemenië een gerechtelijke procedure ingeleid om schadevergoeding te eisen voor het feit dat zijn onderneming insolvent was verklaard. Volgens hem was dit te wijten aan de te late teruggaaf van het btw-overschot. De Roemeense rechterlijke instanties hebben zijn beroep verworpen [3].

5. Klager diende verschillende klachten in bij de Commissie en verzocht haar actie te ondernemen tegen Roemenië wegens schending van het EU-recht (zogenaamde “inbreukklachten”). Klager was van mening dat de Commissie zijn klachten verkeerd had behandeld en zijn investering in het project niet had beschermd. De grieven en de antwoorden van de Commissie luidden in wezen als volgt:

· Klacht over de wetswijzigingen inzake jacht en visserij (CHAP(2014)3908)[4]

6. Klager zei dat de wijzigingen in de wettelijke regeling voor het biosfeerreservaat van de Donaudelta en het jachtverbod in dat gebied van invloed waren op de levensvatbaarheid van het project en ertoe hebben geleid dat zijn bedrijf failliet ging. Dit was een inbreuk op zijn eigendomsrecht en hij vroeg om een schadevergoeding.

7. In antwoord daarop heeft de Commissie haar rol in inbreukprocedures verduidelijkt en verklaard dat de rechterlijke instanties van de EU de lidstaten niet kunnen verplichten schadevergoeding te betalen aan een persoon, zelfs niet wanneer is vastgesteld dat deze het EU-recht heeft geschonden.

8. De Commissie merkte op dat de wetswijzigingen in kwestie klager niet het recht ontnamen om het door hem gebouwde gastenverblijf te bezitten, te gebruiken, te vervreemden en na te laten, en derhalve geen inbreuk maakten op zijn eigendomsrecht. De Commissie heeft de argumenten van klager ook onderzocht in het licht van de vrijheid van ondernemerschap. Het merkte op dat deze vrijheid geen absoluut voorrecht vormt en dat zij kan worden beperkt [5].

9. De Commissie legde uit dat het mogelijk was dat de Roemeense autoriteiten de wetgeving inzake het verbod op de jacht in het gebied hadden vastgesteld om het EU-recht ten uitvoer te leggen, namelijk Richtlijn 2009/147/EG inzake het behoud van de vogelstand [6]. Die richtlijn belet de lidstaten niet om strengere nationale maatregelen [7] vast te stellen, zoals een absoluut verbod in gebieden die deel uitmaken van het NATURA 2000-netwerk, mits deze in overeenstemming zijn met de beginselen van non-discriminatie en evenredigheid. De Commissie adviseerde klager om eventuele vorderingen tot schadevergoeding in te stellen bij de nationale rechter en, na uitputting van de rechtsmiddelen op nationaal niveau, bij het Europees Hof voor de Rechten van de Mens.

· Klachten over de verlaging van het subsidiebedrag wegens verkeerd gebruik van de wisselkoers (CHAP(2013)1357 en CHAP(2013)1373)

10. De klager verklaarde dat de Roemeense autoriteiten de waarde van de subsidie hebben verlaagd door de verkeerde wisselkoers tussen de euro en de Roemeense valuta toe te passen. Volgens hem moet de Commissie de contracten controleren die zijn gesloten tussen nationale autoriteiten en begunstigden van EU-middelen om ervoor te zorgen dat zij het juiste percentage gebruiken.

11. De Commissie verklaarde dat een eventueel verschil in het subsidiebedrag als gevolg van de wisselkoers betrekking had op de uitvoering van de financieringsovereenkomst tussen de onderneming en de nationale autoriteiten. Het legde ook uit dat het beheer en de uitvoering van het nationale programma voor plattelandsontwikkeling, met inbegrip van het opstellen van contracten die met begunstigden moeten worden ondertekend, een verantwoordelijkheid van de lidstaten is.

12. De Commissie heeft ook uitgelegd dat de wisselkoers die tussen de onderneming van de klager en de Roemeense autoriteiten is overeengekomen, kan verschillen van de wisselkoers die tussen de Roemeense autoriteiten en de Commissie van toepassing is. Dit laatste wordt bepaald door Verordening (EG) nr. 883/2006 [8]. Het verschil tussen de tarieven betekent niet dat de onderneming verliezen heeft geleden.

· Klacht over de te late terugbetaling van het btw-overschot en het besluit om de btw te verhogen van 19 % naar 24 % (CHAP(2013)0907)

13. Klager verklaarde dat de te late teruggaaf van het btw-overschot negatieve gevolgen had voor het project, evenals de btw-verhoging van 19 % naar 24 %.

14. De Commissie heeft uitgelegd dat de btw-richtlijn [9] niet voorziet in specifieke termijnen waarbinnen de lidstaten het btw-overschot moeten teruggeven. De lidstaten kunnen hun eigen termijnen vaststellen, mits deze redelijk zijn [10]. In deze zaak hadden de Roemeense autoriteiten het btw-overschot terugbetaald binnen een door het Hof van Justitie van de EU als redelijke termijn erkende termijn. De Commissie heeft voorts uitgelegd dat elke schending van een in de nationale wetgeving vastgestelde termijn die niet verder gaat dan wat door de Unierechter als onredelijk wordt beschouwd, op nationaal niveau moet worden beslecht. De Commissie adviseerde klager deze kwestie aan te kaarten bij de nationale administratieve en gerechtelijke autoriteiten. De Commissie heeft klager ook meegedeeld dat de destijds tegen Roemenië lopende inbreukprocedure met betrekking tot btw-overschotten betrekking had op onredelijke vertragingen [11].

15. De Commissie merkte ook op dat de btw-richtlijn uitdrukkelijk bepaalt dat de lidstaten hun eigen btw-tarief mogen vaststellen, mits dit hoger is dan 15 %.

16. Ontevreden over de antwoorden van de Commissie wendde klager zich in november 2016 tot de Ombudsman.

Het onderzoek

17. De Ombudsman heeft een onderzoek geopend naar de bezorgdheid van klager dat de Commissie i) geen maatregelen heeft genomen om zijn investering te beschermen en ii) zijn klachten over inbreuken onjuist heeft behandeld.

18. Het onderzoeksteam van de Ombudsman heeft de dossiers van de Commissie over de zaak geïnspecteerd. Het inspectieverslag werd voor opmerkingen naar klager gestuurd.

Maatregelen ter bescherming van de investering van de klager

Aan de Ombudsman voorgelegde argumenten

19. Klager stelt in wezen dat de door hem geleden schade te wijten is aan de hierboven uiteengezette gebeurtenissen en aan het stilzitten van de Commissie. Volgens klager moet de Commissie verantwoordelijk worden gehouden voor zijn financiële verlies.

20. De Commissie is het niet eens met het standpunt van klager, zoals hierboven in detail uiteengezet.

Beoordeling door de Ombudsman

21. De Ombudsman begrijpt dat klager heeft geleden onder het faillissement van zijn bedrijf.

22. De Commissie kan hiervoor echter niet verantwoordelijk worden gesteld. Hoewel klager van mening is dat de Commissie heeft nagelaten maatregelen te nemen om de door de Roemeense autoriteiten genomen maatregelen te beperken, heeft de Commissie op duidelijke en gedetailleerde wijze uitgelegd waarom zij niet bevoegd was om in te grijpen.  

23. De Commissie heeft klager terecht geadviseerd over de rechtsmiddelen waarover hij op nationaal niveau beschikt. Het feit dat klager voor de nationale rechter niet in het gelijk is gesteld, verandert niets aan deze beoordeling.

24. De Ombudsman constateert geen wanbeheer met betrekking tot dit aspect van de klacht.

Hoe de Commissie de klachten over inbreuken heeft behandeld

Aan de Ombudsman voorgelegde argumenten

25. Volgens klager heeft de Commissie zijn klachten over inbreuken niet naar behoren behandeld. Hij heeft de Commissie niet verzocht een inbreukprocedure tegen Roemenië in te leiden, maar in te grijpen om de negatieve gevolgen van de door de Roemeense autoriteiten genomen maatregelen aan te pakken en hem een vergoeding voor zijn morele en financiële schade te betalen. Klager is ook van mening dat de Commissie geen rekening heeft gehouden met zijn argumenten.

26. De Commissie is van mening dat zij de klachten van klager over inbreuken zorgvuldig heeft behandeld.

Beoordeling door de Ombudsman

27. Het hoofddoel van de inbreukprocedure is ervoor te zorgen dat de lidstaten uitvoering geven aan het EU-recht in het algemeen belang, en niet om individuele verhaalsmogelijkheden te bieden [12]. Hoewel klager in deze zaak duidelijk individueel verhaal zocht, is de Ombudsman het ermee eens — na de documenten in deze zaak te hebben onderzocht — dat de Commissie zijn correspondentie terecht als klachten over inbreuken heeft behandeld.

28. Niets wijst erop dat de Commissie deze grieven onjuist heeft behandeld. Zij heeft de feitelijke en juridische aspecten van de aan de orde gestelde kwesties volledig begrepen. Hij legde duidelijk uit waarom hij geen gevolg kon geven aan zijn opmerkingen. Deze uitleg is correct en in overeenstemming met het toepasselijke EU-recht.

29. De Ombudsman begrijpt dat klager ontevreden is over het standpunt van de Commissie. Uit de informatie waarover de Ombudsman beschikt, blijkt echter niet dat er in deze zaak sprake was van wanbeheer.

Conclusie

Op basis van het onderzoek sluit de Ombudsman deze zaak af met de volgende conclusie:

In deze zaak was er geen sprake van wanbeheer door de Commissie.

Klager en de Commissie zullen van dit besluit in kennis worden gesteld.

 

 

Emily O'Reilly

Europese Ombudsman

Straatsburg, 04/12/2018

 

[1] Het Europees Landbouwfonds voor plattelandsontwikkeling (Elfpo) verstrekt EU-financiering aan begunstigden in de vorm van subsidies ter ondersteuning van plattelandsontwikkelingsprojecten. Deze subsidies komen bovenop de financiering die de begunstigden zelf bijdragen.

[2] http://www.ddbra.ro/en/danube-delta-biosphere-reserve/danube-delta/biodiversity/natura-2000-ecological-network-a911.

[3] De nationale rechterlijke instanties hebben vastgesteld dat de onderneming ruimschoots in gebreke was gebleven alvorens insolvent te worden verklaard.

[4] In mei 2009 is de Roemeense wetgeving gewijzigd om de visserij in de Donaudelta 's nachts te verbieden; in juli 2011, toen het project bijna was voltooid, veranderde de Roemeense milieuwetgeving opnieuw en verbood de jacht in het biosfeerreservaat van de Donaudelta.

[5] Mits een dergelijke beperking bij wet is gesteld, de wezenlijke inhoud van de betrokken vrijheid eerbiedigt en noodzakelijk is en daadwerkelijk beantwoordt aan door de Unie erkende doelstellingen van algemeen belang of aan de eisen van de bescherming van de rechten en vrijheden van anderen (artikel 52, lid 1, van het Handvest van de grondrechten van de Europese Unie). 

[6] Richtlijn 2009/147/EG van het Europees Parlement en de Raad van 30 november 2009 inzake het behoud van de vogelstand (PB L 20 van 26.1.2010, blz. 7).

[7] Zie zaak C-2/10, Azienda Agro-Zootecnica Franchini Sarl, Eolica di Altamura Srl tegen Regione Puglia, ECLI:EU:C:2011:502, punten 58, 74 en 75.

[8] Verordening (EG) nr. 883/2006 van de Commissie van 21 juni 2006 houdende uitvoeringsbepalingen van Verordening (EG) nr. 1290/2005 van de Raad met betrekking tot het bijhouden van de rekeningen van de betaalorganen, de declaraties van uitgaven en ontvangsten en de voorwaarden voor de vergoeding van uitgaven in het kader van het ELGF en het Elfpo (PB L 171 van 23.6.2006, blz. 1).

[9] Artikelen 96 en 97 van Richtlijn 2006/112/EG van de Raad van 28 november 2006 betreffende het gemeenschappelijke stelsel van belasting over de toegevoegde waarde (PB L 347 van 11.12.2006, blz. 1).

[10] De Commissie verwees naar het arrest van het Hof van 10 juli 2008, zaak C-25/07, Sosnowska tegen Dyrektor Izby Skarbowej we Wrocławiu Ośrodek Zamiejscowy w Wałbrzychu (verzoek om een prejudiciële beslissing), ECLI:EU:C:2008:395, punten 17 en 27; en arrest van het Hof van 25 oktober 2001, zaak C-78/00, Commissie/Italië, ECLI:EU:C:2001:579, punt 34.

[11] Zie https://ec.europa.eu/taxation_customs/inbreuken/inbreukzaken-persberichten/inbreukzaken-land/inbreukzaken-land-20102013_en#romania

[12] Mededeling van de Commissie — EU-wetgeving: Betere resultaten door betere toepassing, C/2016/8600, PB C 18 van 19.1.2017, blz. 10-20.

 

Wat vond u van deze automatische vertaling? Deel uw mening!