FOR PREVIEWING & TESTING PURPOSES ONLY.
This notification will disappear once the page will be published.
This link is available for less than 30 minutes.
  • Makkelijk te lezen
  • Tekstgrootte

Wilt u een klacht indienen tegen een instelling of orgaan van de EU?

Huidige taal: 
  • Nederlands
Brontaal: 
beschikbare talen: 
De vertaling van deze pagina is automatisch geproduceerd met behulp van machinevertaling.
Machinevertalingen kunnen fouten bevatten die de duidelijkheid en nauwkeurigheid van de informatie kunnen schaden; de Ombudsman kan niet aansprakelijk worden gehouden voor eventuele afwijkingen. Voor de grootste mate van betrouwbaarheid en rechtszekerheid wordt verwezen naar de bronversie in het Engels (klik op de link hierboven).
Meer informatie vindt u in ons taal- en vertaalbeleid.

Besluit van de Europese Ombudsman inzake klacht 320/2001/GG tegen de Europese Commissie


Straatsburg, 12 juli 2001

Beste dokter B.,

Op 3 en 17 maart 2001 heeft u bij de Europese Ombudsman een klacht ingediend tegen de Europese Commissie over haar selectieprocedure voor onderzoek COM/R/A/01/2000.

Op 29 maart 2001 heb ik de klacht doorgestuurd naar de Commissie. De Commissie heeft haar advies op 17 mei 2001 toegezonden en ik heb het u op 22 mei 2001 toegezonden met de uitnodiging om desgewenst uiterlijk op 30 juni 2001 opmerkingen te maken. Dergelijke opmerkingen heb ik niet ontvangen.

Ik schrijf u nu om u de resultaten te laten weten van de onderzoeken die zijn gedaan.


Het KLACHT

Klager, een Duitse wetenschapper die al voor de EU had gewerkt in het onderzoekscentrum in Geel, heeft zich aangemeld voor de selectieprocedure voor onderzoek COM/R/A/01/2000. Op 5 januari 2001 werd hem meegedeeld dat zijn verzoek was afgewezen omdat hij geen bewijsstukken had overgelegd. Toen klager dit resultaat in twijfel trok, legde de Commissie in een verdere brief van 6 maart 2001 uit dat hij geen contract en loonstrook had verstrekt. De Commissie beweerde dat klager een verklaring had ondertekend dat hij op de hoogte was van het feit dat zijn aanvraag zou worden afgewezen indien geen kopieën van deze documenten zouden worden verstrekt.

Klager voerde aan dat de relevante documenten alleen op verzoek moesten worden verstrekt, aangezien de Duitse versie van het aanvraagformulier de woorden "Auf Verlangen kann ich die folgenden Belege vorlegen" bevatte (op verzoek kan de aanvrager de volgende documenten indienen). Volgens hem was een dergelijke eis niet eerder gesteld. Hij was derhalve van mening dat het besluit tot afwijzing van zijn verzoek onjuist was.

Het onderzoek

De klacht is voor commentaar naar de Commissie gestuurd.

Advies van de Commissie

De Commissie heeft een kopie van een door klager ondertekende verklaring van 13 september 2000 overgelegd, waarin onder meer het volgende wordt vermeld:

"Ik ben mij er ook van bewust dat mijn aanvraag zal worden afgewezen als ik geen fotokopieën van de volgende documenten indien:

- (.)

- (.)

- verklaring(en) van tewerkstelling, of overeenkomst(en) en de laatste loonstrook."

De Commissie verwees ook naar punt III.C van de aankondiging van vergelijkend onderzoek, volgens hetwelk de kandidaten kopieën van de bewijsstukken bij hun sollicitatie moesten voegen, die anders niet geldig zouden zijn.

Wat de Commissie betreft, was het niet duidelijk waarom klager had verklaard dat het aanvraagformulier de door hem geciteerde woorden bevatte. De Commissie merkte op dat deze woorden verschenen in een vorm genaamd "NPPR" (= nieuw personeelsbeleid dat voortvloeit uit de onderzoeksbegroting) waardoor belanghebbenden konden vragen om te worden opgenomen in de NPPR-databank, waarin het directoraat-generaal Onderzoek van de Commissie kan zoeken naar deskundigen die het anders niet kon aanwerven. Een op deze manier aangeworven deskundige krijgt een niet-verlengbare tijdelijke arbeidsovereenkomst van drie jaar. De Commissie deelde de Ombudsman mee dat klager op 21 juni 1999 een NPPR-aanvraag had ingediend en een kopie daarvan had verstrekt. Volgens de Commissie moet de aanvrager zijn sollicitatie in het kader van selectieprocedure COM/R/A/01/2000 hebben verward met die voor de NPPR-databank.

Opmerkingen van klager

Van klager zijn geen opmerkingen ontvangen.

BESLUIT

1 Afwijzing van de aanvraag om deel te nemen aan de selectieprocedure

1.1 Klager diende een aanvraag in om deel te nemen aan de selectieprocedure voor onderzoek COM/R/A/01/2000. Vervolgens heeft de Commissie hem meegedeeld dat zijn aanvraag was afgewezen omdat hij geen bewijsstukken had overgelegd, te weten een contract en een loonstrookje. De klager voerde aan dat de relevante documenten alleen op verzoek moesten worden verstrekt en dat een dergelijk verzoek niet eerder was gedaan. Hij is derhalve van mening dat het besluit tot afwijzing van zijn verzoek onjuist was.

1.2 De Commissie antwoordt dat klager een verklaring heeft ondertekend dat hij ervan op de hoogte was dat zijn aanvraag zou worden afgewezen indien geen kopieën van deze documenten zouden worden verstrekt. Zij verwijst ook naar punt III.C van de aankondiging van vergelijkend onderzoek, volgens hetwelk de kandidaten kopieën van de bewijsstukken bij hun sollicitatie moesten voegen, die anders niet geldig zouden zijn. Ten slotte stelt de Commissie dat klager zijn sollicitatie naar de selectieprocedure lijkt te hebben verward met een ander formulier.

1.3 De Ombudsman is van mening dat de door de Commissie naar voren gebrachte standpunten worden bevestigd door de kopieën van de relevante documenten die de Commissie hem heeft voorgelegd.

1.4 Op grond van het bovenstaande lijkt er geen sprake te zijn geweest van wanbeheer door de Commissie.

2 Conclusie

Op basis van het onderzoek van de Europese Ombudsman naar deze klacht lijkt er geen sprake te zijn geweest van wanbeheer door de Europese Commissie. De Ombudsman sluit derhalve het dossier.

De voorzitter van de Europese Commissie zal ook van dit besluit in kennis worden gesteld.

Met vriendelijke groet,

 

Jacob SÖDERMAN

Wat vond u van deze automatische vertaling? Deel uw mening!