FOR PREVIEWING & TESTING PURPOSES ONLY.
This notification will disappear once the page will be published.
This link is available for less than 30 minutes.
  • Makkelijk te lezen
  • Tekstgrootte

Wilt u een klacht indienen tegen een instelling of orgaan van de EU?

  • Uitvoer
Huidige taal: 
  • Nederlands
Brontaal: 
beschikbare talen: 
De vertaling van deze pagina is automatisch geproduceerd met behulp van machinevertaling.
Machinevertalingen kunnen fouten bevatten die de duidelijkheid en nauwkeurigheid van de informatie kunnen schaden; de Ombudsman kan niet aansprakelijk worden gehouden voor eventuele afwijkingen. Voor de grootste mate van betrouwbaarheid en rechtszekerheid wordt verwezen naar de bronversie in het Engels (klik op de link hierboven).
Meer informatie vindt u in ons taal- en vertaalbeleid.

Opmerkingen over de toegang tot documenten en transparantiekwesties

Openingstoespraak van Ombudsvrouw Anjinho tijdens een door de International Press Association georganiseerd evenement

Bedankt voor de uitnodiging voor dit gesprek. Ik waardeer het dat u de tijd hebt genomen om het werk van mijn kantoor te bespreken in wat ik weet is een zeer drukke periode. 

Ik zal beginnen met een korte inleiding alvorens uw vragen te stellen.

Zoals u weet, houdt de Europese Ombudsman toezicht op goed bestuur in alle instellingen, organen en instanties van de Europese Unie. Ik heb deze rol iets meer dan een jaar geleden met hoge verwachtingen op mij genomen - zowel voor het kantoor als voor de EU-administratie.

Ik ben van mening - en ik ben er zeker van dat u dat ook doet - dat het openbaar bestuur open, transparant en verantwoordelijk moet zijn. 

Zoals velen van u hebben gemeld, staan de EU-instellingen het afgelopen jaar onder grote druk om te reageren op een snel veranderende wereld. Een druk die niet alleen institutioneel is. In heel Europa worden burgers, bedrijven en organisaties ook geconfronteerd met dezelfde onzekerheid en proberen ze hun weg te vinden in wat vaak als onbekende wateren aanvoelt.

In veel opzichten ervaren we een vorm van dubbele angst: binnen instellingen een angst voor veerkracht en levering; en in de hele samenleving een angst voor zichtbaarheid, stem en inclusie.

Juist op zulke momenten is de kwaliteit van het openbaar bestuur het belangrijkst. Wanneer instellingen onder druk staan, kan er een verleiding zijn om sneller te gaan en minder te communiceren. En wanneer burgers zich onzeker of buitengesloten voelen, wordt de vraag naar transparantie en verantwoordingsplicht alleen maar groter.

Dit is waar de rol van de Europese Ombudsman bijzonder belangrijk wordt: ervoor zorgen dat het EU-bestuur zelfs in moeilijke tijden open, eerlijk en responsief blijft ten opzichte van de mensen die het dient.

In die zin fungeren we als echte bruggenbouwers tussen instellingen en burgers.

Mijn kantoor behandelt een breed scala aan klachten, van integriteitskwesties en invloed op besluiten tot grondrechten, procedurele billijkheid en het beheer van EU-subsidies.

Net als in voorgaande jaren blijven zorgen over transparantie en verantwoordingsplicht het grootste deel van ons werk uitmaken (38% in 2025).

Klagers zijn individuele burgers, maatschappelijke organisaties, bedrijven, academici en, regelmatig, u, in uw hoedanigheid van journalist.

Het is belangrijk om te verduidelijken dat we in onze onderzoeken kijken naar kwesties door de lens van wettigheid, maar we kunnen ook verder gaan dan dat, door kwesties van onpartijdigheid, billijkheid, reactievermogen of empathie aan te pakken — essentiële elementen voor het behoud van het vertrouwen in het Europese project als geheel.

Wat dit toezicht uniek maakt, is onze focus op goed bestuur in de praktijk.

Door middel van een dialoog met de administratie vinden we praktische oplossingen en moedigen we constructieve verandering aan – vaak zonder dat er formele juridische stappen nodig zijn. Deze aanpak kan problemen sneller en doeltreffender oplossen en tegelijkertijd het vertrouwen tussen burgers en instellingen versterken.

Onze kracht ligt in onze onafhankelijkheid, in de kwaliteit van onze redenering en in ons vermogen om voorstellen te doen die verder gaan dan het individuele geval.

Sommige van onze onderzoeken leiden tot een onmiddellijke positieve wijziging — toegang tot een document of een fout in verband met een gecorrigeerde subsidie — andere leiden tot een verdere wijziging. Verbeteringen in de manier waarop instellingen draaideurregels toepassen, hebben zich bijvoorbeeld geleidelijk ontwikkeld, over meerdere onderzoeken heen.

Het werk van een ombudsman is nooit af. De normen voor goed bestuur moeten voortdurend evolueren om rekening te houden met nieuwe realiteiten en stijgende verwachtingen.

Laat ik een paar zaken noemen die het afgelopen jaar centraal hebben gestaan in mijn werk.

Ten eerste, toegang tot EU-documenten — velen van u vertrouwen op dit recht in uw dagelijkse werk en onderzoeken beslissingen op een breed scala van beleidsterreinen.

Ik ben mij zeer bewust van het belang van tijdige informatieverstrekking en van het feit dat de in Verordening (EG) nr. 1049 vastgestelde termijn vaak niet naar behoren werkt. Vorig jaar bijvoorbeeld had 70 % van mijn toegang tot documentenonderzoeken met betrekking tot de Commissie te maken met vertragingen.

Hoewel mijn team en ik hierover constructieve gesprekken met de Commissie hebben gevoerd, blijft de toegang tot documenten een hardnekkig probleem.

Ik ben me er terdege van bewust dat de behandeling van deze verzoeken voor instellingen veel middelen kan kosten. Maar we mogen nooit vergeten dat we te maken hebben met een grondrecht.

Wat we nu nodig hebben, zijn oplossingen voor duidelijk geïdentificeerde problemen: meer duidelijkheid en een structurele aanpak. Van het wettelijk kader zelf tot de dagelijkse praktijk van de instellingen, en zelfs tot de bestuursmodellen die richting geven aan de manier waarop beslissingen worden vastgelegd en gedeeld.

Dat zou iedereen ten goede komen. Het zou burgers helpen hun rechten doeltreffender uit te oefenen, en het zou instellingen helpen verder te gaan dan wat soms als een spel van verstoppertje kan voelen.

Tweede punt - dringende besluitvorming.

Goed openbaar bestuur betekent in staat zijn om te reageren op onvoorziene of dringende situaties, terwijl het verantwoordelijk en consistent blijft in de besluitvorming.

In mijn recente onderzoek naar de zogenaamde “Omnibus I” werd vastgesteld dat dit evenwicht niet was bereikt. Ik heb de Commissie gevraagd in de toekomst “urgentie” te definiëren en interne besluiten vast te leggen om af te wijken van haar eigen richtsnoeren voor betere regelgeving.

Hoewel zij constructief op mijn bevindingen heeft gereageerd, zal de sleutel zijn of toekomstige wetgevingsvoorstellen van de Commissie voldoende inclusief, empirisch onderbouwd en transparant zijn - dit zijn absolute vereisten of wetgeving al dan niet dringend wordt geacht, en ik zal deze kwestie blijven volgen.

Ten derde: AI in het openbaar bestuur.

Ik heb drie lopende onderzoeken met betrekking tot kunstmatige intelligentie - een teken van het toenemende gebruik van AI en de vragen die het oproept over toezicht en verantwoordingsplicht.

Eén onderzoek heeft betrekking op de vraag of er doeltreffende waarborgen bestaan wanneer externe deskundigen AI gebruiken om voorstellen voor EU-financiering te evalueren. Een andere kwestie betreft de mogelijke inconsistenties tussen de AI-verordening en de richtsnoeren voor de uitvoering ervan voor AI-modellen voor algemene doeleinden. Een derde betreft de ontwikkeling van EU-normen op het gebied van artificiële intelligentie.

Dergelijke onderzoeken – en ik verwacht meer in de toekomst – helpen ons bij het gebruik van AI in het openbaar bestuur. Zij helpen bij het identificeren van potentiële risico’s en gebieden die verduidelijking behoeven en kunnen ertoe leiden dat structuren en praktijken moeten worden aangepast om de normen inzake verantwoordingsplicht, transparantie en integriteit in het openbaar bestuur beter te handhaven.

Tot slot wil ik de kracht van goede communicatie benadrukken.

Duidelijke, tijdige en transparante communicatie is essentieel voor het opbouwen van vertrouwen en kan vaak voorkomen dat problemen escaleren.

Toch kom ik in mijn werk nog steeds gevallen tegen waarin onvoldoende communicatie de zorgen heeft verdiept. Een recent onderzoek houdt bijvoorbeeld in dat gezondheids-ngo's niet tijdig worden geïnformeerd over geplande bezuinigingen, ondanks herhaalde verzoeken.

Zoals Jürgen Habermas ons eraan herinnerde, berust democratie niet alleen in instellingen, maar ook in communicatie. Het hangt af van wat hij omschreef als communicatieve actie: dialoog gebaseerd op de rede, waarbij het doel niet is om te zegevieren, maar om wederzijds begrip te bereiken.

Dit vereist een sterke en open publieke ruimte— waar ideeën vrij kunnen worden uitgewisseld, autoriteit kan worden ondervraagd en burgers geïnformeerde standpunten kunnen vormen. In dit verband speelt journalistiek een essentiële rol. Jullie zijn niet slechts waarnemers; jullie maken de gesprekken mogelijk en ondersteunen deze, waarvan het democratische leven afhankelijk is.

Als Europese ombudsman ben ik mij bewust van de uitdagingen waarmee u wordt geconfronteerd, waarvan vele tot uiting komen in de bij mij ingediende klachten. Ze spreken rechtstreeks over de kwaliteit van onze publieke ruimte en over het vertrouwen dat burgers stellen in beide instellingen en in degenen die ze controleren.

Laat ik daarom duidelijk zijn: ik zal niet aarzelen bij de uitoefening van mijn mandaat. Ik zal consequent, onpartijdig en oplossingsgericht blijven. En ik zal – zonder compromissen – de beginselen van transparantie, verantwoordingsplicht en integriteit blijven handhaven.

Dat zijn geen abstracte idealen. Dat zijn de voorwaarden voor vertrouwen. En vertrouwen is de basis van zowel goed bestuur als een levendig democratisch discours.

Ik ben me er ook van bewust dat de resultaten niet altijd onmiddellijk zijn en dat dit werk vaak zonder grote zichtbaarheid wordt uitgevoerd. Maar ik zal geen stap terug doen. Betekenisvolle verandering is stapsgewijs, stap voor stap opgebouwd — en elke inspanning is belangrijk.

Ik begon met te zeggen dat ik hoge verwachtingen had van zowel het kantoor als de EU-administratie. Tot slot wil ik zeggen dat we in 2025 bijna 500 onderzoeken hebben geopend en dat we via deze onderzoeken de hoogste normen van de EU-instellingen hebben gevraagd.

In tijden van onzekerheid verwachten burgers terecht meer: meer transparantie, meer verantwoordingsplicht en meer zinvolle betrokkenheid. Mijn bureau zal hierop blijven aandringen.

Vanuit mijn perspectief zoeken burgers zelden naar conflicten — ze willen gehoord worden. Het is voor mij duidelijk dat vertrouwen geen uitkomsten vereist om altijd aan de verwachtingen te voldoen. Waar het om gaat, is dat zorgen serieus worden genomen, eerlijk worden gecommuniceerd en op betrouwbare wijze worden aangepakt.

Dit is de basis van goed bestuur en is essentieel voor het behoud van het vertrouwen in de Europese Unie.

Bedankt.

Wat vond u van deze automatische vertaling? Deel uw mening!
  • Uitvoer