FOR PREVIEWING & TESTING PURPOSES ONLY.
This notification will disappear once the page will be published.
This link is available for less than 30 minutes.
  • Makkelijk te lezen
  • Tekstgrootte

Wilt u een klacht indienen tegen een instelling of orgaan van de EU?

Huidige taal: 
  • Nederlands
Brontaal: 
beschikbare talen: 
De vertaling van deze pagina is automatisch geproduceerd met behulp van machinevertaling.
Machinevertalingen kunnen fouten bevatten die de duidelijkheid en nauwkeurigheid van de informatie kunnen schaden; de Ombudsman kan niet aansprakelijk worden gehouden voor eventuele afwijkingen. Voor de grootste mate van betrouwbaarheid en rechtszekerheid wordt verwezen naar de bronversie in het Engels (klik op de link hierboven).
Meer informatie vindt u in ons taal- en vertaalbeleid.

"Werkt het Verdrag van Lissabon voor de burgers?" - Verslag over het door de Europese Ombudsman georganiseerde seminar

Op 18 maart 2011 heeft de Europese Ombudsman in het Europees Parlement in Brussel een seminar georganiseerd met als titel "Werkt het Verdrag van Lissabon voor de burgers?". Het evenement werd gehouden in het kader van de inspanningen van de Ombudsman om zijn doelgroepen te bereiken, zoals verenigingen, ngo’s, bedrijven, maatschappelijke organisaties, journalisten, regionale en nationale vertegenwoordigingen en vertegenwoordigers van andere EU-instellingen, met als doel de zichtbaarheid van de instelling van de Ombudsman te vergroten. Het was het derde "maartevenement" van de Ombudsman. De dialoog met belanghebbenden is een belangrijke prioriteit in de strategie voor het mandaat van de Ombudsman 2009-2014.

Hoofdspreker was de voorzitter van de Europese Raad, Herman Van Rompuy. Het discussiepanel bestond uit de Europese Ombudsman, P. Nikiforos Diamandouros, de vicevoorzitter van de Europese Commissie, Viviane Reding, de vicevoorzitter van het Europees Parlement, Diana Wallis, en het hoofd van het Europees Beleidscentrum, Hans Martens. Ann Cahill, voorzitter van de International Press Association, was voorzitter van het evenement.

Meer dan 200 vertegenwoordigers van de doelgroepen van de Ombudsman namen deel aan het seminar. Sommigen maakten van de gelegenheid gebruik om voorafgaand aan het seminar hun standpunten en vragen in te dienen. Het evenement werd live gewebstreamd en verschillende kantoren van het Europees Parlement, Europe Direct, de Europese Commissie en andere kantoren in de hele EU hielpen de link bekend te maken.

Meer dan een jaar na de inwerkingtreding van het Verdrag van Lissabon wilde de Ombudsman een debat op gang brengen over de successen en de uitdagingen die nog te wachten staan. Het Verdrag wordt geprezen als "het burgerverdrag" omdat het voorziet in meer burgerparticipatie, een versterkte dialoog tussen de EU en maatschappelijke organisaties en meer rechten, zoals het nieuwe recht op behoorlijk bestuur. De volgende vragen moeten door de sprekers en de deelnemers worden beantwoord: Heeft het Verdrag van Lissabon zijn beloften waargemaakt? Welke concrete verbeteringen heeft het Verdrag van Lissabon voor de burgers opgeleverd? Welke fouten, indien van toepassing, zijn er gemaakt? En wat moet er nog gebeuren?

De Ombudsman, P.N. Diamandouros, noemde de eerste resultaten van een in opdracht van de Europese Ombudsman en het Europees Parlement gehouden enquête over de rechten van burgers. Volgens deze enquête voelde 72 % van de respondenten zich niet goed geïnformeerd over het Handvest van de grondrechten en had 13 % er zelfs nog nooit van gehoord. Volgens de Ombudsman is dit gebrek aan kennis verontrustend, vooral gezien het feit dat het Handvest het belangrijkste instrument is dat de Unie heeft ontwikkeld om de rechten van de burgers te beschermen en te bevorderen.

De Ombudsman legde uit dat veel van de nieuwe bepalingen in het Verdrag van Lissabon en het Handvest van de grondrechten duidelijk gericht zijn op het opener, verantwoordelijker en burgervriendelijker maken van de instellingen en organen van de EU. Ze stellen burgers in staat effectiever toezicht te houden op het werk van de EU-instellingen, maar ook van de regeringen die zij op nationaal niveau hebben gekozen.

De Ombudsman is echter van mening dat er nog veel moet worden gedaan voordat de Unie en haar burgers ten volle kunnen profiteren van veel van deze bepalingen, met name die betreffende meer transparantie en een grotere betrokkenheid van het maatschappelijk middenveld. Hij verklaarde dat het bureau van de Ombudsman, samen met de andere EU-instellingen en het Europees netwerk van ombudsmannen, meer inspanningen moet leveren om de burgers beter te informeren en hen te helpen gebruik te maken van hun rechten.

Voorzitter Van Rompuy benadrukte dat Europa na Lissabon voor grote uitdagingen staat, waaronder vragen over de toekomst van de euro, de noodzaak van een gemeenschappelijk antwoord op de kwestie van nucleaire veiligheid en de gevolgen van de gebeurtenissen in Noord-Afrika voor de EU.

Volgens de heer Van Rompuy geeft het Verdrag van Lissabon de EU een groter vermogen om op te treden, niet alleen op het gebied van buitenlands beleid, maar ook met betrekking tot efficiëntere besluitvorming. Een grotere efficiëntie wijst echter ook op de noodzaak van meer legitimiteit. De belangrijkste verbeteringen op het gebied van legitimiteit zijn volgens hem de grotere bevoegdheden van het Europees Parlement, een grotere betrokkenheid van de nationale parlementen, het Handvest van de grondrechten, de mogelijkheid om een klacht in te dienen bij de Ombudsman en meer transparantie over de werkzaamheden van de EU-instellingen.

De heer Van Rompuy deelt de bezorgdheid van de Ombudsman over een gebrek aan bewustzijn bij de Europese burgers. Hij zei echter dat zelfs als burgers soms moeite hebben na de complexe debatten over de euro of de begrotingshervormingen, de Unie haar werk moet blijven doen, in het belang van de burgers.

De vicevoorzitter van de Europese Commissie, Viviane Reding, benadrukte dat de Commissie na de invoering van het Verdrag van Lissabon al een aantal maatregelen heeft genomen om "burgers in het hart van Europa" te plaatsen. Ze gaf een lijst met concrete voorbeelden, zoals EU-brede regels voor internationale huwelijken en echtscheidingen, grensoverschrijdend winkelen en medisch advies. Zij benadrukte ook het belang van het éénloketsysteem “Uw Europa” om de rechten van de burgers uit te leggen.

De vicevoorzitter van het Europees Parlement, Diana Wallis, prees het Europees burgerinitiatief (EBI) als het eerste instrument van directe democratie. Ze sprak de hoop uit dat het EBI een "virtuele cyclus van politieke betrokkenheid" zou creëren. Mevrouw Wallis onderstreepte ook de versterkte bevoegdheden van het Europees Parlement als wetgever, dankzij het Verdrag van Lissabon. Zij gaf echter toe dat het Parlement in dit opzicht nog steeds meer transparantie moet ontwikkelen.

Het hoofd van het Europees Beleidscentrum, Hans Martens, waarschuwde dat de EU de neiging heeft om "de Verdragen aan het volk te verkopen". Hij prees de invoering van het EBI, maar benadrukte dat andere onderwerpen de discussies over de toekomst zouden bepalen, zoals de krimpende welvaartsstaten en de demografische ontwikkelingen in de EU. Hij waarschuwde dat het grootste gevaar voor Europa het gevolg is van een toenemend nationalisme in de lidstaten.

Tijdens het debat met de deelnemers werd de kwestie van de lopende hervorming van de regels inzake toegang tot documenten aan de orde gesteld. Het hoofd van het EU-kantoor van Transparency International, Jana Mittermaier, uitte de vrees, die volgens haar door veel maatschappelijke organisaties wordt gevoeld, dat de huidige regels inzake toegang tot documenten zouden kunnen worden afgezwakt. Zij uitte ook haar bezorgdheid over de lange vertragingen in het hervormingsproces.

De Ombudsman was het ermee eens dat het zeer lang duurt voordat het hervormingsproces van de regels inzake toegang tot documenten is voltooid. Mevrouw Reding benadrukt dat geen enkele andere internationale instelling zo transparant is als de Commissie. Mevrouw Wallis erkent dat er meer transparantie in het Parlement nodig is.

De Belgische federale ombudsman, Catherine De Bruecker, prees de waarde van het Europees netwerk van ombudsmannen om burgers met hun vragen en zorgen naar de juiste plaats te leiden. De heer Diamandouros is ingenomen met haar opmerkingen en benadrukt het belang van het netwerk voor de overdracht van kennis en beste praktijken.

Magda Stoczkiewicz, directeur van Friend of the Earth Europe, uitte zijn bezorgdheid over het feit dat financiële belangengroepen zoals Businesseurope een te sterke stem krijgen in de besluitvorming van de EU. De Ombudsman antwoordde dat zakelijke belangen legitiem zijn, maar dat de vertegenwoordiging van verschillende belangen uiteraard tegen elkaar moet worden afgewogen.

Mevrouw Stoczkiewicz was ook geïnteresseerd in de mate waarin de EU-instellingen de aanbevelingen van de Ombudsman naleven. De Ombudsman antwoordde dat er van tijd tot tijd zeker wrijvingen zijn met andere EU-instellingen, maar dat de meeste van zijn aanbevelingen inderdaad door de instellingen worden aanvaard.

Mevrouw Stoczkiewicz uit voorts haar bezorgdheid over de beperking van het EBI. Mevrouw Wallis antwoordt dat het EBI niet is verkleind, maar eerder is vereenvoudigd. De Ombudsman voegde daaraan toe dat het EBI de nodige tijd moet krijgen om te zien hoe het in de praktijk werkt.

Een andere deelnemer stelde de kwestie van Europese vlaggen en symbolen aan de orde, die uit de definitieve tekst van het Verdrag van Lissabon zijn geschrapt. Mevrouw Wallis stelt voor dat de deelnemer misschien een EBI over dit onderwerp wil lanceren, maar betwijfelt of er voldoende belangstelling is. Mevrouw Reding wijst erop dat het aan de lidstaten is om het Verdrag te wijzigen.

Wat vond u van deze automatische vertaling? Deel uw mening!