FOR PREVIEWING & TESTING PURPOSES ONLY.
This notification will disappear once the page will be published.
This link is available for less than 30 minutes.
  • Makkelijk te lezen
  • Tekstgrootte

Wilt u een klacht indienen tegen een instelling of orgaan van de EU?

  • Uitvoer
Huidige taal: 
  • Nederlands
Brontaal: 
beschikbare talen: 
De vertaling van deze pagina is automatisch geproduceerd met behulp van machinevertaling.
Machinevertalingen kunnen fouten bevatten die de duidelijkheid en nauwkeurigheid van de informatie kunnen schaden; de Ombudsman kan niet aansprakelijk worden gehouden voor eventuele afwijkingen. Voor de grootste mate van betrouwbaarheid en rechtszekerheid wordt verwezen naar de bronversie in het Engels (klik op de link hierboven).
Meer informatie vindt u in ons taal- en vertaalbeleid.

Commissie verzoekschriften - Inleidende opmerkingen van de Europese Ombudsman, Jacob Söderman

Allereerst wil ik u bedanken voor het feit dat u mij hier hebt uitgenodigd om mijn jaarverslag over 1997, het tweede volledige jaar van de werkzaamheden van de Europese Ombudsman, te presenteren.  Zoals u kunt zien, is het verslag vrij lang.  In de loop van 1998 zullen we nog meer besluiten nemen, maar het jaarverslag over 1998 zou korter kunnen zijn.  Vanaf begin juli van dit jaar zullen we beginnen met de regelmatige publicatie op het internet van onze beslissingen na een onderzoek.  Het jaarverslag zou daarom alleen de meest interessante en belangrijke besluiten volledig kunnen publiceren.  Uiteraard blijven papieren kopieën van beslissingen op verzoek beschikbaar.

Mijnheer de voorzitter!

Het voorwoord bij het Jaarverslag 1997 bevat reeds een volledige inleiding tot de inhoudelijke thema's van het verslag.  Ik zal mij hier beperken tot drie vragen over de toekomst. 

De eerste vraag is: wat moet er nog gebeuren voordat het bureau van de Europese Ombudsman is opgericht en volledig operationeel is? 

De tweede vraag luidt: wat is de beste manier om een verbetering van de kwaliteit van de Europese administratie vanuit het oogpunt van de Europese burgers te bevorderen? 

De derde vraag luidt: wat kan worden gedaan om de vele klagers met klachten over de toepassing van het Gemeenschapsrecht in de lidstaten te helpen?  met name wanneer zij hun recht van vrij verkeer, dat een van de rechten van het Europees burgerschap is, proberen uit te oefenen.

De oprichting van het bureau van de Ombudsman.

Ik ben in september 1995 begonnen als Europese ombudsman. Dat jaar ontvingen we in totaal 298 klachten.  Het volgende jaar, 1996, ontvingen we 842 klachten: Dat zijn ongeveer 84 klachten per maand.  Vorig jaar, 1997 - het jaar van dit jaarverslag - ontvingen we 1181 klachten:  Dat zijn ongeveer 98 klachten per maand.  Dit jaar, 1998, hebben we 348 klachten ontvangen in de eerste drie maanden:  Dat zijn ongeveer 116 klachten per maand.  Zoals ik ook op nationaal niveau heb ervaren, is de stijging hoger bij de niet-ontvankelijke klachten, maar is er ook sprake van een gestage stijging van het aantal ontvankelijke klachten.

Als u kijkt naar de resultaten vanaf het begin van de activiteiten tot eind maart 1998, zijn 34 zaken rechtstreeks door de instelling afgehandeld toen de klacht voor advies werd ingediend;  57 zaken zijn afgesloten met een kritische opmerking; in 3 gevallen hebben we een minnelijke schikking bereikt; 2 zijn afgesloten na een succesvolle ontwerpaanbeveling en in één geval is een speciaal verslag aan het Europees Parlement voorgelegd.  Er werd geen wanbeheer vastgesteld in 160 zaken die na een onderzoek werden afgesloten.

De resultaten zijn elk jaar geleidelijk gestegen, maar er is nog ruimte voor verdere verbetering.

Ons doel is om binnen 1 maand te beslissen over de ontvankelijkheid van een klacht en om een zaak waarin een onderzoek is gestart, binnen 1 jaar af te sluiten.  We hebben het eerste doel ruimschoots bereikt; slechts enkele zaken zijn langer dan een maand aanhangig.  Wat de tweede doelstelling betreft, zijn er nog ongeveer 40 zaken open vanaf 1996.  We hopen ze voor de zomer van dit jaar te sluiten. Er zijn natuurlijk altijd onderzoeken die meer tijd in beslag nemen dan verwacht, hetzij vanwege hun complexiteit, hetzij omdat er tijdens de procedure nieuwe aspecten naar voren komen, maar in de regel zou een jaar de limiet moeten zijn.

Ik heb de middelen aangevraagd die nodig zijn om het kantoor vrij langzaam te vestigen, omdat het opzetten van een kantoor, het selecteren en opleiden van personen en het vaststellen van de juiste werkprocedures de tijd vergen.  Het is echter duidelijk dat we nu dringend meer middelen nodig hebben, niet alleen om efficiënt en goed om te gaan met het bestaande aantal klachten, maar ook om ons voor te bereiden op de nieuwe werkzaamheden die het Verdrag van Amsterdam zal creëren. Het Verdrag voegt de derde pijler (waaronder Europol) toe aan het mandaat van de Ombudsman. Het brengt ook asiel- en immigratiekwesties in het Gemeenschapsrecht.  Daarom heb ik in het kader van de begrotingsprocedure voor 1999 om nieuwe middelen verzocht. Ik hoop dat de commissie dit verzoek kan steunen in haar advies over het komende begrotingsvoorstel.

Een ander ding dat tijdens het mandaat van dit Parlement moet worden bereikt, is de opname van een nieuwe bepaling in het Reglement voor de behandeling van de jaarverslagen en speciale verslagen van de Ombudsman, die zijn opgesteld in overeenstemming met het statuut van de Ombudsman. Ik heb dit al voorgesteld aan de Voorzitter van het Parlement.  Daarbij heb ik benadrukt hoe belangrijk het is dat deze verslagen door dezelfde bevoegde commissie worden behandeld, om te zorgen voor een consistente aanpak in het werk van de Ombudsman en het Parlement, wat zeer belangrijk is om het vertrouwen van de Europese burgers te behouden.

Als aan deze vereisten kan worden voldaan en de activiteiten geleidelijk kunnen worden verbeterd ten behoeve van de Europese burgers, zou dit Parlement volgend voorjaar kunnen verklaren dat het zijn verplichtingen uit hoofde van het Verdrag van Maastricht met betrekking tot de instelling van een Europese Ombudsman is nagekomen en dat de instelling volledig operationeel is.

Verbetering van de kwaliteit van de administratie.

In haar opmerkingen over het Jaarverslag 1996 heeft de Commissie verzoekschriften om een preciezere definitie van het begrip "wanbeheer" gevraagd.

In dit verband wil ik onderstrepen dat de beste manier om de kwaliteit van de administratieve activiteiten van de communautaire instellingen en organen aanzienlijk te verbeteren en vooral om consistente resultaten te bereiken, de vaststelling van een code van goed administratief gedrag is, net zoals de regels inzake de toegang van het publiek tot documenten door de communautaire instellingen en organen zijn vastgesteld. Ik heb in mijn jaarverslag twee belangrijke initiatieven op dit gebied genoemd.  De eerste is opgenomen in het verslag-Perry over de werkzaamheden van de Commissie verzoekschriften in 1996-2007.  De tweede is die van de secretaris-generaal van de Europese Commissie, de heer Carlo Trojan, die mij in oktober 1997 meedeelde dat begonnen was met het opstellen van een code van goed administratief gedrag voor de ambtenaren van de Commissie.

Van mijn kant heb ik deze initiatieven van harte toegejuicht en mijn bureau heeft informatie verzameld over soortgelijke nationale codes van de lidstaten en van nationale ombudsmannen en soortgelijke organen. Ik hoop echt dat de eerste code dit jaar op communautair niveau wordt aangenomen. De goedkeuring en publicatie van een dergelijke code is een belangrijk teken van een verbintenis om een meer dienstverlenende bestuurlijke cultuur ten opzichte van de burger tot stand te brengen.  Het betekent ook dat zowel ambtenaren als burgers weten wat de normen op dit gebied zijn en wat men van de overheid mag verwachten.

Klachten op nationaal niveau

De laatste vraag die ik hier wil stellen is het aanhoudend grote aantal klachten van Europese burgers over de toepassing van het Gemeenschapsrecht door overheidsdiensten in de lidstaten.  We hebben een groeiend aantal van deze klachten overgedragen of geadviseerd om te worden behandeld als verzoekschriften aan het Europees Parlement, wanneer ze een principiële kwestie bevatten die politieke ervaring of druk vereist om te worden opgelost, of door de nationale ombudsmannen of soortgelijke organen.  De Commissie en met name de juridische adviseurs van Euro-Jus die de burgers bijstaan bij de vertegenwoordigingen van de Commissie in de lidstaten, spelen ook een rol op dit gebied.

Naar mijn mening is het belangrijk om te beseffen dat veel van deze klachten gemakkelijk en snel op nationaal niveau kunnen worden opgelost. Ik denk dat er meer inspanningen moeten worden geleverd om een doeltreffend netwerk van rechtsmiddelen voor deze grieven tot stand te brengen in samenwerking met de nationale ombudsmannen en soortgelijke organen, meestal verzoekschriftencommissies van nationale parlementen.  In het jaarverslag heb ik een overzicht gegeven van de activiteiten op dit gebied tot nu toe.

We zijn van plan een nieuwe vergadering te organiseren met de verbindingsofficieren van de nationale bureaus, dit keer in samenwerking met de Europese Commissie, omdat het ook de bedoeling is de Euro-Jus-advocaten uit te nodigen. Dit seminar zal in november plaatsvinden en zoals gebruikelijk zal de Commissie verzoekschriften worden uitgenodigd om deel te nemen en informatie te geven over haar activiteiten en mogelijkheden. Ik overweeg ook om volgend jaar in Brussel een bijeenkomst van de nationale ombudsmannen en soortgelijke organen te organiseren, zodat zij naar behoren kunnen worden geïnformeerd over en kunnen discussiëren over hun nieuwe verplichtingen uit hoofde van het Verdrag van Amsterdam. Voorts heeft de Sloveense ombudsman belangstelling getoond om zijn collega's uit de kandidaat-lidstaten uit te nodigen om in maart volgend jaar in Ljubljana te worden geïnformeerd over hun toekomstige verantwoordelijkheden uit hoofde van het Gemeenschapsrecht.

Als algemeen rapporteur op het FIDE-congres in Stockholm in juni jongstleden over het onderwerp "De burger, het bestuur en het Gemeenschapsrecht" heb ik de mogelijkheid om in te gaan op de noodzaak van een beter toezicht op het Gemeenschapsrecht op het niveau van de lidstaten en van doeltreffende rechtsmiddelen voor de Europese burgers. Bij deze gelegenheid zal ik ook enkele opmerkingen maken over de noodzaak om de procedure van artikel 169 te ontwikkelen door de klagende burgers meer rechten te verlenen om deel te nemen, teneinde betere resultaten te bereiken bij het bevorderen van de rechtsstaat en het begrip van de activiteiten van de Commissie te vergroten. Ik geef een kopie van mijn ontwerp aan de heer Newman, de rapporteur voor het verslag van deze commissie over mijn jaarverslag, aangezien deze kwesties ook relevant zijn voor het jaarverslag.

Ik heb deze algemene vragen in mijn inleidende opmerkingen aan de orde willen stellen, omdat ik weet dat u in uw werk met de verzoekschriften met soortgelijke problemen bent geconfronteerd en ik weet dat u graag goede oplossingen wilt vinden om de bestaande problemen op te lossen waarmee de Europese burgers nog steeds worden geconfronteerd.

Dank u meneer de voorzitter en alle leden van de commissie voor uw aandacht.

Wat vond u van deze automatische vertaling? Deel uw mening!
  • Uitvoer