- NL Nederlands
Toespraak bij eedaflegging van de nieuwe Europese Ombudsman, Teresa Anjinho
Speech - Speaker Teresa Anjinho - City Luxembourg - Country Luxembourg - Date Thursday | 27 February 2025
Monsieur le Président de la Cour de Justice, Mesdames et
Messieurs les Membres des Cours de Justice et de la Cour des Comptes Européenne,
Mesdames en Messieurs les Ambassadeurs, chers invités,
Ik sta vandaag voor u als de nieuw verkozen Europese Ombudsman en ben zeer vereerd om deze eed af te leggen – een eed van dienstbaarheid, onafhankelijkheid, integriteit, transparantie en niet-aflatende toewijding aan de burgers van onze Europese Unie.
Ik ben me bewust van mijn voornaamste missie en van het bijzonder belang: opkomen voor de rechten van de burgers van ons dierbare Europa. Deze rechten zijn vastgelegd in de verdragen en het Handvest, maar ze zijn meer dan verklaringen. Zij vormen de kern van de Europese integratie en de identiteit van de Europese Unie.
Dit is een plechtig moment. Een moment dat niet alleen blijkt geeft van de grote verantwoordelijkheid van de rol die ik op het punt sta op te nemen, maar ook een moment dat het belang van het ambt onderstreept dat aan mij is toevertrouwd.
Het is een voorrecht u vandaag te mogen toespreken in dit Hof van Justitie, een hoeksteen van ons Europees Unierecht. Ik ben het Europees Parlement zeer dankbaar voor het vertrouwen dat ze mij, mijn visie en mijn project voor de Europese Ombudsman schonken. Het democratische mandaat dat ik heb gekregen, is niet alleen de belangrijkste bron van mijn legitimiteit, maar ook een permanente herinnering aan van de grote verantwoordelijkheid die dit bureau draagt.
Deze gelegenheid is ook een moment dat uitnodigt tot reflectie - over de weg die mij hierheen heeft geleid, en over de keuzes die onze Unie hebben gevormd, onze instellingen hebben versterkt en betekenis hebben gegeven aan het idee van Europees burgerschap zelf.
Er zijn twee mijlpalen die ik bijzonder geschikt vind om te benadrukken – een daarvan, vergeef me, heeft een persoonlijke betekenis.
Veertig jaar geleden trad Portugal toe tot de Europese Unie.
Dertig jaar geleden werd de Europese Ombudsman opgericht.
Op het eerste gezicht lijken deze twee gebeurtenissen misschien niet met elkaar verbonden. Maar voor mij zijn ze diep met elkaar verworteld.
Toen Portugal toetrad tot de toenmalige Europese Gemeenschap en zich weer bij zijn natuurlijke en historische familie voegde, deed het dit met een duidelijke en krachtige droom: een droom van democratie, van vrijheid, van een gedeelde welvaart die nieuwe deuren zou openen voor haar burgers. Voor het Portugese volk, inclusief mijn generatie, was dit het begin van een hernieuwde verbondenheid: Wat maakt dat we ons vandaag de dag met trots Europeanen kunnennoemen.
Tien jaar later, na het Verdrag van Maastricht, werd met de oprichting van de Europese Ombudsman getracht diezelfde droom werkelijkheid te maken. De eerste gekozen Europese Ombudsman, Jacob Söderman, had een duidelijk doel: ervoor te zorgen dat het Europees burgerschap niet alleen een abstract concept is dat in het Verdrag is opgenomen, maar ook een levend concept – een concept dat de rechten van de burgers waarborgt, transparantie en verantwoordingsplicht in de Europese instellingen handhaaft en bestuur een menselijk gezicht geeft.
Het is vanwege de beslissingen die 40 en 30 jaar geleden zijn genomen dat ik vandaag voor u sta als Portugees en Europees burger, en als de nieuw verkozen Europese Ombudsman.
Europeaan zijn gaf me kansen. Ik heb mijn pad kunnen vinden. Het stelde me in staat om te dienen. En nu geeft het me de kans om terug te geven – geworteld in mijn persoonlijke, academische, politieke en professioneleachtergrond– om ervoor te zorgen dat elke burger in de Europese Unie, ongeacht achtergrond, status of afkomst, wordt gehoord, gerespecteerd en eerlijk wordt behandeld.
Mesdames et Messieurs,
De rol van de ombudsman is nog nooit zo belangrijk geweest.
We hebben te maken met een verontrustend gebrek aan vertrouwen. Veel burgers voelen zich nietgehoord, uitgesloten, losgekoppeld van de instellingen die net bedoeld zijn om hen te vertegenwoordigen. In toenemende mate wordt het institutionele kader van de EU niet gezien als een dienstverlener voor hun wensen, maar als een obstakel. Te vaak zijn mensen bang dat het systeem niet werkt zoals het zou moeten.
Bestuur worstelt om gelijke tred te houden met de snelle veranderingen in onze wereld. En er zijn geen eenvoudige antwoorden. Instellingen moeten inderdaad empathischer, toegankelijker en responsiever worden, maar ze moeten dit doen zonder hun kernbeginselen en doel uit het oog te verliezen, waarp ze in de eerste plaats gevestigd zijn.
Ik ben er vast van overtuigd dat het vertrouwen in bestuur vaker wel dan niet afneemt, niet omdat mensen regels afwijzen, maar omdat ze de regels niet begrijpen – of erger nog, zich door hen in de steek gelaten voelen.
Mesdames et Messieurs,
Dit zijn tijden van grote onzekerheid, die me doen denken aan een passage uit het boek “Os Maias”, geschreven door een van de grootste Portugese schrijvers, Eça de Queirós:
"Wens niets, en vrees voor niets... Geef niet toe aan hoop — of teleurstelling. Aanvaard alles wat komt en wat ontsnapt, met dezelfde kalmte als u de natuurlijke veranderingen van zware dagen en mooie dagen omarmt.”
Dit is geen oproep om op te geven. Het is een oproep tot veerkracht. Voor standvastigheid. Voor principiële actie.
Het is een herinnering dat echte dienstverlening –of het nu is als Ombudsman, als rechter, als lid van het Europees Parlement of als ambtenaar van de EU – niet moet worden geleid door vluchtige emoties, maar door doordachte rede en een niet aflatende toewijding aan onze waarden, geworteld in empathie, mededogen en een gezond verstand van menselijkheid.
Ik ben ervan overtuigd dat het bereiken van dit doel begint met het versterken van burgers.
De behandeling van individuele klachten is de hoeksteen van het werk van de Ombudsman. Niet zomaar papierwerk. Klachten zijn de stemmen van echte mensen die – of ze nu de fijnzinnighedenvan de wet kennen of niet – eerlijke behandeling, duidelijkheid en oplossing zoeken. Zij weerspiegelen de overtuiging dat er binnen de complexiteit van het Europees beleid een bureau bestaat dat bereid en in staat is om - zonder filters, zonder belemmeringen - naar hun bezorgdheden te luisteren. Een bureau waarvan de macht – en het unieke karakter – voornamelijk gebaseerd is op het recht, is verankerd in het vermogen om materiële rechtvaardigheid te verdedigen en juridische formaliteiten te overstijgen om billijkheid, integriteit en vertrouwen te herstellen.
Mijn inzet is om dit proces nog toegankelijker, efficiënter en responsiever te maken, met name voor degenen die het meest kwetsbaar of ondervertegenwoordigd zijn. Hierdoor fungeren we als echte bruggenbouwers en helpen we niet alleen de burgers, maar ook de instellingen en de toegewijde mensen die er werken – die vaak de verantwoordelijkheid dragen van beslissingen die worden genomen zonder voldoende reflectie of vooruitziendheid.
Tegelijkertijd is het ook van het grootste belang om te anticiperen op en het hoofd te bieden aan de uitdagingen die voor ons liggen, met name de uitdagingen die voortvloeien uit de digitale transformatie. Het is duidelijk dat de relatie tussen burgers en instellingen – de particuliere en de publieke – wordthertekend.
Het biedt bijzondere kansen, waarvan ik wil profiteren, maar brengt ook erkende risico’s met zich mee, die ik wil aanpakken.
Naarmate het bestuur evolueert, moet één ding vaststaan: grondrechten mogen nooit de prijs van vooruitgang betalen.
Daarom zal ik in het kader van mijn mandaat onderzoeken op eigen initiatief niet alleen reactief, maar ook proactief en strategisch gebruiken om de transparantie te vergroten, inefficiënties weg te nemen en ethisch bestuur te waarborgen. Veel uitdagingen waarmee we worden geconfronteerd, zijn geen alleenstaande incidenten. Het zijn systemische problemen. En waar problemen blijven bestaan, is de rol van de Europese Ombudsman duidelijk: Niet alleen om te reageren, maar ook om te handelen. Instellingen helpen om na te denken, te verbeteren en, waar nodig, te hervormen.
Maar, natuurlijk, niets van dit alles kan iemand alleen bereiken.
Om de burgers echt van dienst te zijn, moet de Ombudsman ook sterke partnerschappen smeden – in samenwerking met nationale ombudsmannen, het maatschappelijk middenveld, de academische wereld en iedereen die onze inzet voor rechtvaardigheid en verantwoordingsplicht deelt. Dit weerspiegelt ook de groeiende realiteit van een gemeenschappelijke ruimte waarin het openbaar bestuur – nationaal of Europees – steeds meer een gedeelde verantwoordelijkheid en zorg is.
Burgers verwachten geen excuses. Zij verwachten oplossingen. En alleen door dialoog en samenwerking kunnen we ze vinden.
Mesdames et Messieurs,
Voordat ik afrond, wil ik even de tijd nemen om mijn familie - hier vertegenwoordigd door mijn man - en natuurlijk mijn vrienden te bedanken, wiens onvoorwaardelijke steun mijn grootste bron van kracht is geweest. Hun geloof in mij is een constante herinnering aan de kracht van gemeenschap, het belang van dienstbaarheid en het belang van verantwoordelijkheid - waarden die de kern vormen van de rol die ik vandaag opneem.
Tijdens deze missie laat ik me inspireren door Infante D. Henrique, een van de grootste figuren van Portugal, wiens motto “Talent de bien faire”– het talent om goed te doen – mijn kompas is geworden in onbekende wateren.
Met diezelfde ingesteldheid beloof ik vandaag met moed, onafhankelijkheid en integriteit te dienen. Om altijd in het belang van de burgers te handelen. Om ervoor te zorgen dat onze instellingen eerlijk, transparant en waardig omgaan met het vertrouwen dat in hen wordt gesteld.
Laten we samen onze Unie versterken, onze burgers versterken (in hun rechten) en de waarden hooghouden die ons binden.
Dank je wel. Obrigada.
Teresa Anjinho
Luxemburg, 27.02.2025