Wilt u een klacht indienen tegen een instelling of orgaan van de EU?
Onderzoeken doorzoeken
1 - 20 van 136 resultaten weergeven
Hoe het Europees Grens- en kustwachtagentschap (Frontex) een klacht over een vrijwillige terugkeer van Bulgarije naar Mauritanië heeft behandeld
Donderdag | 06 augustus 2026
Hoe het Asielagentschap van de Europese Unie aantijgingen van schendingen van de grondrechten bij zijn activiteiten in Griekenland aanpakt
Dinsdag | 07 juli 2026
Aanbeveling over de wijze waarop het Asielagentschap van de Europese Unie beschuldigingen van schendingen van de grondrechten bij zijn activiteiten in Griekenland aanpakt (zaak 229/2024/AML)
Donderdag | 02 juli 2026
De zaak betrof de manier waarop het Asielagentschap van de Europese Unie (EUAA) beschuldigingen van schendingen van de grondrechten bij zijn activiteiten op het Griekse eiland Samos heeft aangepakt. De klagers waren bezorgd dat de manier waarop de in de asielondersteuningsteams van het EUAA ingezette caseworkers gesprekken voerden met kwetsbare asielzoekers in strijd was met het EU-recht, en dat het EUAA dit niet had aangepakt. Daarnaast maakten de klagers zich zorgen over de manier waarop het EUAA omging met de meldingen van pushbacks van asielzoekers.
De Ombudsman constateerde dat het EUAA er ten tijde van de klacht niet voor had gezorgd dat de in zijn asielondersteuningsteams ingezette caseworkers bereid waren om naar behoren gesprekken te voeren met kwetsbare asielzoekers, onder meer over de wijze waarop rekening kan worden gehouden met indicatoren van kwetsbaarheden wanneer deze zich voor het eerst tijdens het asielgesprek voordoen. De Ombudsman constateerde voorts dat het EUAA kwetsbare asielzoekers geen passende procedure had geboden om tijdens interviews gemaakte fouten te melden en dergelijke verslagen door het EUAA te laten beoordelen. De Ombudsman stelde vast dat dit wanbeheer vormde en deed vier aanbevelingen aan het EUAA om de tekortkomingen aan te pakken.
De Ombudsman zond deze aanbevelingen ook naar haar tegenhangers van het Europees netwerk van ombudsmannen (ENO), waarin zij hun mening vroeg over de wijze waarop de naleving van de grondrechten wordt gewaarborgd in de samenwerking tussen EUAA-casewerkers en nationale asielambtenaren.
Daarnaast stelde de Ombudsman belangrijke tekortkomingen vast met betrekking tot de wijze waarop het EUAA omging met de openbaarmaking door asielzoekers van ervaringen met pushbacks tijdens interviews. Toen het EUAA tijdens het onderzoek van de Ombudsman begon met de uitvoering van maatregelen om deze tekortkomingen te verhelpen, constateerde zij geen wanbeheer, maar deed zij in plaats daarvan twee suggesties voor verbetering.
Aanbeveling over de weigering van de Europese Centrale Bank om ouderschapsverlof toe te kennen aan een personeelslid met een overeenkomst van korte duur (zaak 1364/2025/ET)
Maandag | 29 juni 2026
De klacht betrof de weigering van de Europese Centrale Bank (ECB) om ouderschapsverlof toe te kennen aan een personeelslid met een tijdelijke detacheringsovereenkomst (ESCB/IO) die wordt gebruikt voor uitwisselingen met nationale centrale banken en met een maximale duur van drie jaar. Klager voerde aan dat het uitsluiten van personeel met dergelijke contracten van ouderschapsverlof in strijd was met het beginsel van gelijke behandeling en het recht op ouderschapsverlof uit hoofde van artikel 33, lid 2, van het Handvest van de grondrechten van de Europese Unie.
De ECB bleef erbij dat haar regels gerechtvaardigd waren door het specifieke en tijdelijke karakter van ESCB/IO-contracten, de noodzaak om de operationele continuïteit te waarborgen en het feit dat het personeel in het kader van hun nationale arbeidsstelsels toegang tot ouderschapsverlof behield. Zij voerde aan dat artikel 33, lid 2, van het Handvest geen onvoorwaardelijk recht op ouderschapsverlof verleent en dat zij de beoordelingsmarge behoudt om de toepasselijke voorwaarden vast te stellen.
De Ombudsman stelde vast dat de ECB niet had aangetoond dat de weigering van het fundamentele recht op ouderschapsverlof voor het personeel van het ESCB/IO gerechtvaardigd en evenredig was, of dat er geen minder beperkende maatregelen konden worden genomen. De Ombudsman was ook van mening dat de mogelijkheid om later op grond van het nationale recht ouderschapsverlof op te nemen, geen geschikte vervanging is voor de uitoefening van dat recht wanneer dit het meest relevant is voor de zorg voor een jong kind.
De Ombudsman concludeerde dat dit wanbeheer vormde en beval de ECB aan haar regels inzake kortetermijnarbeid te herzien om evenredige toegang tot ouderschapsverlof te waarborgen, met name voor ESCB/IO-contracten die na een initiële periode worden verlengd.
Besluit van de Europese Commissie om de pers niet uit te nodigen voor een conferentie op hoog niveau over concurrentievermogen
Donderdag | 26 maart 2026
Hoe behandelt de Europese Commissie inbreukprocedures waarin wordt gesteld dat Griekenland het EU-asielrecht en het EU-Handvest van de grondrechten heeft geschonden?
Donderdag | 26 maart 2026
Aanbeveling over de wijze waarop het Europees Grens- en kustwachtagentschap (Frontex) is omgegaan met beschuldigingen van intimidatie door een functionaris van het permanente korps van categorie 2 (zaak 456/2024/MIK)
Vrijdag | 23 januari 2026
De zaak betrof het verzuim van het Europees Grens- en kustwachtagentschap (Frontex) om een inhoudelijk antwoord te geven op een administratieve klacht in verband met beschuldigingen van intimidatie en onregelmatigheden door een functionaris van het permanente korps van categorie 2.
De klager diende de administratieve klacht in maart 2023 in bij Frontex. Frontex antwoordde dat, in tegenstelling tot eerdere informatie die het aan klager had verstrekt, deze laatste niet het recht had om een dergelijke klacht in te dienen. Bijgevolg zou hij geen inhoudelijk antwoord krijgen. In de loop van het onderzoek van de Ombudsman zei Frontex echter dat het de klager uiterlijk in november 2024 een algemeen inhoudelijk antwoord zou geven. Frontex heeft dit antwoord pas in december 2025 aan de klager verstrekt. De Ombudsman stelde vast dat de inconsistente informatie die aan klager werd verstrekt en de flagrante vertraging bij het beantwoorden van de klacht wanbeheer vormen. De Ombudsman achtte het echter niet nodig een aanbeveling te doen, aangezien Frontex nu een inhoudelijk antwoord aan klager heeft gegeven.
Bovendien bleek uit het onderzoek van de Ombudsman dat er geen doeltreffend klachten- en verhaalmechanisme is voor functionarissen van categorie 2, zoals in intimidatiesituaties bij Frontex. De Ombudsman concludeerde dat dit een systemische kwestie is die ook wanbeheer vormt.
De Ombudsman heeft de raad van bestuur van Frontex aanbevolen een doeltreffend klachten- en beroepsmechanisme in te voeren bij de komende herziening van het rechtskader voor functionarissen van categorie 2.
Besluit van de Europese Commissie om de pers niet uit te nodigen voor een conferentie op hoog niveau over concurrentievermogen
Woensdag | 26 november 2025
Hoe behandelt de Europese Commissie inbreukprocedures waarin wordt gesteld dat Griekenland het EU-asielrecht en het EU-Handvest van de grondrechten heeft geschonden?
Dinsdag | 21 oktober 2025
Besluit in zaak 2711/2025/AGU over de wijze waarop de Europese Unie omgaat met de situatie in Gaza
Donderdag | 09 oktober 2025
Hoe de Europese Investeringsbank (EIB) omging met bezorgdheid over door de EIB gefinancierde projecten waarbij Israëlische entiteiten betrokken waren die betrokken waren bij activiteiten in de bezette gebieden
Maandag | 06 oktober 2025
Hoe de Europese Investeringsbank (EIB) omging met bezorgdheid over door de EIB gefinancierde projecten waarbij Israëlische entiteiten betrokken waren die betrokken waren bij activiteiten in de bezette gebieden
Donderdag | 02 oktober 2025
Hoe de Europese Commissie toezicht houdt op EU-middelen die aan Griekenland worden toegekend in het kader van grensbeheeroperaties
Donderdag | 11 september 2025
Besluit over de wijze waarop de Europese Commissie toeziet op de naleving van de grondrechten in het kader van EU-middelen die aan Griekenland worden toegekend voor grensbeheer (zaak 1418/2023/VS)
Donderdag | 11 september 2025
De zaak ging over de wijze waarop de Europese Commissie de naleving van de grondrechten waarborgt in het kader van EU-middelen die aan Griekenland worden toegekend voor grensbeheer. De klagers, verschillende niet-gouvernementele organisaties, uitten hun bezorgdheid over het feit dat de Commissie er niet in was geslaagd door de EU gefinancierde grensbeheeractiviteiten doeltreffend te monitoren en te evalueren, tegen de achtergrond van aanhoudende beschuldigingen van ernstige mensenrechtenschendingen door de Griekse autoriteiten.
In het onderzoek zijn gebieden vastgesteld die de Commissie moet aanpakken om de wijze waarop zij toeziet op en toeziet op de naleving van de grondrechten op dit gebied, te verbeteren. Aangezien de Commissie momenteel echter wacht op een eindverslag van de Griekse autoriteiten in een van de individuele gevallen van vermeende schendingen van de grondrechten die in dit onderzoek aan de orde worden gesteld, en zij nu ook de uitgaven van Griekenland in het kader van het desbetreffende programma zal beoordelen, heeft de Ombudsman de zaak gesloten en vastgesteld dat geen verder onderzoek gerechtvaardigd was. Desalniettemin heeft zij de Commissie enkele suggesties gedaan om de in de loop van het onderzoek vastgestelde problemen aan te pakken.
De Ombudsman drong er met name bij de Commissie op aan richtsnoeren op te stellen voor de beoordeling van de naleving van de grondrechten tijdens de uitvoering van het programma, met name wat betreft de daarmee verband houdende “machtigingsvoorwaarde” voor toegang tot middelen. Als onderdeel van deze richtsnoeren moet de Commissie criteria vaststellen om te bepalen onder welke omstandigheden zij EU-middelen zal inhouden of opschorten wegens niet-naleving van de grondrechten en de daarmee verband houdende financieringsvoorwaarde, en deze criteria publiceren. Bij haar beoordeling van geloofwaardige klachten over schendingen van de grondrechten en van het algemene Griekse programma moet de Commissie nagaan of Griekenland nog steeds voldoet aan de voorwaarde inzake de grondrechten met betrekking tot de betrokken middelen. De Ombudsman deed ook suggesties over de transparantie van het monitoringproces en maatregelen om de betrokkenheid van het maatschappelijk middenveld te versterken.
Hoe het Europees Openbaar Ministerie (EOM) omging met bezwaren van een nationale medewerker van de gedelegeerd Europees aanklagers in Italië
Donderdag | 07 augustus 2025
Hoe de Europese Centrale Bank een verzoek om ouderschapsverlof van een personeelslid met een kortlopend contract heeft behandeld
Dinsdag | 01 juli 2025
Verzuim van de Europese Commissie om te reageren op een e-mail waarin bezorgdheid wordt geuit over de vrijstellingsprocedure van EU-sancties voor EU-onderdanen die in Rusland verblijven
Maandag | 30 juni 2025
Hoe de Europese Commissie de eerbiediging van de mensenrechten wil waarborgen in het kader van het memorandum van overeenstemming tussen de EU en Tunesië
Dinsdag | 29 april 2025
Besluit over de wijze waarop de Europese Commissie de eerbiediging van de mensenrechten wil waarborgen in het kader van het memorandum van overeenstemming tussen de EU en Tunesië (OI/2/2024/MHZ)
Dinsdag | 29 april 2025
In dit onderzoek op eigen initiatief werd onderzocht hoe de Europese Commissie de eerbiediging van de mensenrechten wil waarborgen in het kader van het memorandum van overeenstemming tussen de EU en Tunesië. Er is bezorgdheid geuit over de aard van het memorandum van overeenstemming in het algemeen en over steun voor grenscontrole-initiatieven in het bijzonder, met name in het licht van zeer verontrustende berichten over de manier waarop de Tunesische autoriteiten met migranten omgaan.
De Ombudsman was met name bezorgd over het ontbreken van een voorafgaande effectbeoordeling op het gebied van de mensenrechten, met name in verband met de pijler "Migratie en mobiliteit" van het memorandum van overeenstemming en de projecten die onder die pijler zullen vallen. Aangezien die pijler van het memorandum van overeenstemming duidelijk bedoeld is om irreguliere migratie naar de EU te beperken en te ontmoedigen door middel van een betere migratiecontrole door de Tunesische autoriteiten, heeft de uitvoering van projecten om deze doelstelling in de praktijk te brengen zeer duidelijk een mensenrechtendimensie. De Ombudsman verzocht de Commissie te antwoorden op een reeks vragen over de wijze waarop zij van plan is toezicht te houden op de gevolgen voor de mensenrechten van acties in het kader van het memorandum van overeenstemming en op welke maatregelen zij heeft geanticipeerd en gepland, onder meer met betrekking tot de mogelijke opschorting van EU-financiering, indien mensenrechtenschendingen worden vastgesteld.
De Ombudsman constateerde dat hij, ondanks herhaalde beweringen van de Commissie dat er geen behoefte was aan een voorafgaande HRIA, in feite een risicobeheerexercitie voor Tunesië had voltooid voordat het memorandum van overeenstemming werd ondertekend.
Bij deze exercitie, die volgens de Commissie wordt uitgevoerd met alle EU-partnerlanden die mogelijk EU-begrotingssteun ontvangen, werd rekening gehouden met criteria die vergelijkbaar zijn met die welke worden gebruikt in standaard voorafgaande HRIA. Daarin wordt onder meer de toestand van de mensenrechten, de democratie, de rechtsstaat, de veiligheid en het conflict in het betrokken partnerland beoordeeld. De Commissie had deze informatie echter niet proactief gedeeld, ook niet in haar antwoord op het strategische initiatief van de Ombudsman ter zake.
De Ombudsman heeft suggesties gedaan om dit aan te pakken. Zij stelde ook voor dat de Commissie, gezien de omvang van de vastgestelde risico’s, concrete criteria uitwerkt voor de mogelijke opschorting van door de EU gefinancierde contracten in verband met migratiebeheer wanneer zij bewijs vindt van mensenrechtenschendingen bij de uitvoering van projecten. In dit verband stelde de Ombudsman voor dat de Commissie haar uitvoerende partners aanmoedigt klachtenmechanismen op te zetten voor personen om vermeende schendingen van hun mensenrechten bij de uitvoering van door de EU gefinancierde projecten/programma's in Tunesië te melden. Gezien de recente meldingen van aanzienlijke problemen in het veld, is dit nog belangrijker geworden.