Wilt u een klacht indienen tegen een instelling of orgaan van de EU?

Onderzoeken doorzoeken

Zaak
Datum marge
Trefwoorden
Of probeer oude trefwoorden (voor 2016)

1 - 20 van 117 resultaten weergeven

Decision on how the European Investment Bank (EIB) handled the move of a former Vice-President to an energy utility company that had received EIB loans (1016/2021/KR)

Woensdag | 27 juli 2022

The case concerned the decision of the European Investment Bank to approve a request made by a former vice-president and member of its Management Committee (MC) (the ‘former VP’) to become a non-executive board member of a Spanish energy utility company, which received loans from the EIB.

The complainants, two Members of the European Parliament, raised concerns that the move gave rise to the risk of conflicts of interest. The EIB argued that the former VP had not been involved in the negotiation and implementation of the financing agreements between the EIB and the company.

The Ombudsman found that, in approving the move, the EIB did not properly manage the risk of conflicts of interest to which the former VP’s request arguably gave rise. However, given the EIB has, in the meantime, made improvements to the relevant ethics rules to address these matters, the Ombudsman determined that no further inquiries were justified.

Nonetheless, the Ombudsman made suggestions for improvement with a view to strengthening how the EIB assesses ‘revolving door’ moves by members of its MC to the private sector, and how it ensures compliance where its Ethics and Compliance Committee authorises a move but applies conditions on the individual and their activities.

Decision on the European Commission’s role in assessing the sustainability of gas projects on the list of 'projects of regional significance' of the 'Energy Community' (327/2021/KR)

Vrijdag | 15 juli 2022

 The complainant, a civil society organisation, raised concerns about the sustainability assessment of gas projects in the Energy Community, an international organisation for cooperation on energy between the EU and countries in the Western Balkans and in the Black Sea region. Such projects may benefit from streamlined permitting procedures and have to comply with the criteria set out in the EU’s Trans-European Networks for Energy (TEN-E) Regulation, as applied also by the Energy Community.

The Energy Community is not an EU body and is thus outside the Ombudsman’s mandate. However, as the European Commission represents the EU in the Energy Community, the Ombudsman asked the Commission to explain how it ensures that the sustainability of gas projects is properly assessed, and its role in the process.

In the context of this inquiry, the Commission also gave an update on its efforts to improve how the sustainability of EU gas ‘projects of common interest’ (PCI) is assessed, which was the subject of a previous Ombudsman inquiry.

The Ombudsman found the Commission’s explanations satisfactory and closed the case with a finding of no maladministration.

Besluit over de weigering van de Europese Commissie om het publiek toegang te verlenen tot documenten met betrekking tot de naleving van de duurzaamheidscriteria voor biobrandstoffen uit hoofde van de richtlijn hernieuwbare energie (zaak 1527/2020/DL)

Maandag | 14 maart 2022

De indiener van de klacht wilde toegang tot een overzicht van alle landen van herkomst van afgewerkte bak- en braadolie voor de jaren 2016-2019, samen met de per jaar en per land verzamelde hoeveelheden grondstoffen voor afgewerkte bak- en braadolie, zoals deze in het kader van de vrijwillige certificeringsregelingen voor de duurzaamheid van biobrandstoffen op grond van de richtlijn hernieuwbare energie zijn gemeld aan de Europese Commissie. De Commissie zei geen documenten te hebben die overeenkomen met dit verzoek.

De ombudsvrouw stelde vast dat de Commissie gedetailleerde informatie, verspreid over een aantal documenten, bezat over de landen van herkomst en de hoeveelheden verzamelde afgewerkte bak- en braadolie. De ombudsvrouw heeft de Commissie voorgesteld de desbetreffende documenten opnieuw te onderzoeken met het oog op openbaarmaking ervan.

De Commissie heeft deze voorgestelde oplossing niet aanvaard. De ombudsvrouw concludeerde dat de weigering van de Commissie om medewerking te verlenen aan de klachtindiener en diens verduidelijkingen betreffende de documenten die hij wilde inzien, in aanmerking te nemen, getuigde van wanbeheer. Zij heeft de Commissie daarom aanbevolen de documenten die zij in bezit heeft over de landen van herkomst en de geproduceerde en ingevoerde hoeveelheden afgewerkte bak- en braadolie in de door de klachtindiener aangegeven periode, opnieuw te onderzoeken met het oog op openbaarmaking ervan.

De aanbeveling van de ombudsvrouw werd door de Commissie van de hand gewezen. De ombudsvrouw betreurt de onwil van de Commissie om deze zaak op burgervriendelijke en servicegerichte wijze op te lossen. Zij sluit het onderzoek met de bevestiging dat er in deze zaak wanbeheer heeft plaatsgevonden.

Aanbeveling over de weigering van de Europese Commissie om openbare toegang te verlenen tot documenten met betrekking tot de naleving van de duurzaamheidscriteria voor biobrandstoffen uit hoofde van de richtlijn hernieuwbare energie (zaak 1527/2020/DL)

Maandag | 08 november 2021

De klager, die in de biobrandstoffensector werkt, gaf aan dat hij deze informatie wilde verkrijgen om mogelijke wijdverspreide fraude in de sector voor afgewerkte bak- en braadolie te monitoren, die mogelijk negatieve gevolgen heeft voor tropische bossen, biodiversiteit, klimaat en de binnenlandse sector voor de inzameling en recycling van afgewerkte olie in de EU.

De klager vroeg om toegang tot een lijst van alle landen van herkomst van afgewerkte bak- en braadolie voor de jaren 2016-2019, samen met de per jaar en per land verzamelde hoeveelheden grondstoffen voor afgewerkte bak- en braadolie, zoals deze in het kader van de vrijwillige certificeringsregelingen voor de duurzaamheid van biobrandstoffen op grond van de richtlijn hernieuwbare energie zijn gemeld aan de Europese Commissie.

De Commissie zei geen documenten te hebben die overeenkomen met het verzoek van de klager.

De Ombudsman heeft vastgesteld dat de Commissie gedetailleerde informatie bezat over de landen van herkomst en de hoeveelheden verzamelde afgewerkte bak- en braadolie. Die informatie was niet opgenomen in één document, maar was verspreid over een aantal documenten. Aangezien de klager geïnteresseerd was in het ontvangen van de verzochte informatie, ook al was deze niet in één document was samengevoegd, heeft de Ombudsman de Commissie voorgesteld om de desbetreffende documenten die zij in bezit heeft opnieuw te onderzoeken om deze openbaar te maken.

De Commissie heeft deze voorgestelde oplossing niet aanvaard.

De Ombudsman is bezorgd en teleurgesteld over de reactie van de Commissie. In plaats van gebruik te maken van de gelegenheid om het grondrecht van de klager op toegang tot documenten te waarborgen, heeft de Commissie herhaald dat zij geen documenten heeft die overeenkomen met het verzoek en geweigerd de verzochte documenten opnieuw te onderzoeken. De Ombudsman kan alleen maar oordelen dat de reactie van de Commissie getuigt van een opzettelijke en onbegrijpelijke weigering om deze zaak te regelen. Dit is in het bijzonder verontrustend in het licht van de zorgen die de afgelopen jaren zijn geuit over de milieueffecten van de invoer van afgewerkte bak- en braadolie door de EU.

Dientengevolge heeft de Ombudsman geconcludeerd dat de weigering van de Commissie om de documenten opnieuw te bekijken, getuigt van wanbeheer. Zij heeft een overeenkomstige aanbeveling gedaan.