# Verzoek om een antwoord aan het Europees Agentschap voor chemische stoffen in zaak 1130/2016/JAS over de vermeende onjuiste gezamenlijke verklaring over de mogelijkheid om dierproeven uit te voeren voor stoffen die in cosmetica worden gebruikt
- Auteur: Europese Ombudsman
- Datum: 2016-10-03T00:00+02:00[Europe/Paris]
- [URL](https://www.ombudsman.europa.eu/nl/doc/correspondence/nl/71811)
---
Geachte heer Dancet,
Ik heb een klacht ontvangen tegen de Europese Commissie en het Europees Agentschap voor chemische stoffen (ECHA) van de People for the Ethical Treatment of Animals Foundation.
De klacht betreft de vermeende onjuiste gezamenlijke verklaring van de Commissie en ECHA over de mogelijkheid om onder bepaalde voorwaarden dierproeven uit te voeren voor stoffen die in cosmetica worden gebruikt[\[1\].](#_ftn1){#_ftnref1}
Klager stelt dat:
**1. De Commissie en ECHA hadden niet de wettelijke bevoegdheid om de gezamenlijke verklaring af te geven.**
**2. De Commissie en ECHA hebben een gezamenlijke verklaring uitgebracht met richtsnoeren die in strijd zijn met het EU-recht.**
**3. De gezamenlijke verklaring zal ertoe leiden dat bepaalde cosmetica ten onrechte als vrij van dierproeven wordt geëtiketteerd, waardoor consumenten verwarrend en misleidend worden.**
Ik heb besloten een onderzoek naar deze klacht in te stellen en ben tot de conclusie gekomen dat zowel ECHA als de Commissie om een antwoord op de **tweede en de derde grief moet worden** verzocht.
Wat de **eerste bewering betreft,** ben ik tot de conclusie gekomen dat de gezamenlijke verklaring slechts richtsnoeren bevat voor cosmeticafabrikanten en lidstaten die belast zijn met het toezicht op de naleving van de cosmeticaverordening. De gezamenlijke verklaring vormt dus geen juridisch bindende interpretatie van de cosmetica- en REACH-verordeningen. Het feit dat de Commissie en ECHA dergelijke richtsnoeren kunnen verstrekken, loopt echter niet vooruit op de vraag of de verstrekte richtsnoeren juist zijn.
**Ik zou het op prijs stellen als u in uw antwoord ook uw mening zou kunnen geven over de specifieke kwesties in verband met de hieronder uiteengezette klacht \[2\].** {#_ftnref2}
In zijn brief van 6 juli 2016 aan de klager heeft ECHA verklaard dat het de eventuele conclusies uit het arrest van het Hof van Justitie in zaak *European Federation for Cosmetic Ingredients*zorgvuldig zou beoordelen zodra dat arrest beschikbaar was.
Het Hof heeft op 21 september 2016 uitspraak gedaan in die zaak[\[3\].](#_ftn3){#_ftnref3} Het Hof oordeelde dat het verbod op dierproeven van de cosmetische verordening[\[4\]](#_ftn4){#_ftnref4} "in*die zin moet worden uitgelegd dat zij het in de handel brengen in de Europese Unie van cosmetische producten die bepaalde ingrediënten bevatten die buiten de Europese Unie op dieren zijn getest, kan verbieden om cosmetische producten in derde landen in **de handel te brengen, indien de daaruit voortvloeiende gegevens worden gebruikt om de veiligheid van die producten aan te tonen met het oog op het in de Unie in de handel brengen ervan".***
Volgens de gezamenlijke verklaring is het verbod op dierproeven in de cosmeticaverordening niet van toepassing op tests die vereist zijn voor i) milieu-eindpunten, ii) blootstelling van werknemers en iii) niet-cosmetisch gebruik van stoffen in het kader van de Reach-verordening[\[5\].](#_ftn5){#_ftnref5}
Is ECHA, in het licht van het arrest van het Hof, van mening dat resultaten van dierproeven die zijn uitgevoerd om te voldoen aan Uniewetgeving zoals REACH, kunnen worden gebruikt voor de beoordeling van de veiligheid van cosmetische producten, rekening houdend met het feit dat het door het Hof vastgestelde risico van omzeiling[\[6\]](#_ftn6){#_ftnref6} in deze omstandigheden even relevant kan zijn?
Is ECHA voornemens de gezamenlijke verklaring en de bijbehorende documenten te wijzigen, rekening houdend met het feit dat cosmeticafabrikanten strenge sancties riskeren voor schendingen van de cosmeticaverordening?
Ten slotte staat de cosmeticaverordening fabrikanten toe om op het etiket van een product te vermelden dat er geen dierproeven zijn uitgevoerd "alleen*indien de fabrikant* \[...\]*geen*dierproeven heeft uitgevoerd*op het cosmetische eindproduct \[...\]* *of op een van de ingrediënten \[...\]"* [\[7\].](#_ftn7){#_ftnref7}
Is ECHA van mening dat cosmeticafabrikanten producten als dierproefvrij mogen etiketteren indien dierproeven zijn uitgevoerd op een stof die in deze producten wordt gebruikt voor een van de drie in de gezamenlijke verklaring genoemde doeleinden (milieueindpunten, blootstelling van werknemers en niet-cosmetisch gebruik van stoffen)?
Gelieve er nota van te nemen dat ik kan besluiten uw antwoord en de bijbehorende bijlagen voor commentaar naar de klager te sturen. Ik kan ook besluiten het antwoord van ECHA op mijn website te publiceren.
Als u documenten of informatie wilt indienen die u als vertrouwelijk beschouwt en die niet aan de klager mogen worden verstrekt, neem dan contact op met onze zaakbehandelaar, de heer Jan Stadler.
Graag ontvang ik het antwoord van uw instelling uiterlijk op 2 december 2016.
Mochten het standpunt van ECHA en dat van de Commissie over de klacht en de aangegeven specifieke kwesties samenvallen, dan aanvaard ik graag één antwoord met een verklaring in die zin.
Met vriendelijke groet,
Emily O'Reilly
Europese Ombudsman
[\[1\]](#_ftnref1){#_ftn1} Beschikbaar op: <https://echa.europa.eu/view-article/-/journal_content/title/clarity-on-interface-between-reach-and-the-cosmetics-regulation>
[\[2\]](#_ftnref2){#_ftn2} Overeenkomstig artikel 4, lid 2, van de uitvoeringsbepalingen van de Ombudsman.
[\[3\]](#_ftnref3){#_ftn3} Arrest in *de zaak European Federation for Cosmetic Ingredients,* C-592/14, ECLI:EU:C:2016:703.
[\[4\]](#_ftnref4){#_ftn4} Artikel 18 van de cosmeticaverordening (verordening (EG) nr. 1223/2009 van het Europees Parlement en de Raad van 30 november 2009 betreffende cosmetische producten, PB 2009, L 342, blz. 59).
[\[5\]](#_ftnref5){#_ftn5} Verordening (EG) nr. 1907/2006 van het Europees Parlement en de Raad inzake de registratie en beoordeling van en de autorisatie en beperkingen ten aanzien van chemische stoffen (REACH), tot oprichting van een Europees Agentschap voor chemische stoffen, houdende wijziging van richtlijn 1999/45/EG en houdende intrekking van verordening (EEG) nr. 793/93 van de Raad en verordening (EG) nr. 1488/94 van de Commissie alsmede richtlijn 76/769/EEG van de Raad en de richtlijnen 91/155/EEG, 93/67/EEG, 93/105/EG en 2000/21/EG van de Commissie (PB 2006, L 396, blz. 1).
[\[6\]](#_ftnref6){#_ftn6} Arrest *European Federation for Cosmetic Ingredients,* ECLI:EU:C:2016:703, punt 42.
[\[7\]](#_ftnref7){#_ftn7} Artikel 20, lid 3, van de cosmeticaverordening.