# Besluit van de Europese Ombudsman inzake klacht 1124/2001/GG tegen de Europese Commissie
- Auteur: Europese Ombudsman
- Datum: null
- [URL](https://www.ombudsman.europa.eu/nl/decision/nl/1605)
---
Straatsburg, 17 januari 2002

Geachte mevrouw P.,

Op 30 juli 2001 diende u namens Eurovisionen e.V. een klacht in bij de Europese Ombudsman waarin u beweerde dat de Commissie klager geen subsidie ten bedrage van € 7 142,85 had betaald die verschuldigd was op grond van een overeenkomst tussen klager en de Commissie.

Op 22 augustus 2001 heb ik deze klacht voor commentaar doorgestuurd naar de Commissie.

De Commissie heeft op 27 november 2001 advies uitgebracht over uw klacht. Ik heb u dit advies op 29 november 2001 toegezonden met de uitnodiging om, indien u dat wenst, uiterlijk op 31 december 2001 opmerkingen te maken. Dergelijke opmerkingen heb ik niet ontvangen. Nadat mijn diensten op 8 januari 2002 contact met u hadden opgenomen, deelde u mij echter mee dat u het weliswaar niet eens was met alle opmerkingen van de Commissie in haar advies, maar dat u tevreden was met de betaling die was verricht.

Ik schrijf u nu om u de resultaten te laten weten van de onderzoeken die zijn gedaan.

Het KLACHT
----------

Klager is een Duitse vereniging die bij de Europese Commissie een subsidie had aangevraagd in het kader van het programma "Een ziel voor Europa". Op 28 december 1999 deelde de Commissie klager mee dat zij had besloten haar een subsidie ten bedrage van € 7 142,85 toe te kennen en verzocht zij haar de desbetreffende overeenkomst te ondertekenen.

Volgens klager werd hem gevraagd de definitieve documentatie met betrekking tot het project in juni 2000 in te dienen. Op 30 augustus 2000 heeft de Commissie klager verzocht de bijlagen I tot en met III bij de overeenkomst te initialiseren en terug te zenden. Deze documenten zijn op 18 oktober en 8 december 2000 per fax aan de Commissie toegezonden. De Commissie heeft op 11 december 2000 de ontvangst bevestigd en verzocht om toezending van de originelen per post. De originelen zijn op 11 december 2000 verzonden.

In zijn in juli 2001 bij de Ombudsman ingediende klacht beweerde klager dat deze nog steeds niet was betaald.

Het onderzoek
-------------

**Het advies van de Commissie**   

In haar advies stelde de Commissie dat het eindverslag dat uiterlijk op 31 juli 2000 moest worden ingediend, pas op 27 oktober 2000 was ingediend. Wegens enkele fouten en inconsistenties was nadere informatie nodig. Deze informatie bereikte de diensten van de Commissie pas medio december 2000. Daardoor was het niet mogelijk geweest de eindbetaling vóór het einde van het jaar te verrichten. Om budgettaire redenen moest het benodigde bedrag opnieuw worden toegewezen voordat een betaling kon worden verricht. De betaling is uiteindelijk op 12 oktober 2001 verricht.

De Commissie herinnerde eraan dat klager overeenkomstig de bepalingen van de overeenkomst het recht had om rente te vragen wegens te late betaling.
**Opmerkingen van klager**   

De Ombudsman heeft geen schriftelijke opmerkingen van klager ontvangen. Klager deelde de Ombudsman echter mee dat hij het weliswaar niet eens was met alle opmerkingen van de Commissie in haar advies, maar wel tevreden was met de betaling die was verricht.

BESLUIT
-------

**1 Niet-betaling van de subsidie**   

1.1 Klager, een Duitse vereniging, voerde aan dat de Commissie de subsidie van € 7 142,85 die zij in een met klager gesloten overeenkomst had toegezegd, niet had betaald.

1.2 In haar advies verklaarde de Commissie dat het eindverslag te laat was ingediend en dat zij pas medio december 2000 nadere informatie had ontvangen die zij vervolgens had verlangd. Daardoor was het niet mogelijk geweest de eindbetaling vóór het einde van het jaar te verrichten. Om budgettaire redenen moest het benodigde bedrag opnieuw worden toegewezen voordat een betaling kon worden verricht. De betaling is uiteindelijk op 12 oktober 2001 verricht. De Commissie herinnerde eraan dat klager overeenkomstig de bepalingen van de overeenkomst het recht had om rente te vragen wegens te late betaling.

1.3 De Ombudsman heeft geen schriftelijke opmerkingen van klager ontvangen. Klager deelde de Ombudsman echter mee dat hij het weliswaar niet eens was met alle opmerkingen van de Commissie in haar advies, maar wel tevreden was met de betaling die was verricht.

1.4 Het lijkt er dus op dat de Commissie stappen heeft ondernomen om de zaak op te lossen en klager daarmee tevreden heeft gesteld.
**2 Conclusie**   

Op basis van het onderzoek van de Ombudsman naar deze klacht lijkt de Commissie stappen te hebben ondernomen om de zaak te schikken en daarmee de klager tevreden te stellen. De Ombudsman sluit daarom de zaak.

De voorzitter van de Europese Commissie zal ook van dit besluit in kennis worden gesteld.

Met vriendelijke groet,

Jacob SÖDERMAN