Wilt u een klacht indienen tegen een instelling of orgaan van de EU?
- NL Nederlands
Machinevertalingen kunnen fouten bevatten die de duidelijkheid en nauwkeurigheid van de informatie kunnen schaden; de Ombudsman kan niet aansprakelijk worden gehouden voor eventuele afwijkingen. Voor de grootste mate van betrouwbaarheid en rechtszekerheid wordt verwezen naar de bronversie in het Engels (klik op de link hierboven).
Meer informatie vindt u in ons taal- en vertaalbeleid.
Besluit in zaak 906/2020/VB over een verzoek van de Europese Commissie aan de leden van de EU-deskundigengroep inzake de vogel- en habitatrichtlijn (NADEG) betreffende een voorgestelde beperking van loodhagel in wetlands
Besluiten
Zaak 906/2020/VB - Geopend op Dinsdag | 04 augustus 2020 - Besluit over Donderdag | 17 december 2020 - Betrokken instelling Europese Commissie ( Geen verder onderzoek gerechtvaardigd ) - Land België
De zaak betrof een informatief document van de Europese Commissie aan de leden van de deskundigengroep inzake de vogelrichtlijn en de habitatrichtlijn (NADEG). In de nota heeft de Commissie de leden van de NADEG verzocht contact op te nemen met hun nationale autoriteiten om hen bewust te maken van en aan te moedigen voor een ontwerpverordening van de Commissie te stemmen, waarin nieuwe beperkingen op loodhagel in wetlands zijn opgenomen.
Klager, een lid van het Europees Parlement, voerde aan dat de Commissie met dit verzoek buiten haar mandaat handelde door via de leden van de NADEG invloed uit te oefenen op een stemming over een ontwerpuitvoeringshandeling.
De Ombudsman merkt op dat de Commissie er een legitiem belang bij heeft dat haar regelgevingsvoorstellen worden goedgekeurd. Niettemin is zij van mening dat het verzoek van de Commissie in casu verder ging dan passend is om haar rechtmatige belang te bevorderen.
De Ombudsman heeft geen bewijs dat dit een standaardpraktijk van de Commissie is. Als zodanig, en gezien het feit dat de desbetreffende stemming heeft plaatsgevonden, acht de Ombudsman het voldoende om de Commissie op de hoogte te stellen van haar standpunten over de zaak en dat verder onderzoek niet gerechtvaardigd is.
Achtergrond van de klacht
1. In 2015 vroeg de Europese Commissie [1] het Europees Agentschap voor chemische stoffen (ECHA) om de risico's van het gebruik van loodhagel in wetlands te onderzoeken.[2] Na onderzoek van de zaak trok ECHA de conclusie dat het gebruik van loodhagel in wetlands leidt tot een risico voor watervogels die gebruikt loodhagel binnenkrijgen en voor soorten die vogels die besmet zijn met loodhagel opslokken.[3]
2. Op basis van het advies van de wetenschappelijke comités van het ECHA [4] heeft de Commissie een ontwerpverordening [5] opgesteld waarin het gebruik en het vervoer van loodhagel in of binnen honderd meter van wetlands wordt verboden.
3. De ontwerpverordening van de Commissie werd ter goedkeuring voorgelegd volgens een zogenaamde comitologieprocedure [6], volgens welke de Commissie ontwerpuitvoeringshandelingen ter advies voorlegt aan het desbetreffende "comitologiecomité" - in dit geval het REACH-comité.[7] Na een positief advies legt de Commissie de ontwerpuitvoeringshandeling voor aan het Europees Parlement en de Raad van de EU. Indien het Parlement of de Raad bezwaar maakt tegen het ontwerp, kan de Commissie het niet aannemen.
4. In mei 2020 heeft de Commissie onder de leden van de deskundigengroep [9] inzake de vogel- en de habitatrichtlijn (NADEG) [10] een “informatiedocument”[8] verspreid over haar werkzaamheden om de beperking van het gebruik van loodhagel in wetlands in te voeren. In het informatiedocument heeft de Commissie de leden van de NADEG verzocht “contact op te nemen met de bevoegde nationale autoriteiten die verantwoordelijk zijn voor REACH, met name hun nationale vertegenwoordigers in het REACH-comité, om de kwestie onder de aandacht te brengen en te zorgen voor een positieve stemming over de ontwerpverordening van de Commissie [waarin de voorgestelde beperking is opgenomen]”.
5. Een lid van het Europees Parlement (EP-lid) heeft hierover contact opgenomen met de Commissie. Hij is van mening dat de Commissie met dit verzoek haar mandaat te buiten gaat door via de leden van de NADEG invloed uit te oefenen op een stemming over een ontwerpuitvoeringshandeling. Hij verzoekt de Commissie haar acties toe te lichten en hem mee te delen welke stappen zij zal ondernemen om te voorkomen dat een soortgelijke situatie zich in de toekomst opnieuw voordoet.
6. De Commissie antwoordde dat de uitvoering van de vogel- en de habitatrichtlijn en de Reach-verordening elkaar moeten ondersteunen. De leden van de NADEG, waaronder de nationale contactpunten voor de tenuitvoerlegging van de vogelrichtlijn en de habitatrichtlijn vallen, maken zich duidelijk zorgen over de lopende procedure om het gebruik van loodhagel in wetlands te beperken. Zij legt uit dat haar informatiedocument bedoeld is om hen bewust te maken van de komende beraadslagingen in het REACH-comité, zodat de nationale autoriteiten gecoördineerde en coherente besluiten kunnen nemen.
7. In mei 2020 besloot een ander EP-lid hierover een klacht in te dienen bij de Ombudsman.
8. Op 3 september 2020 heeft het REACH-comité positief gestemd over de ontwerpverordening van de Commissie.[11] Op 24 en 25 november 2020 heeft het Europees Parlement twee ontwerpresoluties tegen het voorstel van de Commissie verworpen.[12] De verordening van de Commissie zal dus naar verwachting in de nabije toekomst worden vastgesteld en de beperking op loodhagel zal 24 maanden na de inwerkingtreding van de verordening van toepassing zijn.
Het onderzoek
9. De Ombudsman opende een onderzoek naar het verzoek van de Commissie aan de NADEG-leden om contact op te nemen met nationale vertegenwoordigers in het REACH-comité om te zorgen voor een positieve stemming over de ontwerpverordening van de Commissie.
10. In de loop van het onderzoek ontving de Ombudsman het antwoord van de Commissie op de klacht en vervolgens de opmerkingen van klager in antwoord op het antwoord van de Commissie.
Aan de Ombudsman voorgelegde argumenten
11. De Commissie heeft haar in punt 6 hierboven beschreven argument herhaald. De NADEG is een subgroep van deskundigen waarin vertegenwoordigers van de Commissie, de autoriteiten van de lidstaten en andere belanghebbenden beraadslagen over de tenuitvoerlegging van de vogelrichtlijn en de habitatrichtlijn. Zij legde uit dat de leden van de NADEG niet onafhankelijk hoeven te handelen, aangezien zij belangen vertegenwoordigen die openlijk worden verklaard of de standpunten van de overheidsinstanties die zij vertegenwoordigen, kenbaar maken.
12. De Commissie zei dat zij in overeenstemming met de regels voor deskundigengroepen heeft gehandeld door de steun van de NADEG-leden te vragen voor een voorstel van de Commissie dat van cruciaal belang is voor de verwezenlijking van de doelstellingen van de vogelrichtlijn en de habitatrichtlijn.
13. Klager merkte op dat deskundigengroepen geacht worden de Commissie bij haar besluitvormingsproces te ondersteunen. Hij zei dat de Commissie de vergaderingen van de NADEG had moeten gebruiken om de adviezen van belanghebbenden en deskundigen te verzamelen, en niet om de leden van een puur technisch orgaan te vragen invloed uit te oefenen op een stemming over een ontwerpuitvoeringshandeling die in het REACH-comité moet worden genomen. Klager was van mening dat een dergelijk verzoek in strijd was met de regels voor deskundigengroepen.
14. Klager zei dat het recht op behoorlijk bestuur niet alleen vereist dat de EU-instellingen onpartijdige en objectieve besluiten nemen, maar ook dat de procedure die tot dat besluit leidt onpartijdig en objectief is.
Beoordeling door de Ombudsman
15. De Commissie heeft er een legitiem belang bij dat haar regelgevingsvoorstellen worden goedgekeurd. Het is dus begrijpelijk dat de Commissie haar standpunt in verschillende fora wil uitdragen en de voordelen uiteen wil zetten die zij met haar voorstellen voor het verkrijgen van steun voor deze voorstellen beoogt te bereiken. De Ombudsman is van mening dat de Commissie het recht heeft om leden van deskundigengroepen bewust te maken van aangelegenheden die van belang zijn voor de werkzaamheden van de groep. De Commissie heeft ook het recht de vertegenwoordigers van de lidstaten in een deskundigengroep te verzoeken hun tegenhangers in een comitologiecomité in kennis te stellen van een voorstel van de Commissie en van de mogelijke voordelen ervan. Er kan niet worden gesteld dat de Commissie bij de uitvoering van dergelijke acties ongepast handelt.
16. De Ombudsman is echter van mening dat het verzoek van de Commissie verder ging dan wat passend is om haar rechtmatige belang te bevorderen, toen zij de NADEG-leden uitdrukkelijk vroeg contact op te nemen met hun nationale autoriteiten om te pleiten voor een positieve stemming over de ontwerpverordening van de Commissie. Overeenkomstig de regels voor deskundigengroepen is de rol van deze groepen het verstrekken van advies en deskundigheid aan de Commissie.[13] Hun rol strekt zich ogenschijnlijk niet uit tot het beïnvloeden van een stemming in een comitologiecomité.
17. De Ombudsman erkent dat de NADEG bestaat uit vertegenwoordigers van de autoriteiten van de lidstaten. Het staat de vertegenwoordiger van elke lidstaat uiteraard vrij contact op te nemen met zijn collega in een ander deel van de nationale administratie dat deelneemt aan een comitologiecomité. Dit verandert echter niets aan het feit dat een deskundigengroep niet het geschikte forum is voor de Commissie om een verzoek als het verzoek aan de NADEG-leden in te dienen.
18. In het licht van het bovenstaande is de Ombudsman van mening dat het verzoek van de Commissie aan de NADEG-leden in dit geval niet passend was. Zij heeft echter geen aanwijzingen dat wat in deze zaak is gebeurd, een standaardpraktijk van de Commissie weerspiegelt. In het licht hiervan is de Ombudsman van mening dat het voldoende is om de Commissie op de hoogte te stellen van haar standpunten over de zaak en dat verder onderzoek niet gerechtvaardigd is. Dit is met name het geval omdat het Europees Parlement als politiek orgaan heeft besloten zich niet te beroepen op zijn recht om bezwaar te maken tegen de vaststelling van de in deze zaak aan de orde zijnde verordening van de Commissie.
Conclusie
Op basis van het onderzoek sluit de Ombudsman deze zaak af met de volgende conclusie [14]:
Op basis van deze klacht is verder onderzoek niet gerechtvaardigd.
Klager en de Commissie zullen van dit besluit in kennis worden gesteld.
Rosita Hickey
Directeur Onderzoeken
Straatsburg, 17/12/2020
[1] Overeenkomstig de procedure van de REACH-verordening: Verordening (EG) nr. 1907/2006 van het Europees Parlement en de Raad van 18 december 2006 inzake de registratie en beoordeling van en de autorisatie en beperkingen ten aanzien van chemische stoffen (REACH), tot oprichting van een Europees Agentschap voor chemische stoffen, https://eur-lex.europa.eu/legal-content/en/TXT/?uri=CELEX:02006R1907-20200824.
[2] In de artikelen 69 tot en met 73 van Verordening (EG) nr. 1907/2006 is de procedure vastgesteld voor de invoering van beperkingen op de vervaardiging, het in de handel brengen en het gebruik van bepaalde gevaarlijke stoffen, mengsels en voorwerpen.
[3] Europees Agentschap voor chemische stoffen, BIJLAGE XV Restriction Report, proposal for a restriction - lead, blz. 2, https://echa.europa.eu/documents/10162/13641/restrictions_lead_shot_axv_report_en.pdf/6ef877d5-94b7-a8f8-1c49-8c07c894fff7.
[4] In de artikelen 70 en 71 van Verordening (EG) nr. 1907/2006 is bepaald dat het Comité risicobeoordeling en het Comité sociaaleconomische analyse advies uitbrengen over de voorgestelde beperking. Het advies van het Comité over het bijlage XV-dossier waarin beperkingen op lood in hagel worden voorgesteld, is beschikbaar op https://echa.europa.eu/documents/10162/07e05943-ee0a-20e1-2946-9c656499c8f8.
[5] Ontwerpverordening (EU) van de Commissie tot wijziging van bijlage XVII bij Verordening (EG) nr. 1907/2006 van het Europees Parlement en de Raad inzake de registratie en beoordeling van en de autorisatie en beperkingen ten aanzien van chemische stoffen (REACH) wat betreft lood in hagel in of rond wetlands (D064660/06), https://ec.europa.eu/transparency/comitology-register/screen/documents/064660/6/consult?lang=nl.
[6] Regelgevingsprocedure met toetsing, artikel 5 bis van Besluit 1999/468/EG van de Raad.
[7] De comités bestaan uit één vertegenwoordiger uit elk EU-land en worden voorgezeten door een ambtenaar van de Commissie. Meer informatie: https://ec.europa.eu/info/law/law-making-process/adopting-eu-law/implementing-and-delegated-acts/comitology_en.
[8] https://circabc.europa.eu/sd/a/294754e0-cacf-4363-9f71-5eb5e0157ed2/Doc%20NADEG%2020-05-03%20Lead%20in%20ammunition%20-%20ECHA.pdf.
[9] Deskundigengroepen zijn adviesorganen die door de Commissie en haar diensten zijn opgericht om hen van advies en deskundigheid te voorzien. Meer informatie: https://ec.europa.eu/transparency/regexpert/index.cfm?do=faq.faq&aide=2.
[10] De NADEG is een subdeskundigengroep van de Coördinatiegroep voor biodiversiteit en natuur, waar de Commissie, de lidstaten en vertegenwoordigers van belanghebbenden samenwerken om de uitvoering van de vogelrichtlijn en de habitatrichtlijn te vergemakkelijken.
[11] Reach-comité, Extern stemformulier - Ontwerpverordening (EU) van de Commissie tot wijziging van bijlage XVII bij Reach-verordening (EG) nr. 1907/2006 wat betreft lood in hagel in of rond wetlands, https://ec.europa.eu/transparency/comitology-register/screen/documents/068887/1/consult?lang=nl.
[12] Ontwerpresoluties B9-0364/2020 en B9-0365/2020. De uitslag van de stemming over de moties is te vinden op https://www.europarl.europa.eu/doceo/document/PV-9-2020-11-25-VOT_EN.pdf.
[13] Besluit van de Commissie tot vaststelling van horizontale regels voor de oprichting en werking van deskundigengroepen van de Commissie, artikel 3, https://ec.europa.eu/transparency/regdoc/rep/3/2016/EN/3-2016-3301-EN-F1-1.PDF.
[14] Deze klacht is behandeld in het kader van gedelegeerde behandeling van zaken, overeenkomstig artikel 11 van het besluit van de Europese Ombudsman tot vaststelling van uitvoeringsbepalingen .