# Besluit in zaak OI/14/2017/MDC over de wijze waarop de Europese Commissie de term “maatschappelijke organisatie” heeft gedefinieerd in een oproep tot het indienen van voorstellen
- Auteur: Europese Ombudsman
- Datum: 2018-12-13T10:00+01:00[Europe/Paris]
- [URL](https://www.ombudsman.europa.eu/nl/decision/nl/107534)
---
> De zaak betrof de weigering van de Europese Commissie om een openbare universiteit te erkennen als "maatschappelijke organisatie" in het kader van een oproep tot het indienen van voorstellen. De Commissie was van mening dat de betrokken universiteit een overheidsactor was. Het verwierp het voorstel omdat maatschappelijke organisaties niet-overheidsactoren moesten zijn. Klager voerde aan dat de algemeen begrepen definitie van het begrip maatschappelijke organisaties ook universiteiten omvat en dat de afwijzing van de aanvraag door de Commissie oneerlijk was.
> 
> De Ombudsman opende een onderzoek naar de kwestie en stelde vast dat, hoewel de afwijzingsbrief van de Commissie onduidelijk was, de Commissie had bepaald of de universiteit in aanmerking kwam overeenkomstig de toepasselijke regels. De Ombudsman constateerde geen wanbeheer door de Commissie.
> 
> De Ombudsman was echter verheugd op te merken dat de Commissie erkende dat zij in toekomstige oproepen moet zorgen voor meer duidelijkheid met betrekking tot de definitie die wordt gebruikt voor "maatschappelijke organisaties".
> 
Achtergrond van de klacht
-------------------------

**1.** Klager is een vereniging die (als hoofdaanvrager) heeft gereageerd op een oproep tot het indienen van voorstellen van de Europese Commissie. De Commissie verwierp het voorstel en stelde dat overeenkomstig de *richtsnoeren voor subsidieaanvragers* (de "richtsnoeren voor aanvragers") de hoofdaanvrager en medeaanvragers maatschappelijke organisaties moeten zijn. In haar afwijzingsbrief merkte*zij op dat "\[o\]ne van de medeaanvragers \[...\] een openbare universiteit is en daarom niet als maatschappelijke organisatie, zijnde een niet-overheidsorganisatie, kan worden aangemerkt".*

**2.** Klager betwistte het besluit van de Commissie en verzocht haar dit te heroverwegen. Klager verklaarde dat de universiteit in kwestie een maatschappelijke organisatie is, omdat zij een "overheidsinstelling*zonder winstoogmerk is die onderzoek en bescherming van de mensenrechten nastreeft".* Zij merkte op dat de richtsnoeren voor aanvragers weliswaar geen maatschappelijke organisaties definiëren, maar verwijzen naar een instrument (de "richtsnoeren voor EU-steun aan het maatschappelijk middenveld in de uitbreidingslanden, 2014-2020", hierna de "EU-richtsnoeren" genoemd)[\[1\],](#_ftn1){#_ftnref1} dat op zijn beurt verwijst naar een mededeling[van de Commissie \[2\]](#_ftn2){#_ftnref2} waarin "onderzoeksinstellingen" als voorbeeld van maatschappelijke organisaties[worden genoemd \[3\].](#_ftn3){#_ftnref3}

**3.** De Commissie heeft de klacht afgewezen. Hij was van mening dat er geen universele definitie van de term maatschappelijke organisaties bestaat, met name in het kader van oproepen tot het indienen van voorstellen. Het voegde daaraan toe dat de definitie die de Commissie voor de betrokken oproep tot het indienen van voorstellen gebruikte, de definitie was die is opgenomen in de EU-richtsnoeren,*waarin maatschappelijke organisaties worden beschouwd als "niet-overheidsactoren zonder winstoogmerk die op onafhankelijke en verantwoordelijke basis actief* zijn". De Commissie wees erop dat de betrokken universiteit was geregistreerd als publiekrechtelijke instelling, zoals bevestigd door het formulier Juridische entiteit dat samen met de aanvraag was ingediend. De universiteit kon zich dus niet kwalificeren als maatschappelijke organisatie.

**4.**Aangezien klager ontevreden was over het standpunt van de Commissie, diende hij een klacht in bij de Ombudsman.

Het onderzoek
-------------

**5.** De Ombudsman opende op eigen initiatief een onderzoek naar aanleiding van de klacht[\[4\].](#_ftn4){#_ftnref4} Alvorens het onderzoek in te stellen, vroeg de Ombudsman klager uit te leggen hoe de universiteit, ondanks haar registratie als publiekrechtelijk orgaan, niettemin een niet-overheidsacteur was, en dus, zoals zij betoogde, een maatschappelijke organisatie.

**6.**Na ontvangst van het antwoord van klager op 14 november 2017 besloot de Ombudsman de volgende aspecten van de klacht te onderzoeken: aangezien de richtsnoeren voor aanvragers geen definitie van het begrip "maatschappelijke organisatie" bevatten en de afwijzingsbrief van de Commissie onduidelijk was, had klager geen goede gelegenheid om het standpunt van de Commissie te betwisten. De Ombudsman heeft de Commissie een aantal vragen gesteld om duidelijkheid te verkrijgen over de definitie van het begrip maatschappelijk middenveld. Zij heeft de Commissie ook verzocht aan te geven of zij, in het licht van de argumenten die klager in zijn correspondentie van 14 november 2017 had aangevoerd, de medeaanvragende universiteit in deze zaak nog steeds als niet-subsidiabel beschouwde.

**7.**In de loop van het onderzoek ontving de Ombudsman het antwoord van de Commissie en verzocht hij klager vervolgens opmerkingen te maken over het antwoord van de Commissie. Klager heeft geen opmerkingen ingediend.

### Aan de Ombudsman voorgelegde argumenten

**8.** Klager was van mening dat de Commissie haar verzoek ten onrechte had afgewezen, aangezien de afwijzingsbrief van de Commissie "niet*betwistte dat de universiteit \[...\] een niet-statelijke actor is. Zij bevestigden dit feit in hun brief."*

**9.** Klager citeerde vervolgens delen van de wet op het hoger onderwijs in Albanië, waar de universiteit is gevestigd, alsook delen van het statuut en de regelgeving van de universiteit[\[5\].](#_ftn5){#_ftnref5} Tegen deze achtergrond voerde klager aan dat de universiteit op onafhankelijke en verantwoordelijke basis opereert en academische autonomie en vrijheid geniet, wat tot uiting komt in haar zelfbestuur. Bovendien merkte de klager op dat hij voldeed aan andere criteria met betrekking tot niet-overheidsactoren die zijn vermeld op de website van DG DEVCO[\[6\].](#_ftn6){#_ftnref6}

**10.**In haar antwoord aan de Ombudsman stelde de Commissie dat klager niet als maatschappelijke organisatie kon worden aangemerkt.

**11.** Zij merkte op dat de beoordeling van de subsidiabiliteit van aanvragers in het kader van een oproep tot*het indienen van voorstellen "per geval wordt uitgevoerd".* Voor het litigieuze voorstel had zij de EU-delegatie in Albanië geraadpleegd. De beoordelingscommissie heeft het statuut en de door verzoekster overgelegde wettelijke registratiedocumenten onderzocht. De Commissie heeft geconcludeerd dat de betrokken universiteit een „overheidsactoren" is, aangezien zij zowel als **publiekrechtelijke instelling is geregistreerd** als **uit de overheidsbegroting wordt gefinancierd.** Volgens de Commissie was de afwijzing van het voorstel van verzoekster derhalve in overeenstemming met punt 2.1.4 van de richtsnoeren voor aanvragers, waarin staat dat "acties*die vallen onder de algemene activiteiten van bevoegde overheidsinstellingen of overheidsdiensten, met inbegrip van lokale overheden, niet in aanmerking komen voor financiële steun".*

**12.**Met betrekking tot de mogelijkheid om het besluit van de Commissie te betwisten, merkte de Commissie op dat klager in de afwijzingsbrief in kennis was gesteld van de rechtsmiddelen die hij kon aanwenden. De punten van klager waren grondig onderzocht in overeenstemming met de regels en beginselen van de Europese code van goed administratief gedrag.

**13.** De Commissie erkende echter dat zij moet zorgen voor meer duidelijkheid met betrekking tot de definitie die in toekomstige oproepen voor maatschappelijke organisaties wordt gebruikt.

### Beoordeling door de Ombudsman

**14.** De afwijzingsbrief van de Commissie was onduidelijk, waardoor klager de definitie van de Commissie van de term maatschappelijke organisaties die in het kader van deze oproep tot het indienen van voorstellen wordt gebruikt, verkeerd interpreteerde. Klager begreep de zinsnede in de afwijzingsbrief "een*niet-overheidsorganisatie zijn"* om te verwijzen naar de medeaanvrager en was van mening dat de Commissie daarmee bevestigde dat de betrokken medeaanvrageruniversiteit een niet-overheidsorganisatie was. Indien de afwijzingsbrief van de Commissie zorgvuldiger was opgesteld, was dit misverstand wellicht niet ontstaan.

**15.**De Ombudsman acht ook het argument van klager dat een algemeen begrepen definitie van de term maatschappelijke organisaties universiteiten omvat, gegrond.

**16.**Op basis van de uitleg van de Commissie is de Ombudsman er echter van overtuigd dat de Commissie in haar besluit om het verzoek van klager af te wijzen gerechtvaardigd was omdat het in dit geval niet in aanmerking kwam. Bovendien is de Ombudsman van oordeel dat de Commissie klager voldoende gelegenheid heeft geboden om zijn besluit aan te vechten.

**17.**Gezien de misverstanden die in deze zaak zijn ontstaan, stelt de Ombudsman met genoegen vast dat de Commissie heeft erkend dat zij moet zorgen voor meer duidelijkheid met betrekking tot de definitie die in toekomstige oproepen voor maatschappelijke organisaties wordt gebruikt.

**18.**Hoewel er in deze zaak tekortkomingen zijn vastgesteld, is de Ombudsman van oordeel dat het gedrag van de Commissie niet neerkwam op wanbeheer.

Conclusie
---------

Op basis van het onderzoek sluit de Ombudsman deze zaak af met de volgende conclusie:{#_ftnref7}

**In deze zaak was er geen sprake van wanbeheer door de Commissie.**

Klager en de Europese Commissie zullen van dit besluit in kennis worden gesteld.

Emily O'Reilly

Europese Ombudsman

Straatsburg, 11/12/2018

[\[1\]](#_ftnref1){#_ftn1} *Richtsnoeren voor EU-steun aan het maatschappelijk middenveld in de uitbreidingslanden, 2014-2020,* beschikbaar op:

<https://cdn3-eeas.fpfis.tech.ec.europa.eu/cdn/farfuture/S6fLEcQ6_cLwV2jZ5YOg7w1fDMswI1kouzeIRO4VeZ8/mtime:1540212300/sites/eeas/files/doc_guidelines_cs_support1.pdf>

[\[2\]](#_ftnref2){#_ftn2} Mededeling van de Commissie van 12 september 2012, getiteld *"De wortels van democratie en duurzame ontwikkeling: Betrokkenheid van Europa bij het maatschappelijk middenveld in het externe optreden* (COM(2012)0492), beschikbaar op:

https://eur-lex.europa.eu/LexUriServ/LexUriServ.do?uri=COM%3A2012%3A0492%3AFIN%3AEN%3APDF

[\[3\]](#_ftnref3){#_ftn3} De klager verwees ook naar het deel over maatschappelijke organisaties op de website van DG DEVCO (het directoraat-generaal Internationale Samenwerking en Ontwikkeling van de Commissie), waarin staat dat onder de actoren van het maatschappelijk middenveld ook universiteiten kunnen vallen. Volgens de klager beschouwen verschillende vooraanstaande internationale organisaties universiteiten als maatschappelijke organisaties.

[\[4\]](#_ftnref4){#_ftn4} Het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie en het statuut van de Europese Ombudsman bevatten bepaalde voorwaarden voor het instellen van een onderzoek door de Ombudsman. Een van deze voorwaarden is dat de

de klacht moet worden ingediend door een burger*van de Unie of een natuurlijke of rechtspersoon met verblijfplaats of statutaire zetel in een lidstaat van de Unie.* Aan deze voorwaarde werd niet voldaan door de klager, die

Gevestigd in Albanië. De Ombudsman was echter van mening dat er redenen waren om de zaak van klager voort te zetten door middel van een onderzoek op eigen initiatief, overeenkomstig artikel 228 VWEU.

[\[5\]](#_ftnref5){#_ftn5} Klager verklaarde dat de betrokken universiteit als openbare universiteit een openbare rechtspersoon is die zichzelf kan financieren, uit de staatsbegroting of uit andere bronnen kan worden gefinancierd.

[\[6\]](#_ftnref6){#_ftn6} Deze omvatten het bijeenbrengen van de belangrijkste structuren buiten de overheid en het openbaar bestuur; "het initiëren van initiatieven aan de basis om sociale veranderingen teweeg te brengen"; en "actief zijn op verschillende gebieden, waaronder mensenrechten, milieu en volksgezondheid".